Deel jouw ervaring

Verslaving

Hieronder lees je alle vragen over dit thema. Kan je iets niet vinden? Stel dan je vraag aan een van onze medewerkers via Vraag & Antwoord.

Hoe ga je om met je kind of puber en eventueel middelengebruik tijdens de coronacrisis?

De afgelopen periode hebben we veel vragen binnen gekregen van ouders en opvoeders die het even niet meer weten: hoe moet je in deze gekke periode omgaan met je kind of puber, die nu meer thuis zit dan normaal, en hoe moet je nou omgaan met eventueel middelengebruik?! Dat je met die vragen zit is heel logisch. Wij geven je graag een aantal tips:

Blijf met elkaar in gesprek.

Houd het contact met elkaar goed, vooral nu je dagelijks zoveel bij elkaar in de buurt bent. Bespreek ook met je kind wat hij leest of hoort over roken, alcohol, andere drugs en over het coronavirus.

Bied structuur en duidelijke regels.

Betrek je kind ook hierbij, dan zijn ze eerder geneigd om de regels na te leven. Het is belangrijk om, wat betreft middelengebruik, dezelfde regels te hanteren als normaal.

Leer je kind ‘nee’ zeggen.

Nu we allemaal zoveel mogelijk thuis moeten blijven, hebben we waarschijnlijk genoeg tijd om met elkaar in gesprek te gaan. Een kind in de puberteit wil graag ‘erbij horen’ en nee zeggen kan daardoor lastiger zijn. Bespreek alvast hoe je kind nee kan zeggen in lastige situaties, die hij ongetwijfeld gaat meemaken. Bedenk dat je, juist in deze periode van onzekerheid, meer dan ooit een voorbeeld bent voor je kind. Ook al heb je een opstandige puber thuis, stiekem kijken ze toch naar jou als voorbeeld voor hun eigen gedrag. Kijk dan ook kritisch naar je eigen gebruik van tabak, alcohol en andere drugs.

Heb oog voor de weerstand van je kind.

Een goede algemene weerstand is erg belangrijk om snel te herstellen van een ziekte, vooral in deze tijd is dat erg belangrijk. We weten dat tabak, alcohol en andere drugs een invloed kan hebben op je weerstand. Met name bij mensen die roken, kan het coronavirus heftiger zijn.

Maak gebruik van betrouwbare bronnen.

Het is mogelijk dat je kind heel veel informatie binnenkrijgt via social media, zoals Instagram, Facebook, Snapchat, maar niet alles is per se waar. Bedenk ook: er gaat op dit moment veel nepnieuws rond over het coronavirus. Blijf betrouwbare bronnen bezoeken zoals het RIVM en Rijksoverheid.

Neem gerust contact met ons op voor een adviesgesprek. Dat kan telefonisch via 020 – 590 1330 of stuur een mail naar preventie@jellinek.nl.

 

En lees hier meer tips over leven met een puber in tijden van Corona.

Wat zijn risico factoren bij stoppen met alcohol drinken?

Zelfstandig stoppen na langdurig overmatig gebruik

Als je langdurig en veel alcohol hebt gedronken kan het zijn dat stoppen met drinken risico’s met zich meebrengt. Dit komt doordat het lichaam zo gewend is aan een dagelijkse dosis alcohol dat het niet meer zonder kan. Als je langere tijd veel alcohol hebt gedronken is het belangrijk dat je niet zonder begeleiding stopt met drinken. Het gevolg kan zijn dat je last krijgt van allerlei verschijnselen, sommige hiervan kunnen erg gevaarlijk zijn, zoals een delier of een insult.

Overige risico factoren

Daarnaast is het verstandig om contact op te nemen met je huisarts als je wilt stoppen met drinken indien er sprake is van een chronische lichamelijke/psychische aandoening en/of medicijngebruik of veel lichamelijke/psychische klachten. Bijvoorbeeld bij:

Lichamelijke aandoeningen:

  • suikerziekte
  • hart- en vaatziekten
  • zwangerschap
  • epileptisch insult doorgemaakt
  • delirium doorgemaakt

Lichamelijke klachten:

  • gevoelsstoornissen
  • loopproblemen
  • braken
  • diarree
  • slechte voedingstoestand

Psychische klachten:

  • angst
  • manie
  • depressie
  • zelfmoordgedachten
  • psychose
  • geheugenproblemen
  • hallucinaties
  • zelfbeschadigend gedrag

 

Versie: augustus 2019

Wat is een maandkaart alcohol?

De maandkaart alcohol is bedoeld om mensen inzicht te geven in hun eigen gebruik. Vaak heb je zelf niet eens zo door hoe veel je nou eigenlijk drinkt. Je gebruik inzichtelijk maken helpt om je doel te bereiken. Op basis van de hoeveelheden die je invult kan je je gebruik veranderen. Het kan zijn dat het hiermee nog niet lukt. In dat geval kan je gebruik maken van de gratis online zelfhulp. In dit programma ga je zelfstandig aan de slag met het veranderen van je gebruik aan de hand van bepaalde lees- en maakopdrachten.

Instructie maandkaart alcohol:

Begin de kaart in te vullen vanaf het moment dat je je gebruik wilt veranderen. Je kan deze tabel overnemen in een schrift, uitprinten of op je computer opslaan.

In kolom 1 vul je in in hoeveel je maximaal wil gebruiken
In kolom 2 vul je in wat je werkelijk gebruikt
In kolom 3 de omstandigheden waaronder je meer gebruikte dan je wilde.

Per week wordt een onderscheid gemaakt in doordeweekse dagen (ma /t/m do) en het weekend (vrij t/m zo).

Maandkaart

Ik begin met minderen op ……………….. Aantal afgesproken glazen Aantal genomen glazen Omstandigheden (wie, waar, gevoel) waarbij ik meer dronk dan afgesproken
Week 1 ma t/m don Ma:

Din:

Woe:

Don:

Ma:

Din:

Woe:

Don:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 1 vrij t/m zo Vrij:

Zat:

Zon:

Vrij:

Zat:

Zon:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 2 ma t/m don Ma:

Din:

Woe:

Don:

Ma:

Din:

Woe:

Don:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 2 vrij t/m zo Vrij:

Zat:

Zon:

Vrij:

Zat:

Zon:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 3 ma t/m don Ma:

Din:

Woe:

Don:

Ma:

Din:

Woe:

Don:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 3 vrij t/m zo Vrij:

Zat:

Zon:

Vrij:

Zat:

Zon:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 4 ma t/m don Ma:

Din:

Woe:

Don:

Ma:

Din:

Woe:

Don:

Wie:

Waar:

Gevoel:

Week 4 vrij t/m zon Vrij:

Zat:

Zon:

Vrij:

Zat:

Zon:

Wie:

Waar:

Gevoel:

 

Versie: juni 2016

Ik wil meer controle over mijn drinken, hoe doe ik dat?

Overweeg je om minder te drinken? Of wil je graag meer controle over je gebruik? Wij hebben wat tips voor je op een rijtje gezet.

  • Oefening 1: Als je iets wilt veranderen in je drinkpatroon, is het goed om voorbereid te zijn. Welke momenten worden lastig? Wat zijn je zogenoemde risico-momenten? Bedenk vooraf alvast we je kunt doen in zo’n situatie, dat maakt het makkelijker om bij je keuze te blijven. Iets wat je hierbij kan helpen is de digitale zelfhulp: Jellinek.nl/zelfhulp
  • Oefening 2: Ga eens bij jezelf na wat de voordelen zijn van minder drinken (bijvoorbeeld maximaal 2 glazen). En wat de nadelen zijn van het drinken van méér dan 2 glazen? Zowel op de korte termijn als de lange termijn.
  • Oefening 3: Spreek met jezelf af hoeveel glazen je maximaal wilt drinken. Haal niet meer alcohol in huis of neem niet meer geld mee naar de kroeg. Zo kun je ook niet snel in verleiding gebracht worden om meer te drinken dan je van plan was. Als je zin hebt om meer te drinken, probeer dan de behoefte een half uur uit te stellen. Trek duurt ongeveer een half uur. Ga in dat half uur iets doen om je af te leiden, je zou bijvoorbeeld kunnen gaan slapen, lezen, muziek luisteren, sporten, iemand bellen, tv kijken, gamen, ommetje maken of lees wat je bij oefening 2 hebt opgeschreven. Meestal is de trek na dat half uur verdwenen.
  • Belonen: Beloon jezelf als je je aan je eigen voornemen hebt gehouden! Trakteer jezelf bijvoorbeeld op een goed boek, lekkere chocola, naar de film gaan etc.

Tot slot nog wat tips: 

  • Wissel het drinken af. Drink na elk glas drank een glas fris. Hierdoor is je drinktempo lager en is het makkelijker om de controle te behouden.
  • Hou je glas niet in je hand want dan drink je het sneller leeg. Zet het glas op de bar of een tafeltje.
  • Hou bij hoe veel glazen je drinkt en hou er rekening mee dat flesjes en blikjes gelijk staan aan 1,5 glas. Drink je 6 blikjes bier, dan staat die gelijk aan 9 standaard glazen.

Versie: augustus 2019

Verloopt het alcoholpromilage anders bij alcoholisten?

Wat betreft promillage is er wel verschil tussen mannen en vrouwen. Bij mannen geldt voor elk standaardglas alcohol 0,2 % en bij vrouwen 0,3 %. Bij een goede leverfunctie wordt een standaardglas alcohol weer afgebroken in ongeveer 1,5 uur. Lees hier meer over opname van alcohol, en hoe alcohol door het lichaam wordt afgebroken.

Als iemand 20 blikken bier per dag drinkt. En dit wordt met 1.5 uur per glas afgebroken. Dan is de hoeveelheid alcohol na 1 dag nog niet volledig afgebroken.
Wanneer die persoon opnieuw begint te drinken, dan telt dit promillage inderdaad op bij het resterende aanwezig promillage.

Als iemand een slechte leverfunctie heeft wordt de alcohol minder snel en goed afgebroken. Omdat de lever de alcohol niet goed kan verwerken duurt het dus langer om af te breken, houdt het promillage langer aan en stapelt het promillage verder op.

Chronisch en overmatig alcoholgebruik kan de lever beschadigen en zo leiden tot een verslechterde leverfunctie. Als dit het geval is verloopt het promillage dus inderdaad anders dan bij iemand die een goede leverfunctie heeft.

Hier is echter geen tabel voor. Omdat dit per persoon kan verschillen en afhangt van de mate van leverbeschadiging en resterende leverfunctie. De enige manier om dit te testen is de leverwaarden te meten via bloedonderzoek.

 

Versie: augustus 2019

Is het gevaarlijk om in 1 keer te stoppen met alcohol?

Met alcohol kan het in sommige gevallen (na hevig gebruik) inderdaad gevaarlijk zijn voor de gezondheid om zelfstandig, of in 1 keer, te stoppen. Er kan bijvoorbeeld een delirium optreden, je kunt last krijgen van epileptische aanvallen en je kunt enorm ziek worden. In die gevallen kan het dus beter zijn om niet zelfstandig te stoppen maar onder professionele begeleiding. Maar of dit het geval is hangt helemaal af van hoelang en hoeveel er is gedronken.

Of dit ook voor jou geldt kunnen we dus helaas niet zo aangeven. Dit kun je enkel in overleg met je huisarts bepalen op basis van jouw gebruik. De huisarts kan dan de mogelijke risico’s inschatten en de verschillende mogelijkheden met je bespreken. Hier kun je lezen bij welke factoren het risico groter is.

Heb je in de afgelopen tijd of misschien jarenlang elke dag veel alcohol gebruikt en wil je dan in 1 keer stoppen? Doe dit dan altijd in overleg met je huisarts. Het kan namelijk zijn dat je last krijgt van ernstige ontwenningsverschijnselen. Je huisarts kan tijdens je stoppoging een oogje in het zeil houden. Tijdelijke medicatie of geruststelling kan helpen om je door deze eerste moeilijke periode heen te helpen. Je huisarts kan je ook verwijzen naar een instelling voor verslavingszorg, die je met kortdurende hulp en medische begeleiding kan helpen de eerste maanden goed door te komen.

Als je wel besluit zelfstandig te gaan stoppen, houd altijd goed je lichamelijke signalen en klachten in de gaten. Lichte onthoudingsverschijnselen zijn normaal, komen vaak voor en gaan normaliter na een week weer over. Wanneer er sprake is van zwaardere ontwenningsverschijnselen, zoek dan toch je huisarts op.

 

Versie: augustus 2019

Nooit dronken zijn en toch te veel drinken, kan dat?

We krijgen regelmatig vragen binnen van mensen die aangeven meer te drinken dan de officiële richtlijn voor verantwoord alcoholgebruik, maar dat ze daar geen of weinig last van hebben en eigenlijk nooit dronken worden.

Volgens de Gezondheidsraad heeft alcohol voor volwassenen weinig risico’s bij maximaal 1 glas per dag. Bij 1 glas is bij vrouwen de kans op het ontwikkelen van borstkanker iets hoger dan bij geen alcohol. Omdat risico’s niet helemaal zijn uit te sluiten zijn is het beter om te spreken over aanvaardbaar gebruik in plaats van verantwoord gebruik.

Met Jellinek’s anonieme zelftest alcohol kun je nagaan of jouw alcoholgebruik veilig of riskant is.

Als je meer dan de aanbevolen maximum hoeveelheid drinkt en je hebt er geen last van, dan betekent dat niet dat er niets in het lichaam gebeurt. Ook al voel je de effecten misschien niet direct, toch levert een te grote dagelijkse alcoholconsumptie steeds grotere risico’s op. Die risico’s gelden voor de lever, maar ook voor hart- en bloedvaten en alle organen in je lichaam. Er zit als het ware voortdurend gif in je lichaam. Door iedere dag te drinken, is je lichaam continu bezig om de alcohol af te breken. Dat kost veel energie.

Als je merkt dat je steeds meer alcohol nodig hebt om het effect te merken, dan heb je een tolerantie ontwikkeld voor alcohol. Dat betekent dat het roes-effect van alcohol steeds minder voelbaar wordt. Het lichaam en met name de lever zijn dan gewend geraakt grote hoeveelheden alcohol te verwerken. Om dezelfde roes te kunnen voelen heb je steeds meer alcohol nodig. Als je ineens stopt met alcohol, bestaat de kans dat je je lichamelijk niet prettig voelt en een groot verlangen voelt naar alcohol.

Het is dan ook goed om met de gewoonte van dagelijks drinken te breken. Alcohol moet iets zijn voor bijzondere gelegenheden. Het is goed om enkele dagen per week niet te drinken, zodat je de gewoonte doorbreekt.

In het begin zal dat behoorlijk wennen en omschakelen zijn. Afhankelijk van de hoeveelheid die je dagelijks dronk, zullen de verschijnselen die je dan voelt heftiger of minder heftig kunnen zijn. Vaak melden mensen dat ze problemen hebben in het begin met het inslapen, omdat ze de alcohol als ‘slaapmutsje’ gebruikten. Op den duur zal je slaapkwaliteit echter enorm verbeteren. Door alcohol slaap je snel in, maar de slaapkwaliteit en de diepe slaap worden eigenlijk verstoord door alcohol. Je rust daardoor niet echt uit.

Er zijn allerlei hulpmogelijkheden, als je denkt dat je wat support nodig hebt om te stoppen of te minderen met alcohol.

Je kunt het helemaal zelfstandig en anoniem doen met online zelfhulp programma’s zoals de gratis Jellinek Online Zelfhulp Alcohol. Of hulp vragen via je huisarts. Mocht je last krijgen van ontwenningsverschijnselen, dan kan je huisarts je ondersteunen met tijdelijke medicatie om je de eerste tijd door te helpen.

Maar je kunt ook altijd overwegen om wat meer persoonlijke hulp te vragen bij een instelling voor verslavingszorg zoals Jellinek of bij instellingen elders in Nederland.

Bij Jellinek kun je altijd een gratis adviesgesprek aanvragen over de mogelijkheden. Een persoonlijk advies kun je telefonisch aanvragen van maandag tot en met vrijdag tussen 9.00-11.00 en 15.00-17.00 uur bij het Jellinek Expert Team op T 088 – 505 1220.

 

Versie: augustus 2019

Last van vermoeidheid na stoppen met drinken, hoe kan dat?

Vermoeidheid kan optreden wanneer je stopt met het gebruik van alcohol. Dit wordt een onthoudingsverschijnsel genoemd. Lichte onthoudingsverschijnselen zijn normaal en komen vaak voor. Meestal verdwijnen lichte onthoudingsverschijnselen na ongeveer een week. Vermoeidheid is het onthoudingsverschijnsel dat het langst aanhoudt. Je kunt hier nog een behoorlijk lange tijd last van houden. Hoelang de onthoudingsverschijnselen duren en hoe hevig ze zijn heeft onder andere te maken met hoelang en hoeveel er gedronken is, de lichamelijke conditie en gevoeligheid.

Wanneer je last hebt van zwaardere onthoudingsverschijnselen. Of de verschijnselen houden lang aan. Ga dan toch even langs je huisarts. Tijdelijke medicatie of geruststelling en tips kunnen helpen om je door deze eerste moeilijke periode heen te helpen. De huisarts kan jou eventueel ook verwijzen naar een instelling voor verslavingszorg, die jou met kortdurende hulp en medische begeleiding kan helpen de eerste maanden goed door te komen.

Zorg in ieder geval voor goede lichaamsbeweging. Maak er een gewoonte van om minstens 1 á 2 uur te sporten of te wandelen. Op deze manier word je “gezond moe” omdat je iets hebt gedaan. Als je te weinig beweegt omdat je al moe bent, wordt de moeheid alleen maar erger. Let op gezonde voeding en drink veel water. Neem daarnaast vitamine B tabletten als aanvulling op jouw dagelijkse eten.

Je zult op den duur ook weer beter gaan slapen. Probeer een goed dag- en nachtritme in te bouwen in jouw leven omdat de vermoeidheid anders langer aan kan houden. Dus ga pas naar bed als je echt moe bent, maar sta elke dag op een vast moment en bij voorkeur vroeg in de ochtend op. En probeer overdag niet te slapen, hoe moe je ook bent. In het begin is het misschien lastig opstaan, maar je zult dan ’s avonds eerder moe worden en steeds vroeger naar bed gaan, totdat je op een gegeven ogenblik een vast tijdstip kunt bepalen om te gaan slapen en om op te staan. Dit ritme zorgt voor structuur van jouw dag.

Lees op de Jellinek website meer over de onthoudingsverschijnselen die je kunt voelen, hoelang die kunnen duren en hoe je er mee om kunt gaan.

 

Versie: augustus 2019

Is alcoholvrij bier een goed alternatief?

Kan alcoholvrij bier een goed alternatief zijn, als je geen alcohol meer drinkt?

Het is per persoon verschillend of alcoholvrij bier een goed alternatief kan zijn voor alcohol. Als het mensen helpt om geen echte alcohol te hoeven drinken, dan is het niet persé een bezwaar.

Wel kan het drinken van alcoholvrij bier de trek in ‘echt’ bier oproepen en associaties met alcohol en de sfeer daaromheen in stand houden.

De drinker moet ook goed opletten dat het om echt alcoholvrij bier gaat door goed het etiket te lezen of er ook daadwerkelijk 0% alcohol in zit.

Lees meer bij Wat is het verschil tussen alcoholvrij en alcoholarm bier en het advies over alcoholvrij bier op AlcoholInfo.nl.

 

Versie: augustus 2019

Wat kan ik doen als ik een ouder zie die te veel drinkt en ik me zorgen maak om het kind?

Maak je je zorgen over een kind of kinderen van een drinkende ouder?

Het beste is om die persoon er rechtstreeks op aan te spreken. Maar doe dit bij voorkeur op een vragende manier. Probeer te vermijden dat je met verwijten begint.

Leg uit dat je je zorgen maakt. Meld rechtstreeks dat je ziet dat de persoon drinkt, dat je je daar zorgen om maakt en dat je graag wilt weten wat de voordelen en de leuke, prettige kanten zijn van het drinken. Op die manier moet iemand zelf gaan bedenken wat er prettig is aan het drinken.

Vervolgens kun je de vraag stellen aan die persoon of er ook nadelige kanten aan zitten.

Op deze manier laat je de persoon zelf aan het woord en moet deze zelf bedenken wat de voor- en nadelen zijn van het drinken. Als er ruimte is gekomen om ook over de nadelen te praten, kun je aankaarten of de persoon in kwestie ook wel eens heeft gedacht aan hulp zoeken.

Die hulp kan heel licht zijn, van zelfhulp tot een korter of langer durende leefstijltraining. Als iemand hulp overweegt bij Jellinek, dan is het altijd mogelijk om vrijblijvend gratis advies te krijgen. Andere instellingen voor verslavingszorg kun je vinden via Zorgkaart Nederland.

Meer tips kun je lezen op onze Sterk Ernaast pagina.

Komen jullie er niet samen uit en blijf je je zorgen maken over het welzijn van het kind of de kinderen, kijk dan in jouw omgeving of jouw zorgen gedeeld worden door anderen om de kinderen heen en schakel de huisarts in van de kinderen. Samen kunnen jullie kijken of er meer hulp geboden kan worden.

 

Versie: augustus 2019

Waarom zou ik meedoen aan IkPas?

IkPas is een campagne waarbij de deelnemers een maand géén alcohol drinken. Er zijn twee mogelijkheden. In januari, deze periode staat ook wel bekend als Dry January. En tijdens de vastenperiode na de carnaval. Deze start eind februari en duurt 40 dagen.

Wat levert meedoen aan IkPas me op?

Veel mensen hebben onbewust een patroon aangenomen, waarbij het vanzelfsprekend is om vrijwel dagelijks één of meerdere glazen alcohol te drinken. Om die gewoonte te doorbreken is de IkPas campagne ontwikkeld. Naast het doorbreken van de gewoonte hebben de deelnemers van voorgaande edities verschillende voordelen ervaren van een tijd geen alcohol drinken, zoals meer energie hebben en beter slapen. Bovendien blijkt het goed voor de huid en is het een goede manier om af te vallen. Veel deelnemers gaan ook na afloop bewuster met alcohol om.

Ga jij de uitdaging met jezelf aan? Jellinek en IkPas helpen je daar natuurlijk bij.

Maak een frisse start van het nieuwe jaar en wordt weer bewust van je alcoholgebruik. Je kan je aanmelden via deze link. Samen met IkPas hebben we een Facebookpagina waar je wekelijks tips, vragen, artikelen en recepten kunt vinden. Deze pagina’s zijn ingedeeld per regio waar Jellinek actief is. Dit betreffen Amsterdam, Utrecht en Amersfoort.

Duurt het veel te lang voordat de campagne weer start? Dan kan je natuurlijk altijd zelf besluiten een maand niet te drinken. Als je daarvoor tips wilt kan je altijd contact opnemen met het Jellinek Expert Team via 088 505 1220.

Samen meedoen is leuker dan alleen. Nodig jij familie en vrienden uit?

Na de feestdagen samen een gezonde start van het jaar maken? Nodig je vrienden uit en laat het ons weten dat jullie samen mee doen. Samen meedoen is tenslotte leuker dan alleen.

Aanmelden en Facebookpagina

Kijk voor meer informatie op www.ikpas.nl. Direct aanmelden kan via deze link. Meld je voor hieronder ook voor onze Facebookpagina aan:

Jellinek en IkPas Amsterdam
Klik hier voor de Facebookpagina van IkPas Amsterdam

Jellinek en IkPas Amersfoort
Klik hier voor de Facebookpagina van IkPas Amersfoort

Jellinek en IkPas Utrecht
Klik hier voor de Facebookpagina van IkPas Utrecht

 

Versie: mei 2020

Weekkaart alcohol

Instructie:

Begin de kaart in te vullen vanaf het moment dat je wilt minderen.

In kolom 1 vul je in hoeveel je eigenlijk zou willen drinken
In kolom 2 het werkelijk aantal glazen
In kolom 3 de omstandigheden waaronder je meer dronk dan je wilde.

 

Ik begin met minderen op… Aantal glazen Aantal gedronken glazen Omstandigheden (wie, waar, gevoel) waarbij ik meer dronk dan afgesproken
Maandag
Dinsdag
Woensdag
Donderdag
Vrijdag
Zaterdag
Zondag
Totaal

 

Versie: juni 2020

Afsprakenlijst alcohol of drugs: wat is dat en wat kun je ermee?

Samen afspraken maken over alcohol- of druggebruik

De Afsprakenlijst is een lijst die je samen met je partner of kind kunt invullen. De lijst vraagt naar voor- en nadelen van gebruik en naar de bekendheid met tips over verstandig gebruik. Bedoeling van de lijst is dat je samen met je partner of kind een aantal afspraken maakt over het gebruik.

Samen invullen betekent dat men het zoveel mogelijk eens moet worden over de antwoorden. Lukt dat niet, noteer dan beide antwoorden. Belangrijk is dat je de vragenlijst invult als je partner of kind nuchter is.  Er zijn in totaal 3 afsprakenlijsten.  De afsprakenlijst alcohol of cannabis voor partner en kind zijn dezelfde. Alleen de intro is anders. Hieronder de links en als voorbeeld de afsprakenlijst alcohol.

Afsprakenlijst Alcohol
Afsprakenlijst Hasj en Wiet

 

Versie: juni 2020

Wat is het post-acute withdrawal syndrome (PAWS)?

Het post-acute withdrawal syndrome (PAWS) is een syndroom waarbij klachten na het afkicken van een bepaald middel (zoals alcohol, benzodiazepinen, opiaten of een ander middel) persistent blijven bestaan voor langere periode. Het komt het vaakst voor na langdurig benzodiazepinen gebruik. Iemand kan last houden van klachten als angsten, slapeloosheid, depressie, trillen en pijn. Mensen met een hoog stress- of angstniveau en mensen met persoonlijkheidsproblematiek lopen het grootste risico om dit te krijgen.

Er is weinig bekend over dit syndroom en er is ook weinig onderzoek naar gedaan. Vandaar dat het ook niet wordt benoemd in de DSM, het handboek voor de psychiatrie. Echter uit de verslavingswereld komen wel regelmatig geluiden over het probleem. Het kan soms een jaar of zelfs meerdere jaren aanhouden. In de meeste gevallen gaat het vanzelf weer over. Er zijn ook geen medicijnen bekend die hierbij helpen. Mensen hebben vaak wel baat bij psychologische steun.

 

Versie: juni 2020

Wanneer ben je verslaafd?

Criteria van verslaving

Verslaving wordt vastgesteld aan de hand van 11 criteria van de zogenaamde DSM-V* De DSM-V is een wereldwijd gebruikt boek waarin alle psychiatrische aandoeningen beschreven staan. De DSM spreekt niet van alcoholisme of verslaving maar van “stoornissen in het gebruik van middelen” (substance abuse disorders). Een “stoornis in het gebruik van middelen” kan ontstaan door gebruik van verschillende middelen zoals alcohol, cannabis, opiaten of stimulerende middelen.

Voldoe je aan twee of drie criteria dan heb je een milde stoornis in het gebruik van middelen. Voldoe je aan vier of vijf criteria dan is er sprake van gematigde (moderate) stoornis en bij zes of meer symptomen is er sprake van een ernstige stoornis.

De 11 criteria zijn:

  1. Vaker en in grotere hoeveelheden gebruiken dan je van plan was.
  2. Mislukte pogingen om te minderen of te stoppen.
  3. Het verkrijgen of gebruiken van het middel en het herstellen van gebruik kosten veel tijd.
  4. Sterk verlangen om te gebruiken.
  5. Door gebruik tekortschieten op het werk, school of thuis.
  6. Blijven gebruiken ondanks dat het problemen meebrengt in het sociale of relationele vlak.
  7. Door gebruik opgeven of sterk verminderen van hobby’s, sociale activiteiten of werk.
  8. Voortdurend gebruik, zelfs wanneer je daardoor in gevaar komt.
  9. Voortdurend gebruik ondanks weet hebben dat het gebruik lichamelijke of psychische problemen met zich mee brengt of verergert.
  10. Grotere hoeveelheden nodig hebben om het effect nog te voelen oftewel tolerantie.
  11. Het optreden van onthoudingsverschijnselen, die minder hevig worden door meer van de stof te gebruiken.

Misbruik

De vorige versie van de DSM V, de DSM IV, maakte nog een verschil tussen afhankelijkheid en misbruik. Je misbruikt alcohol of drugs wanneer je in een jaar tijd last hebt van tenminste één van de onderstaande symptomen:

  • Gebruik gaat ten koste van je werk, school of thuis.
  • Voortdurend gebruik ondanks terugkerende problemen op sociaal gebied (ruzies).
  • Herhaaldelijk gebruik in gevaarlijke situaties zoals in het verkeer.
  • Door gebruik kom je herhaaldelijk in contact met politie of justitie.

WHO

Er is ook een definitie van Wereld GezondheidsOrganisatie (WHO). Deze definitie komt grotendeels overeen met de definitie van de DSM IV. Volgens de WHO is sprake van afhankelijkheid als zich het afgelopen jaar drie van onderstaande symptomen hebben voorgedaan.

  • Een sterk verlangen om te gebruiken (het verlangen varieert van licht tot zeer heftig).
  • Meer gebruiken dat je wilt ofwel moeite hebben om het gebruik te controleren, dat wil zeggen het moeilijk vinden om gebruik uit te stellen, matig te gebruiken of om op tijd te stoppen.
  • Minder aandacht besteden aan hobby’s, sociale contacten en werk.
  • Doorgaan met gebruik ondanks de wetenschap dat gebruik schade oplevert (zoals gezondheidsproblemen, ruzies met omgeving, problemen op het werk).
  • Veel tijd besteden aan gebruik en het herstellen ervan.
  • Tolerantie.
  • Last hebben van onthoudingsverschijnselen.

Verslaving is echter niet het enige risico van alcohol- of druggebruik. Andere grote risico’s zijn de gezondheidsschade door gebruik van een bepaald middel, en maatschappelijke problematiek, zoals financiële of sociale problemen.

Op de site kun je een groot aantal testen doen om te testen of je riskant gebruikt.

* Diagnostical Statistical Manual, versie 5

 

Versie: mei 2020

Wat is de stepping stone of de gateway drug theorie?

De zogenaamde stepping stone (of gateway drug) theorie stelt dat het gebruik van een bepaald middel kan leiden tot het gebruik van andere, zwaardere middelen. In 1975 werd hier voor het eerst over gepubliceerd. Deze theorie werd in het verleden veel gebruikt om bijvoorbeeld het gebruik van cannabis in diskrediet te brengen.

Er werd verondersteld dat het gebruik van cannabis automatisch leidt tot het gebruik van andere gevaarlijke middelen. Dus ook al lijkt cannabis in sommige gevallen redelijk onschuldig, het gebruik ervan zou volgens de theorie tot problemen met bijvoorbeeld cocaïne of heroïne kunnen leiden.

De wetenschappelijke onderbouwing van deze theorie is echter erg dun. Het is gebaseerd op onderzoek waaruit bleek dat mensen die ooit cannabis hebben gebruikt, een grotere kans hebben om later ook andere middelen te gaan gebruiken. Hierbij is echter de fout gemaakt om correlatie te verwarren met causatie.

Uit latere onderzoeken bleek dat cannabis waarschijnlijk niet de oorzaak van het andere gebruik was. Waarschijnlijk zijn sommige mensen die cannabis gebruiken vanwege bepaalde persoonlijkheidskenmerken ook eerder geïnteresseerd in andere middelen.

Uit ander onderzoek blijkt dat wellicht alcohol en nicotine vanwege hun specifieke uitwerking op het brein ‘gateway drugs’ kunnen zijn. Echter zijn er ook bij deze onderzoeken een aantal kanttekeningen te plaatsen. Waarschijnlijk spelen bij mensen andere factoren een grotere rol.

 

Bronnen:

  1. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4291295/
  2. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4929049/
  3. http://www.oxfordscholarship.com/view/10.1093/acprof:oso/9780195138931.001.0001/acprof-9780195138931-chapter-3
  4. http://advances.sciencemag.org/content/3/11/e1701682
  5. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4353486/
  6. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/1188374

 

Versie: januari 2019

Wanneer ben je verslaafd aan alcohol?

De DSM-V

Verslaving wordt vastgesteld aan de hand van elf van de zogenaamde DSM-V*  De DSM-V is een wereldwijd gebruikt boek waarin alle psychiatrische aandoeningen beschreven staan. De DSM spreekt niet van verslaving of alcoholisme maar van ‘stoornissen in het gebruik van middelen’ (substance abuse disorders). ‘Stoornissen in het gebruik van middelen’ omvat zowel misbruik van middelen (substance abuse) als afhankelijkheid van middelen (substance dependance). Een stoornis in het gebruik van middelen kan ontstaan door gebruik van verschillende middelen zoals alcohol, cannabis, opiaten en stimulerende middelen.

Ernst van  de stoornis

De ernst van de stoornis kan vastgesteld worden aan de hand van elf criteria. Voldoe je aan twee of drie criteria dan heb je een milde stoornis in het gebruik van middelen. Voldoe je aan vier of vijf criteria dan is er sprake van gematigde (moderate) stoornis en bij zes of meer symptomen is er sprake van een ernstige stoornis.

Criteria

De elf criteria aan de hand waarvan de ernst van ‘stoornis in middelengebruik’ vastgesteld kan worden, zijn:

  • Vaker en in grotere hoeveelheden gebruiken dan het plan was;
  • Mislukte pogingen om te minderen of te stoppen;
  • Gebruik en herstel van gebruik kosten veel tijd;
  • Sterk verlangen om te gebruiken;
  • Door gebruik tekortschieten op het werk, school of thuis;
  • Blijven gebruiken ondanks dat het problemen meebrengt in het relationele vlak;
  • Door gebruik opgeven van hobby’s, sociale activiteiten of werk;
  • Voortdurend gebruik, zelfs wanneer je daardoor in gevaar komt;
  • Voortdurend gebruik ondanks weet hebben dat het gebruik lichamelijke of psychische problemen met zich meebrengt of verergert;
  • Grotere hoeveelheden nodig hebben om het effect nog te voelen oftewel tolerantie;
  • Het optreden van onthoudingsverschijnselen, die minder hevig worden door meer van de stof te gebruiken.

Jellinek

De alcoholonderzoeker Jellinek beschreef een aantal symptomen die optreden wanneer iemand alcoholist wordt. Centraal stond bij hem het begrip controleverlies. Dat wil zeggen dat drinkers ondanks de beste voornemens om matig te drinken, toch telkens weer ‘doorzakken’. Jellinek had het idee dat iemand van dat controleverlies nooit meer afkwam. Tegenwoordig wordt dat niet meer zo absoluut gezien en spreken we eerder van een ‘verminderde controle’ (impairment of control).

Omvang

In Nederland hebben van de bevolking tussen 18 en 64 jaar 480.000 mensen een stoornis in het gebruik van middelen. Bij 0,7% (80.000 mensen) is sprake van ernstige stoornis. Zij zijn afhankelijk van alcohol. Bij 3,7% (400.000 mensen) is sprake van misbruik.

Ben ik verslaafd?

Ben je benieuwd of je zelf te veel drinkt? Bekijk dan de volgende pagina:

Wanneer ben je verslaafd aan alcohol?

Of doe de zelftest!

Zou je zelf graag je alcoholgebruik willen veranderen? Zie dan de volgende pagina’s:

Maandkaart alcohol

Online zelfhulp

Behandeling

 

*DSM-V: Diagnostical Statistical Manual versie 5

 

Versie: februari 2016

Wanneer is iemand een probleemdrinker of heeft iemand een alcoholverslaving?

Een probleemdrinker is iemand die langere tijd veel drinkt en hierdoor problemen heeft gekregen. Dat kunnen problemen zijn op gebied van gezondheid, werk of relationele problemen. 10% van de Nederlandse bevolking tussen 16 en 69 jaar is probleemdrinker. Dit zijn 1,1 miljoen mensen.

Een alcoholist is iemand die sterk verlangt naar alcohol, wel wil maar niet kan minderen en blijft gebruiken ondanks de schade die het gebruik oplevert. 0,7% van de bevolking tussen 18 en 64 jaar is alcoholist. Dit zijn 82.400 mensen.

Probleemdrinkers

Een probleemdrinker is iemand die veel drinkt en allerlei problemen heeft die met het drinken te maken hebben. Dit kunnen gezondheidsklachten of problemen met relaties of werk zijn. Verder kunnen er problemen ontstaan door verkeersongelukken of door geweld en agressie. Ook kunnen er verslavingsproblemen optreden.

Vaak heeft iemand met alcoholproblemen zo veel problemen dat door de omgeving gezegd wordt: logisch dat de man drinkt, hij heeft het ook zo moeilijk. Vergeten wordt dan dat veel problemen juist door het drinken zijn ontstaan. Jellinek heeft eens een campagne gevoerd met de slogan:

Drink je omdat je het moeilijk hebt of heb je het moeilijk omdat je drinkt?

Deze slogan maakte duidelijk dat problemen ook vaak door het alcoholgebruik ontstaan.

Zware drinkers

Zware drinkers worden gedefinieerd als mensen die tenminste 1 keer per week meer dan 6 glazen drinken. 77,3% van de bevolking van 12 jaar en ouder drinkt. Daarvan is 11,3% een zware drinker (bron: CBS, 2014).

Alcoholisten

De DSM-V (Diagnostical Statistical Manual versie V) spreekt niet van alcoholisme maar van “stoornissen in middelengebruik”. De DSM-V is een internationaal gebruikt boek waarin alle psychiatrische aandoeningen beschreven staan. “Stoornissen in het gebruik van middelen” omvat zowel afhankelijkheid van middelen (substance dependance) als misbruik van middelen (substance abuse).

De stoornis en de ernst daarvan kan vastgesteld worden aan de hand van 11 verschillende criteria als sterk verlangen naar alcohol, mislukte pogingen om te minderen en blijven gebruiken ondanks dat dat problemen oplevert. In Nederland is 0,7% van de bevolking tussen 18 en 64 jaar  (80.000 mensen) afhankelijk van alcohol. Bij nog eens 3,7% (400.000 mensen) is sprake van misbruik (1).

Ben ik verslaafd?

Ben je benieuwd of je zelf te veel drinkt? Bekijk dan de volgende pagina:

Wanneer ben je verslaafd aan alcohol?

Of doe de zelftest!

Zou je zelf graag je alcoholgebruik willen veranderen? Zie dan de volgende pagina’s:

Maandkaart alcohol

Online zelfhulp

Behandeling

Bronnen

  1. De Graaf, R., NEMISIS onderzoek, Trimbos Instituut.

 

Versie: februari 2016

Hoe zie je dat iemand verslaafd raakt aan alcohol?

Je raakt niet zomaar verslaafd. Daar gaan vaak jaren overheen. Zo is bijvoorbeeld duidelijk geworden dat mensen die bij Jellinek aankloppen al zo’n zeven jaar met allerlei alcoholproblemen rondlopen. Verslaafd raken aan alcohol duurt dus een hele tijd.

Het grootste risico lopen mensen die alcohol voortdurend gebruiken om van stemming te veranderen. Ze merken dat ze zonder alcohol niet meer vrolijk kunnen worden of hun spanningen of angsten niet meer kwijt kunnen raken.

Bij mensen die verslaafd raken zie je in de loop van de tijd de volgende verschijnselen optreden:

Drinken voor het effect

De motor achter het verslaafd raken aan alcohol is het drinken vanwege het effect. De drinker wil van stemming veranderen, even een vrolijk gevoel krijgen of even geen last hebben van spanningen, angsten of somberheid. Nu drinken we allemaal wel eens om van stemming te veranderen. Alcohol maakt immers vrolijk en licht. De stemmingsverandering die de drinker nastreeft is voor hem echter veel noodzakelijker en dwingender. Zonder alcohol lukt het hem gewoon niet. Hij voelt zich slecht en gebruikt de alcohol om zich weer goed te voelen. Dat zou misschien nog niet eens zo erg zijn als hij dat een enkel keertje doet maar wanneer hij dat systematisch doet loopt hij het risico dat zijn lichaam aan de alcohol went. Een beetje drinken helpt dan niet echt meer. Hij heeft steeds meer nodig om het effect nog te voelen.

Gulzig drinken

De drinker drinkt snel, heeft altijd als eerste zijn glas leeg. Soms drinkt hij stiekem. Het gebruik mag niet al te veel opvallen.

Verlangen naar alcohol

De drinker kan zeer sterk verlangen naar alcohol en onrustig worden als aan dat verlangen niet tegemoet kan worden gekomen.

Optreden van black-outs

Bij een black-out vergeet je wat er tijdens de roes gebeurd is. Je weet bijvoorbeeld niet meer hoe je thuis gekomen bent. In het begin schrik je van black-out maar voor een drinker wordt het in toenemende mate normaal. Met name deze onverschillige houding tegenover een black-out is een signaal.

Het ontstaan van problemen als gevolg van alcoholgebruik

Drinken gaat ten koste van  familie/vrienden, werk en hobby’s. In toenemende mate krijgt de drinker problemen met familie en werk. Problemen die eerder het gevolg zijn van het vele drinken dan de oorzaak ervan. De vraag: “Drink ik omdat ik problemen heb of heb ik problemen omdat ik drink?” wordt actueel. De problemen worden bestreden door opnieuw te drinken. Zo komt de drinker in een spiraal naar beneden terecht.

Het wennen aan alcohol ofwel het ontstaan van tolerantie

Op een gegeven moment voelt de drinker het effect van de alcohol niet meer zoals eerst en heeft hij meer en meer nodig. De stemming moet immers ‘om’. Het drinken voor het effect aan de ene kant en de toenemende gewenning of tolerantie aan de andere kant, zorgen ervoor dat de drinker steeds meer drinkt.
Het niet voelen van het effect betekent niets anders dan dat de drinker een behoorlijke tolerantie heeft opgebouwd. De opmerking “Mij drink je niet onder tafel” wordt meestal met enige trots gebracht maar betekent ook dat degene die dat zegt al een aardige drankcarrière achter de rug heeft.

Last hebben van onthoudingsverschijnselen

Op een gegeven moment treden ook nog onthoudingsverschijnselen op zoals slecht slapen, transpireren, trillen en angstig en gespannen worden.

Last hebben van controleverlies

Als er lange tijd veel gedronken is, kan controleverlies optreden. De drinker is dan niet meer in staat om na een aantal drankjes te stoppen en drinkt door tot totale dronkenschap.

Het drinken onderhoudt zichzelf

Op een gegeven moment houden al deze verschijnselen de verslaving in stand. De drinker komt in een aantal vicieuze cirkels terecht. Vier cirkels zie je optreden:

  • De farmacologische cirkel: de onthoudingsverschijnselen worden bestreden met drank. De onthoudingsverschijnselen verdwijnen voor even om daarna weer heftiger terug te komen.
  • De psychische cirkel: het gebruik geeft aanleiding tot schaamte- en schuldgevoelens. De oplossing wordt gezocht in alcohol waardoor de schaamte- en schuldgevoelens de volgende dag alleen maar toenemen.
  • De sociale cirkel: door het drinken ontstaan ruzies en problemen en de drinker raakt geïsoleerd van de mensen om hem heen. Hij kan zijn partner en werk kwijt raken. Eenzaamheid, ruzie en problemen zijn redenen om weer te gaan drinken.
  • De cerebrale cirkel: door het gebruik van alcohol treedt hersenbeschadiging op. Hierdoor kan de drinker minder weerstand bieden aan de impuls om te drinken.

Bronnen

Darryl Inaba- Uppers, downers, all rounders. Physical and mental effect of psychoactive drugs.

 

Versie: juni 2020

Welke rol spelen de hersenen bij het verslaafd raken aan alcohol?

Bij het ontstaan van verslaving zijn verschillende delen van de hersenen betrokken:

  • Het zogenaamde beloningscentrum. Dit centrum in de hersenen zorgt ervoor dat je je lekker voelt.
  • Het geheugen. Het geheugen zorgt ervoor dat je positieve ervaringen herinnert.
  • De neocortex. Een deel van de neocortex (nieuwe hersenen) zorgt ervoor dat niet meteen toegegeven wordt aan allerlei verlangens. Bij mensen die een vergroot risico op verslaving lopen en bij mensen met een verslaving functioneren deze delen van de hersenen anders of minder goed. Sommige medicatie kan op deze delen van de hersenen ingrijpen.

Het beloningscentrum

Het beloningscentrum in de hersenen zorgt ervoor dat bepaalde gedragingen met een prettig gevoel beloond worden. Dit zijn vooral gedragingen die voor het voortbestaan van de soort van belang zijn zoals eten en seksuele activiteit. Het beloningscentrum zit in middenhersenen. De middenhersenen zijn ook betrokken bij instincten, verlangens, dorst, hongergevoel en emoties als woede en angst. Alcohol is in staat om het beloningscentrum op een zeer krachtige manier te prikkelen. Om die reden ga je je na gebruik van alcohol lekker voelen.

Dopamine en genen

Het beloningscentrum wordt geprikkeld door een bepaald stofje in de hersenen. Dit stofje heet dopamine. Alcohol zorgt ervoor dat er extra dopamine afgegeven wordt. De afgegeven dopamine wordt opgevangen door zogenaamde dopamine receptoren. Nu kan een bepaald gen ervoor zorgen dat er minder dopaminereceptoren zijn. Het beloningscentrum functioneert dan minder goed waardoor iemand minder goed in staat is te genieten.
Bij een minder goed functionerend beloningscentrum zal het gebruik van alcohol (of drugs) extra dopamine vrijmaken en een zeer krachtige en positieve ervaring opleveren. Hierdoor zijn zij vatbaarder voor verslaving. Deze genetische structuur is erfelijk bepaald.

Afname receptoren door frequent gebruik

Maar er is nog iets. Door frequent gebruik van alcohol neemt het aantal dopamine receptoren af. Het toch al slecht functionerende beloningscentrum gaat hierdoor nog slechter functioneren. Bovendien wordt het ook minder gevoelig voor alcohol. Hierdoor zal meer gebruikt moeten worden om het oorspronkelijke effect nog te kunnen voelen.

Zo kan langdurig gebruik blijvende veranderingen in het brein veroorzaken. Er zijn dus twee redenen waarom verslaafden minder dopamine receptoren hebben:

  • door hun genen
  • door het voortdurende gebruik

Het geheugen

Het positieve gevoel na gebruik (en de omstandigheden waaronder dit gebruik plaatsvond, bijvoorbeeld in een café) wordt door de middenhersenen in het geheugen opgeslagen. Het vormen zeer krachtige herinneringen die later een sterke trek of verlangen kunnen oproepen. Hierdoor ligt terugval in gebruik op de loer. Bijvoorbeeld als je weer in het café bent. De krachtige manier waarop de herinnering aan de effecten van alcohol door de midden hersenen wordt opgeslagen, betekenen in zekere zin een verandering van de hersenen.

De nieuwe hersenen

De nieuwe hersenen of wel de neocortex vormen het rationele deel van de hersenen. Een deel van de cortex heeft tot taak de conflicten tussen verlangens (verlangen naar het effect en de roes van alcohol) enerzijds en rationele overwegingen (ik moet morgen werken) anderzijds in goede banen te leiden. De middenhersenen zullen willen toegeven aan dit verlangen. De nieuwe hersenen zullen dit willen voorkomen. Bij mensen met een verslaving functioneert de neocortex minder goed. Maar er is nog iets. Door het vele drinken gaat de neocortex nog slechter functioneren. Er zijn dus twee redenen waarom de neocortex minder goed functioneert:

  • het vermogen om met conflicten tussen verlangens en rationele overwegingen om te gaan functioneert minder goed;
  • door het voortdurende gebruik gaat dit vermogen nog verder achteruit.

Bio-psychosociaal model

De hersenen worden tegenwoordig gezien als een zeer belangrijke factor bij het ontstaan bij verslaving. Zo sterk zelfs dat wel gesproken wordt als verslaving als hersenziekte. Maar er zijn ook nog andere factoren als aangeboren kwetsbaarheid (biologische factoren) zoals je persoonlijke ontwikkeling (psychische factoren) en omstandigheden (sociaal/maatschappelijke factoren). Angst, falen op school, slechte gezinssituatie en op vroege leeftijd beginnen spelen ook een rol. Ook de ruime beschikbaarheid, jeugdcultuur en prijs zijn medebepalend. Als al deze factoren in elkaar grijpen kan een verslaving ontstaan.

Conclusie

Door een minder goed functionerend beloningssysteem (voor een deel genetisch bepaald) en een minder goed functionerende cortex zijn mensen vatbaarder voor verslaving. Bovendien veranderen door het gebruik de hersenen: er komen minder dopaminereceptoren, er ontstaan krachtige herinneringen en het vermogen om met conflicten om te gaan gaat nog verder achteruit. Door deze veranderingen in de hersenen raakt iemand nog vatbaarder. Behalve de hersenen spelen ook je persoonlijke ontwikkeling en de maatschappij een rol.

Zie ook: de animatie alcohol en de hersenen.

 

Versie: juni 2020

Is alcoholisme genetisch bepaald?

Het risico op alcoholverslaving wordt voor ongeveer 50% verklaard uit erfelijke factoren. Genen spelen een rol bij het ontstaan van alcoholisme. De rol van genen kan verschillend zijn. Zij kunnen een rol spelen bij het functioneren van het beloningscentrum of ze kunnen ervoor zorgen dat iemand sneller onder invloed raakt. Hierdoor is er als het ware een ingebouwde rem op veel drinken. Bij jongeren kan een ander type gen er juist voor zorgen dat zij zich niet zo snel dronken voelen waardoor ze juist meer gaan drinken. Er is echter niet één ‘risicogen’ voor alcoholverslaving (1). Omgevingsfactoren spelen ook een grote rol.

Dat genen belangrijk zijn blijkt uit een Amerikaans onderzoek. Als een van je ouders alcoholist is heb je een 34% grotere kans om ook alcoholist te worden. Als beide ouders alcoholist zijn is er zelfs een 40% grotere kans (2).

Genen alleen verklaren niet of iemand alcoholist wordt of niet. Ook omgeving en allerlei andere factoren spelen een rol. Iemand met een erfelijke belasting die op een onbewoond eiland woont, zal nooit alcoholist worden terwijl iemand die zonder erfelijke belasting opgroeit in een drankcultuur wel degelijk alcoholist kan worden. Met andere woorden: genen alleen maken geen alcoholist. Daar is toch meer voor nodig.

Tweeling studies

Bij eeneiige tweelingen blijkt dat als een van hen verslaafd raakt er een kans is van 53 % dat de ander ook verslaafd is. Bij twee-eiige tweelingen (die genetisch meer van elkaar verschillen) ligt die kans maar op 23% (3).

Onderzoek onder kinderen

Een onderzoek uit Denemarken gaf ook sterke aanwijzingen voor een erfelijke belasting. In dit onderzoek werden geadopteerde kinderen waarvan een van de natuurlijke ouders alcoholist was, vergeleken met adoptiekinderen zonder alcoholistische ouders. Toen de kinderen volwassen waren, bleek alcoholisme vaker voor te komen bij geadopteerde kinderen van wie de natuurlijke ouders alcoholist waren dan bij geadopteerde kinderen van wie de natuurlijke ouders geen alcoholist waren.

Gen CYP2EI

Uit onderzoek bleek dat een bepaald type gen CYP2EI ervoor kan zorgen dat mensen zich na enkele glazen sterke drank meer dronken voelen dan anderen (4). Iets dergelijks is ook gevonden bij Aziatische volken. Zij hebben een soort natuurlijke rem op alcoholisme. Zij missen een bepaald enzym (het ALDH-enzym) waardoor de alcohol slechts gedeeltelijk afgebroken wordt en giftige stoffen in het bloed blijven circuleren. Hierdoor word je ziek. Het ziek worden werkt dan als een rem om veel te drinken.

Beloningscentrum

Een ander type gen dat mogelijk van belang is, is een gen dat van invloed is op de dopaminehuishouding in de hersenen. Hierdoor kan het beloningscentrum bij de een minder goed functioneren dan bij de ander. Bij een minder goed functionerend beloningscentrum kan gebruik van alcohol of drugs een sterk positief effect teweegbrengen waardoor frequent gebruik makkelijk kan ontstaan (5).

Een ander onderzoek zegt dat niet één type gen verantwoordelijk is voor verslaving.

Het onderzoek naar het kunnen voorspellen van alcoholisme bij kinderen richt zich overigens niet op erfelijkheid alleen, maar veel meer op het combineren van allerlei factoren (markers) die kunnen voorspellen of kinderen tot een hoge of lage risicogroep horen. Daar horen erfelijke factoren bij, maar ook factoren die met opvoeding en milieu te maken hebben.

Bronnen:

  1. Schellekens, Dopamine en overmatig alcoholgebruik: genen in interactie met hun omgeving. 
  2. Uppers, downers, all rounders. Physical and mental effect of psychoactive drugs.
  3. Donders, De rol van genetische factoren bij alcoholverslaving
  4. ACER, North Carolina 2010
  5. Brink 2006, Verslaving een chronisch recidiverende hersenziekte

 

Versie: juni 2019

Wanneer kan ik weer sociaal drinken?

Veel mensen die een tijd problematisch alcohol hebben gedronken willen graag weer sociaal kunnen drinken. Of je weer sociaal of matig kunt drinken hangt af van de ernst van het alcoholprobleem.

In deze situaties is het moeilijker om weer sociaal/matig te gaan drinken:

  • Als je voor het effect drinkt, ofwel drinkt om onder invloed te willen zijn. Als je drinkt omdat je nuchter zijn niet kan verdragen. Dan wil je onder invloed zijn, en ben je vooral uit op het effect. Dit effect vind je niet als je matig drinkt.
  • Ontwikkeling van tolerantie. Als je uit bent op het effect van alcohol en tegelijkertijd een flinke tolerantie ontwikkeld hebt dan is sociaal drinken erg moeilijk. Je zult dan aan een paar glazen niet genoeg hebben. Als we tegen een alcoholist zeggen dat hij maar twee glazen mag drinken zal hij waarschijnlijk zeggen: dan kan ik net zo goed limonade drinken.
  • Het hebben van controleverlies. Controleverlies wil zeggen dat je ondanks de beste voornemens om matig te drinken, je toch vaak de controle verliest en doorzakt. Controleverlies maakt sociaal drinken moeilijk.
  • Het hebben van ernstige psychische en sociale problemen. Als je veel problemen hebt, is het waarschijnlijk dat je alcohol gebruikt om de problemen te verzachten. Maar ook hier kan de ontwikkeling van tolerantie een spelbreker zijn. Als je sociaal gaat drinken zullen die twee of drie glazen  niet helpen om problemen te verzachten of te onderdrukken. Het vervelende gevoel blijft. De neiging om dan meer te gaan drinken dan het plan was, is dan erg groot. Met andere woorden: als je sociaal wil leren drinken, moet je eerst leren om met je problemen om te gaan. Daarvoor is hulp soms noodzakelijk.
  • Een lange drankhistorie maakt sociaal drinken ook moeilijker. Als je lange tijd gedronken hebt, valt het immers niet mee om uw drankgewoonten te veranderen.
  • Als er in de omgeving veel gedronken wordt. Als je uit een omgeving komt waar overmatig alcoholgebruik gebruikelijk is, dan is het moeilijk om hier als enige matig te gaan drinken.

 

Versie: juni 2020

Wanneer heb ik mijn afhankelijkheid overwonnen?

Er staat geen vaste periode voor het loskomen van alcohol. Als je net gestopt bent met drinken, denk je er nog veel aan, maar op een gegeven moment vervagen deze gedachten steeds meer. Hoelang dat duurt, is niet te zeggen. Dat is persoonlijk, maar duidelijk is dat het weer op orde hebben van je leven helpt.

Is dit het geval en heb je een drukke (maar niet TE drukke) agenda dan zul je steeds minder aan alcohol denken.

Niet meer afhankelijk zijn betekent o.a. dat je niet meer uit bent op het effect van alcohol. Je hebt het niet langer nodig als middel om van stemming te veranderen. Niet afhankelijk zijn wil echter nog niet meteen zeggen dat alcohol voor een ex-drinker hetzelfde is als voor iemand die altijd matig gedronken heeft.

Dat komt omdat mensen die lang en veel gedronken hebben, aan alcohol gewend zijn geraakt en omdat zij in meer of mindere mate last hebben van controleverlies.

Wennen aan alcohol

Mensen die veel drinken, wennen aan alcohol. Zij hebben steeds meer nodig het effect nog te voelen. Door te stoppen wordt die gewenning weliswaar weer afgebroken, maar gaan zij weer drinken dan ontwikkelt de gewenning zich weer snel. Wil je toch weer iets van de uitwerking van alcohol voelen, dan zit je door die snel optredende gewenning zo weer aan hoge niveaus.

Controleverlies

Verder kunnen mensen die lang en veel gedronken hebben in meer of mindere mate last hebben van controleverlies. Dat betekent dat ze zich niet meer kunnen houden aan de afspraak die ze met zichzelf gemaakt hebben om maar een bepaald aantal drankjes te drinken.

Het eerste drankje, brengt een kettingreactie teweeg, waardoor toch weer meer gedronken wordt. Als je last hebt van controleverlies, kun je gewoon niet meer matig drinken.

Dus:

Voorwaarde om weer te gaan drinken is dus dat je het effect van alcohol niet meer nodig hebt en geen controleverlies hebt. Je drinkt alleen voor de smaak. In veel gevallen betekent weer gaan drinken dat je opnieuw het gevecht met alcohol moet aangaan. Dat je er weer de hele dag mee bezig bent. Je kunt zich afvragen of dat wel de moeite waard is.

 

Versie: juni 2020

Hoe ontstaat trek of verlangen naar alcohol?

Het ervaren van trek/behoefte is een normaal verschijnsel bij mensen die stoppen of minderen met drinken. Je kunt daar soms nog maanden last van hebben.

Trek kan opgeroepen worden door in een situatie terecht te komen, waarin je normaal gesproken een drankje nam. Bijvoorbeeld na een gedane klus of wanneer je vrienden op bezoek krijgt. Dergelijke situaties worden ook wel risicosituaties genoemd. Ook prikkels als het ruiken van alcohol of het zien van mensen die drinken (bijvoorbeeld in een reclame of film) kan trek oproepen.

Verder kunnen emoties zoals spanningen of neerslachtigheid ook trek oproepen.

Wanneer je geconfronteerd wordt met dergelijke prikkels bereidt jouw lichaam zich voor op de komst van de alcohol en ervaar je (sterke) trek/behoefte.

Gevoelens van trek duren niet eeuwig, ze gaan vaak na een half uur weer over. Het is een soort golfbeweging. Ook worden gevoelens van trek over tijd minder sterk en komen ze minder vaak voor. Als je al 5 jaar niet meer drinkt zullen die gevoelens minder sterk zijn dan als je net een week gestopt bent.

 

Versie: juni 2020

Zijn er bij alcoholproblemen verschillen in geslacht?

Mannen en vrouwen met alcoholproblemen drinken vaak om verschillende redenen.

Vrouwen met alcoholproblemen:

  • komen vaker uit gezinnen met een alcoholprobleem.
  • drinken vaker als reactie op negatieve situaties, om pijn te verdoven.
  • drinken vaker stiekem en alleen.
  • hebben eerder last van schuldgevoelens, depressies e.d..
  • krijgen eerder problemen met lever, maag, hart en bloedvaten.
  • zijn vaak hoogopgeleide vrouwen.

Mannen met alcoholproblemen:

  • drinken vaker om zich een houding te geven; stoer en avontuurlijk.
  • drinken vaker uit frustratie en tegen spanning en depressiviteit.
  • gebruiken drank als medicijn.
  • hebben vaak een lage opleiding genoten (1, 2, 3).

Achtergrond

Vrouwelijke probleemdrinkers komen vaker dan mannen uit gezinnen met een alcoholprobleem. Zij hebben daarnaast in meer gevallen (50%) ook een drinkende partner. Vrouwelijke probleemdrinkers gebruiken meer benzodiazepinen (slaap- en kalmeringsmiddelen) dan mannen en lijden vaker aan depressies en angststoornissen. Ook ondergaan zij vaker een psychiatrische behandeling.

Mannen drinken vaker grote hoeveelheden en vaker in het openbaar met anderen. Mannen hebben vaker stoornissen als impulscontrole en een antisociale persoonlijkheid.

Redenen van drinken

Vrouwen drinken vaker dan mannen als reactie op negatieve situaties, zoals onaangename emoties, conflicten met anderen of fysiek ongemak. Veel voor alcoholproblemen behandelde vrouwen zeggen dat zij in hun jeugd of op latere leeftijd seksueel misbruikt zijn of seksueel geweld meegemaakt hebben.

Drinken is voor hen een manier om hier mee om te gaan. Vrouwen met een alcoholprobleem rapporteren ook vaak dat zij een eetstoornis hebben of hebben gehad. In verschillende onderzoeken bleek dat veel vrouwen met anorexia ook problemen met alcohol hadden. Bij boulimia ligt dat percentage nog hoger.

Mannen drinken vaker om zich een houding te geven; om stoer over te komen. Mannen gebruiken drank ook vaak als medicijn.

Drinkpatroon

Vrouwen die veel drinken, drinken eerder stiekem en alleen. Dat komt omdat er nog steeds een taboe bestaat op het drinken door vrouwen. Alcoholproblematiek openbaart zich bij vrouwen veel later dan bij mannen. Gemiddeld 4 tot 8 jaar later.

Soorten problemen

Vrouwen zeggen dat zij als gevolg van hun alcoholgebruik vaak psychische problemen hebben, zoals gevoelens van schaamte, schuld en depressies. Ook zeggen zij vaker dan mannen dat zij door alcohol ruzie in het gezin krijgen.

Mannen zeggen vaker dat zij problemen met de buitenwereld hebben, zoals problemen op het werk, rijden onder invloed, financiële problemen en problemen met politie en justitie.

Lichamelijke schade

Lever, maag en hart en bloedvaten lopen bij vrouwen eerder schade op dan bij mannen. Levercirrose komt bij excessief drinkende vrouwen twee keer zoveel voor als bij mannen.

Seksuele problemen

Vrouwen met alcoholproblemen hebben vaak seksuele problemen, met name gebrek aan seksuele interesse. Verder is er vaak sprake van menstruatieproblemen, vroege menopauze, miskramen en vroeggeboorten. Overigens hebben ook vaak mannen seksuele problemen als gevolg van alcohol.

FAS

Vrouwen die tijdens de zwangersvchap chronisch excessief drinken lopen het risico een kind met een zogenaamd Foetaal Alcohol Syndroom te krijgen (FAS) te krijgen. Het FAS kenmerkt zich door ernstige fysieke gebreken en zwakzinnigheid. Ook matig alcoholgebruik kan negatieve effecten hebben op de foetus. Het drinken van twee glazen of meer per dag kan, vooral als men ook rookt, blijvend de groei, de lichaamsbouw en de verstandelijke vermogens van het kind beïnvloeden.

Hulp

In 2014 zochten 30.764 mensen hulp voor alcoholproblemen. 72% hiervan is man 28% vrouw (4). Vanwege veranderde privacy wetgeving zijn dit de meest recente cijfers.

Bronnen

  1. Factsheet Sekse en Alcoholverslaving, UMC St Radboud Nijmegen, 2011
  2. Lammers, S., Vrouwen en alcoholproblemen Uit: Informatorium Alcoholisme, NZP Medical Publishing
  3. S. Lammers, Alcoholverslaving, in: Lagro-Jansen & Noordenbos(red.) Sekseverschillen in ziekte en gezondheid. Nijmegen (Sun) 1997.
  4. SIVZ

 

Versie: juni 2020

Om welke redenen willen mensen minderen of stoppen met drinken?

Mensen hebben verschillende reden waarom ze willen minderen of stoppen. Hieronder een aantal redenen die mensen noemen in het forum van Jellinek Online Zelfhulp .

  • Ik wil geen katers meer
  • Ik wil geen black-outs* meer
  • Ik wil gezonder leven
  • Ik wil niet meer moe en humeurig zijn
  • Ik wil niet dikker worden
  • Mijn lichaam zegt: kappen nu
  • Als ik zo doorga loop ik kans dat ik leverkanker krijg
  • Er gaat me teveel tijd, geld en gezondheid in zitten!!
  • Ik maak me zorgen over mijn gezondheid
  • Ik wil controle over mezelf
  • Ik wil weer inspiratie opdoen
  • Ik wil van mijn leven genieten
  • Ik wil meer doen
  • Ik wil meer actieve dingen met de kinderen doen
  • Ik wil me uitgerust en fit voelen
  • Ik wil geen dingen meer uitstellen
  • Ik wil geen ruzie meer maken met vriendin en kinderen en ’s ochtends wakker worden en het meeste vergeten.
  • Ik wil mijn relatie niet vergallen
  • Ik wil niet dat mijn kinderen eronder lijden
  • Ik wil niet balen van mezelf
  • Ik wil niet gezien worden als een dronkenlap
  • Ik wil niet meer vallen
  • Ben het liegen, bedriegen en verstoppen van alcohol zat. Ben het zoooo zat!
  • Ik begin angst te krijgen dat ik mezelf per ongeluk wat ergs aandoe of bijvoorbeeld het gas vergeet uit te zetten, of zoiets stoms
  • Ik wil minderen omdat ik ’s ochtends altijd opsta met de angst hoe ik in godsnaam de dag door moet komen. Hoe beroerd ik me op mijn werk voel, hoe half draaierig ik me voel op de fiets , wat een zombie ik kortom vaak ben
  • Het kost me teveel geld
  • Ik wil zelf bepalen wanneer ik behoefte heb aan alcohol in mijn leven
  • Ik wil mijn gezin en familie niet kwijt
  • Ik word er niet gezellig van

* Black-out: Een blackout is geheugenverlies over de periode dat je onder invloed was. U weet de volgende dag niet meer wat u precies gezegd heeft, waar uw fiets staat of hoe u thuis gekomen bent.

 

Samengevat:

  • Gezondheid (lichamelijk en geestelijk)
  • Financiën
  • Sociaal (gezin, vrienden, kennissen)
  • Werk, school

 

Versie: juni 2020

Welke medicijnen gebruikt men bij behandeling van alcoholproblemen?

Er zijn 3 groepen van medicijnen:

  • Medicatie tegen onthoudingsverschijnselen;
  • Aversiemiddelen;
  • Middelen tegen de zucht.

Medicatie tegen onthoudingsverschijnselen

Chloordiazepoxide, vroeger vooral bekend onder de merknaam Librium, vangt de onthoudings- of ontwenningsverschijnselen na het stoppen op. Lichte onthoudingsverschijnselen, zoals prikkelbaarheid en slaapproblemen duren hooguit enkele dagen en hoeven niet met chloordiazepoxide te worden behandeld. De medicijnen worden kortdurend voorgeschreven.

Aversiemiddelen

Aversie-middelen zorgen ervoor dat men niet kan drinken. Doet iemand dat toch dan krijgt hij nare verschijnselen zoals hoofdpijn, misselijkheid, braken en sterke transpiratie. De stofnaam is disulfiram. Het wordt voorgeschreven onder merknamen Antabus en Refusal. Disulfiram blokkeert de afbraak van alcohol. Hierdoor hoopt de giftige stof aceetaldehyde zich in het lichaam op met als gevolg dat men ziek wordt.

Het middel wordt voorgeschreven aan goed gemotiveerde patiënten die een sterk verlangen hebben naar alcohol. Het helpt als de omgeving (partner) er mede op let dat het middel ingenomen wordt. Zie in deze rubriek ook de vraag: hoe werkt Antabus of Refusal.

Middelen tegen zucht

Tegen het verlangen naar alcohol kunnen twee middelen worden ingenomen:

  • Acamprosaat (merknaam Campral)
  • Naltrexon (merknaam Revia)

Acamprosaat

Acamprosaat vermindert het verlangen naar alcohol. Hoe de werking tot stand komt, is niet precies bekend. Het is vooral werkzaam in combinatie met intensieve psychosociale begeleiding. Motivatie is heel belangrijk voor een goed effect.

Naltrexon (Revia)

Naltrexon vermindert het verlangen naar alcohol en kan helpen terugval na een periode van abstinentie te voorkomen. Het werkingsmechanisme is nog niet geheel bekend. Het is vooral bedoeld voor mensen die vaak vanaf jonge leeftijd fors drinken en familiair belast zijn.

 

Versie: oktober 2020

Hoe werkt Antabus of Refusal?

Antabus en Refusal zorgen dat je niet goed meer tegen alcohol kan. Je wordt ziek als je toch drinkt. Dit soort middelen worden wel aversiemiddelen genoemd. Het zijn hulpmiddelen om het niet-drinken vol te houden. Als je weet dat je niet meer kunt drinken, hoef je niet meer te twijfelen als je later op de dag een zwak moment krijgt.

Antabus en Refusal bevatten dezelfde stof, namelijk disulfiram. Als je het medicijn hebt ingenomen en toch gaat drinken, krijg je hartkloppingen, een rood hoofd, ademnood en braakneigingen. Dit vooruitzicht voorkomt dat je gaat drinken. 

Werking

De werking van Antabus en Refusal berust op het blokkeren van de afbraak van alcohol. Alcohol wordt in eerste instantie afgebroken tot aceetaldehyde. Dit is een giftige stof die zo snel mogelijk uit het lichaam verwijderd moet worden. De disulfiram in Antabus en Refusal zorgt ervoor dat dit niet gebeurt. Hierdoor komt er een grote hoeveelheid aceetaldehyde in het bloed. Het gevolg is dat mensen flink ziek worden. Ze krijgen een rood hoofd en voelen zich benauwd. Ze worden misselijk, duizelig, angstig en krijgen hoofdpijn en hartkloppingen.

Het middel werkt in principe 24 uur, maar mensen kunnen tot 14 dagen na inname nog steeds merken dat het medicijn in hun bloed zit. Antabus en Refusal werken niet verslavend. 

Bijwerkingen Antabus en Refusal

Voordat je Antabus of Refusal slikt, moet een arts eerst vaststellen of het middel verdragen kan worden. Onder andere vanwege de bijwerkingen. Antabus en Refusal kunnen bijwerkingen hebben zoals moeheid, maagklachten en hoofdpijn. Ook spreken gebruikers van een knoflooksmaak en knoflookgeur. Soms krijg je ook huiduitslag.

Wanneer innemen

Uit ervaring blijkt dat Antabus het beste op de volgende manier ingenomen kan worden:

  • Neem Antabus bij voorkeur ’s morgens in, bijvoorbeeld bij het tandenpoetsen. ’s Ochtends is de keuze om niet te drinken makkelijker te maken dan in de avond.
  • Ook is het raadzaam om Antabus in te nemen in het bijzijn van iemand anders, bijvoorbeeld de partner. Dit werkt als een stok achter de deur. Een bijkomend voordeel is dat de partner hierdoor wat meer vertrouwen krijgt in het niet-drinken.

Het verlangen wordt niet weggenomen

Antabus en Refusal nemen niet het verlangen naar alcohol weg. Er bestaat een medicijn dat het verlangen wel wegneemt. Dit middel heet acamprosaat. De merknaam is Campral. Campral wordt voorgeschreven bij de behandeling van chronisch alcoholisme, ter voorkoming van hernieuwd alcoholgebruik. Campral gaat dus de hunkering naar alcohol tegen.

Tekst bijsluiter Refusal

 

Versie: oktober 2020

Welke onthoudingsverschijnselen krijg je van alcohol?

Onthoudingsverschijnselen of ontwenningsverschijnselen ontstaan wanneer mensen na een periode van veel drinken stoppen of minderen met drinken.

  • Onthoudingsverschillen kunnen al optreden als iemand een halfjaar lang elke dag 8 glazen drinkt.
  • Na stoppen of minderen met alcohol kunnen de onthoudingsverschijnselen 3 tot 7 dagen duren.
  • Na 24 uur zijn de onthoudingsverschijnselen op hun hoogtepunt en na 3 dagen is het ergste voorbij.

De onthoudingsverschijnselen kunnen per persoon wat verschillen. De één heeft er meer last van dan de ander. Dit heeft te maken met hoelang en hoeveel iemand gedronken heeft, de lichamelijke conditie en de gevoeligheid.

Mogelijke ontwenningsverschijnselen alcohol

De volgende ontwenningsverschijnselen bij alcohol kunnen optreden:

  • zweten
  • misselijkheid
  • slecht slapen
  • vermoeidheid
  • onrustig gevoel
  • verhoogde bloeddruk
  • spierkramp
  • gespannen
  • angstige gevoelens
  • somberheid
  • lusteloosheid
  • trillende handen.

Deze ontwenningsverschijnselen komen meestal de eerste week voor. De klachten moeten na een paar dagen gaan afnemen. Dit geldt niet voor slecht slapen en gespannen zijn. Die klachten kunnen langer aanhouden. Ook klachten als angstig, somber of lusteloos zijn, kunnen langer duren.

Ernstige onthoudingsverschijnselen

Er kunnen ook ernstigere onthoudingsverschijnselen voorkomen, zoals:

  • Delirium tremens: verlaagd bewustzijn met hallucinaties. Dit komt niet vaak voor. De verschijnselen openbaren zich meestal binnen een week na het stoppen met drinken. Een delirium krijgt iemand pas na 10 tot 15 jaar overmatig drinken.
  • Toeval of insult: een korte periode van bewustzijnsverlies. Een insult komt niet zo vaak voor. Het treedt op in de eerste week na het stoppen met drinken.

 

Versie: juni 2020

Hoelang duren onthoudingsverschijnselen?

Als je stopt of mindert reageert het lichaam met ontwennings- ofwel onthoudingsverschijnselen zoals; trillen, zweten, beven, slecht slapen. De onthoudingsverschijnselen bij alcohol duren 3 tot 7 dagen. De eerste dagen zijn het heftigst. Na 24 uur zijn de onthoudingsverschijnselen op een hoogtepunt en na drie dagen is het ergste voorbij. Na 7 tot 10 dagen zijn ze volledig verdwenen.

Als iemand een half jaar 8 glazen per dag drinkt kan hij/zij bij stoppen al last hebben van onthoudingsverschijnselen. Als iemand veel drinkt, past het lichaam zich aan de dagelijkse hoeveelheid alcohol aan. Het rekent er als het ware op dat het elke dag alcohol krijgt. Als dat onderbroken wordt, reageert het lichaam met onthoudingsverschijnselen. Het lichaam stelt zich dan weer in op een situatie waarin het minder of geen alcohol krijgt.

Lichte en ernstige onthoudingsverschijnselen

Onthoudingsverschijnselen kunnen afhankelijk van het gebruik variëren van licht tot ernstig. Iemand kan last hebben van transpiratie, slecht slapen, maagklachten, misselijkheid, onrust, angst en gespannenheid. Soms zijn de verschijnselen erger zoals trillen of hoge koorts. Ook kan een zware gebruiker bij stoppen een epileptische aanval (toeval) of een delirium krijgen. Bij zware onthoudingsverschijnselen moet altijd contact opgenomen nemen met de huisarts of de hulpverlening.

Medicatie

Een arts kan medicijnen voorschrijven (chloordiazepoxide) die de onthoudingsverschijnselen opvangen. Bij lichte onthoudingsverschijnselen zoals prikkelbaarheid of slaapproblemen is medicatie niet nodig. Bij zware onthoudingsverschijnselen wel. Een insult of delirium kan gevaarlijk zijn. Soms is zelfs opname in een kliniek nodig als de onthoudingsverschijnselen door medicatie onvoldoende onderdrukt kunnen worden. Om te voorkomen dat je aan de medicijnen verslaafd raakt is het nodig de medicatie weer tijdig af te bouwen.

 

Versie: juni 2020

Hoe ga ik om met onthoudingsverschijnselen?

Bij het omgaan met onthoudings- of ontwenningsverschijnselen is het belangrijk dat je je:

  • laat begeleiden door een huisarts;
  • voorbereidt op het krijgen ontwenningsverschijnselen;
  • leert te ontspannen;
  • water of fris drinkt, in kleine beetjes eet en koffie en thee vermijdt.

Laat je begeleiden door een huisarts

Als je wilt stoppen met drinken, is het beste om een arts te raadplegen. Hij kan je dan voor een korte periode (bijvoorbeeld voor drie dagen) librium voorschrijven waardoor je minder last hebt van de onthoudingsverschijnselen. Het is verstandig om een huisarts te raadplegen omdat bij stoppen na langdurig en overmatig alcoholgebruik ernstige onthoudingsverschijnselen kunnen optreden zoals een toeval of delirium.

 Bereid je voor op het krijgen van onthoudingsverschijnselen

Als je stopt of mindert reageert het lichaam met ontwennings- of onthoudingsverschijnselen zoals; trillen, transpireren, beven, slecht slapen. De onthoudingsverschijnselen bij alcohol duren 3 tot 7 dagen. De eerste dagen zijn het heftigst. Na 24 uur zijn de onthoudingsverschijnselen op een hoogtepunt en na drie dagen is het ergste voorbij. Na 7 tot 10 dagen zijn ze volledig verdwenen.

Het is een moeilijke periode waar je door heen moet. Slecht slapen hoort erbij. Accepteer dat je mogelijk een tijdje niet meteen goed slaapt. Ga op bed liggen met het plan om te rusten, dat is al goed genoeg.

Probeer te ontspannen

Verder moet je proberen te ontspannen. Bedenk activiteiten die je vroeger rust gaven en voer deze uit.

  • Zoek ruimte op, ga wandelen in bos of park.
  • Vermijd drukke omgevingen.
  • Doe rustig aan, forceer uzelf niet, wordt niet overactief en probeer dingen te doen die u leuk vindt.
  • Probeer uzelf een beetje te verwennen.
  • Zie deze periode ook als iets positiefs.

Drink water of fris

Vermijd koffie en thee, daar word je extra onrustig van en drink water of fris en eet kleine beetjes.

Voorkom verlies van motivatie

Door het vervelende gevoel van de onthoudingsverschijnselen kan het gebeuren dat je motivatie minder wordt en je toch weer begint met drinken. Om dit te voorkomen kun je ervoor zorgen dat het stoppen of minderen ook een aantal positieve gevolgen met zich meebrengt. Je kunt dit doen door jezelf te belonen. Maak de beloning zo aantrekkelijk mogelijk, maar kies wel iets dat haalbaar is zodat je jezelf ook echt een beloning kunt geven.

  • Geef jezelf een cadeau.
  • Trakteer jezelf op een avondje uit, zoals naar de film, het theater of een bezoek aan een kennis.
  • Zeg positieve dingen tegen jezelf zoals: ‘ik ben de goede weg in geslagen’; ‘ik mag best trots zijn op mezelf’; ‘zie je wel dat ik het kan’.
  • Ken jezelf positieve eigenschappen toe, zoals: ‘zie je wel dat ik doorzettingsvermogen heb’; ‘ik heb mezelf onder controle’; ‘ik ben de baas over de drank’.

 

Versie: juni 2020

Wat is controleverlies?

Bij controleverlies is iemand niet meer in staat om matig te drinken. De remmen gaan los en men drinkt door voor de roes. De onderzoeker Jellinek, naar wie onze organisatie genoemd is, zag controleverlies als een van de kenmerken van alcoholisme. Tegenwoordig wordt controleverlies niet meer gezien als iets wat je niet of wel hebt, maar spreekt men meer van beperking van controle (impairment of control).

 

Versie: juni 2020

Kan ik een zelfhulpprogramma via internet volgen?

Dat kan. Op deze site staat een zelfhulpprogramma dat u daarbij kan helpen. Het programma heeft een forum waarbij u aan medegebruikers steun kunt vragen. Klik hier om naar het programma te gaan. Misschien twijfelt u of een dergelijk programma nodig is. Doe dan de alcoholtest. U vindt de alcohol test hier.

Onderdelen van het zelfhup programma zijn onder andere:

  • het bepalen van voor- en nadelen
  • het bedenken van zelfcontrolemaatregelen
  • Het bijhouden wanneer men naar alcohol verlangt
  • het alvast bedenken van manieren hoe men met situaties, waarin men sterk naar alcohol verlangt om kan gaan.

De zelfhulp is geschikt als u:

  • een beperkte periode teveel gedronken heeft
  • geen last heeft van controleverlies; dat wil zeggen dat u niet de ervaring heeft dat u na een of twee drankjes doordrinkt tot de roes.
  • geen ernstige problemen heeft.
  • geen ziekte of aandoening heeft die door het drinken is ontstaan.

 

Versie: december 2015

Welke afspraken kan ik met mijzelf maken om minder te drinken?

Als u geen controle meer hebt over uw drinken is het verstandig om hulp te zoeken. Als u dit niet wil kunt u proberen een aantal afspraken met uzelf te maken met het doel uw drinken onder controle te houden. Zo kunt u bijvoorbeeld afspreken bepaalde personen of plekken te vermijden. Ook kunt u met uzelf afspreken om, als u dreigt aan drank toe te geven, meteen iets anders te gaan doen bijvoorbeeld een ontspanningsoefening of een eind fietsen.

Er zijn 4 soorten afspraken die je met jezelf kunt maken:

1. Vermijd bepaalde personen of plaatsen

U kunt met uzelf afspreken dat u bepaalde personen even niet wil zien. Ook kunt u afspreken dat u een tijdlang niet naar uw favoriete café gaat. Of u doet alle alcohol die u in huis heeft weg. Heeft u binnenkort een etentje en denkt u dat u het niet aan kunt, dan kunt u overwegen om een keer niet te gaan. Natuurlijk kunt u niet eindeloos personen en plaatsen blijven vermijden maar in het begin kan het raadzaam zijn.

2. Verzin alternatieven voor alcohol

U kunt met uzelf afspreken dat als u de neiging krijgt om te gaan drinken, u meteen iets anders gaat doen. U spreekt bijvoorbeeld af dat u dan een paar glazen spa gaat drinken of dat u een vriend belt. Er zijn vele alternatieven te bedenken: bijvoorbeeld fietsen, ontspanningsoefeningen doen, etc.

Extra moeilijk wordt het wanneer u in een café ineens drank aangeboden krijgt. Ook voor deze situatie kunt u nu al een afspraak met uzelf maken. U kunt met uzelf afspreken dat u dan op een krachtige, niet mis te verstane manier nee zegt en meteen een alternatief noemt. Dus: NEE, een tonic graag.

3. Verzin beloningen

U kunt het ‘niet-drinken’ voor uzelf aantrekkelijker maken door uzelf te belonen. Wat kunt u bijvoorbeeld allemaal met het geld doen dat u heeft uitgespaard. Koop een nieuwe trui, ga een keer naar een dure kapper, koop een CD of iets voor uw hobby wat normaal gesproken veel te duur zou zijn.

4. Verzin alternatieve beloningen

Tenslotte kunt u met uzelf afspreken bepaalde taken te gaan verrichten als het u niet lukt om minder te drinken. Probeer iets te bedenken dat u vervelend vindt, maar toch nuttig is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het doen van huishoudelijk werk, de auto wassen, een klusje voor anderen of maak geld over aan een goed doel.

Werkt het niet, dan kunt u eens overwegen om het gratis programma de Online Zelfhulp Alcohol te volgen. Heeft u meer hulp nodig, dan kunt u zich hier aanmelden voor een intake.

 

Versie: juni 2018

Wat kan ik doen tegen slecht slapen na stoppen met alcohol?

De meeste mensen die stoppen met drinken hebben in het begin moeite met slapen. Na een aantal dagen en soms pas weken, herstelt dit zich weer. Door het drinken van alcohol is het natuurlijke slaapritme erg verstoord. Het lichaam heeft tijd nodig om dit weer in balans te brengen.

Tips tegen slecht slapen

  • Accepteer dat je de komende tijd slecht zult slapen. Haal de spanning eraf dat je per se moet slapen.
  • Ga niet overdag slapen (ook geen middagdutje), verschuif je dag- en nachtritme niet.
  • Leer jezelf een aantal ontspanningstechnieken die je ’s nachts kunt toepassen. Ook al slaap je niet, je ontspant dan in ieder geval wel.
  • Ontspan je voor het slapen gaan. Ga niet iets doen waarbij je jezelf geestelijk moet inspannen.
  • Geef niet toe aan de verleiding om te drinken om maar te kunnen slapen. Op langere termijn levert dit geen resultaat op.
  • Doe ’s avonds iets anders dan je gewend bent, ga bijvoorbeeld nog even rustig een blokje omlopen en drink daarna nog een beker warme melk met honing of anijs.
  • Leg een boek naast je bed, dat makkelijk te lezen is en geen spanning oproept.
  • Stop met kijken op je telefoon en computer een uur voordat je gaat slapen.
  • Overleg eventueel met je huisarts voor wat ondersteunende medicatie voor een paar dagen.

 

Versie: juni 2020

Wat kan ik doen als ik een drankje met alcohol aangeboden krijg, maar ik wil niet drinken?

Voor veel mensen is het aangeboden krijgen van een drankje een moeilijk moment waarin de verleiding om alcohol te drinken groot wordt.

Uw verlangen neemt toe en u voelt zich onder druk staan.

Het leren omgaan met deze sociale druk is een belangrijke vaardigheid om deze risicosituatie het hoofd te kunnen bieden. Het krachtig ‘nee’ zeggen en het meteen noemen van alternatief (een ice-tea graag) kan hierbij helpen.

Bij ‘nee zeggen’ gaat het erom hoe je het zegt en wat je zegt.

Bij hoe je het zegt, is het belangrijk dat je:

  • snel reageert;
  • direct oogcontact maakt;
  • met een duidelijke en niet aarzelende stem spreekt.

Om snel en direct te reageren moet je een aantal antwoorden paraat hebben. Je moet dus ook weten wat je gaat zeggen.

Bij wat je zegt is het dus belangrijk dat je:

  • allereerst ‘nee’ zegt;
  • excuses en vage antwoorden vermijdt;
  • duidelijk aangeeft wat je wel wil drinken;
  • (in het geval de ander blijft aandringen) duidelijk vraagt of de ander daarmee op wil houden;
  • van gespreksonderwerp verandert om discussies te vermijden.

Deze antwoorden kan je van tevoren al oefenen. Je kan jezelf dus voorbereiden op de situatie waar je ‘nee’ gaat zeggen. Je kan dit alleen oefenen, maar ook in een rollenspel met iemand anders.

Meer hulp nodig? Doe dan de online zelfhulp op deze site of meld je aan voor een intake.

 

Versie: juni 2020

Wat kan ik doen als ik trek of verlangen krijg?

Het ervaren van trek of verlangen is een normaal verschijnsel bij mensen die stoppen of minderen met drinken. Je kunt daar nog maanden last van hebben. Trek kan opgeroepen worden in bepaalde situaties waarin je normaal gesproken veel dronk en door een scala van prikkels zoals: het ruiken van alcohol of het zien van mensen die drinken.

Realiseer je allereerst dat trek niet schadelijk is en dat het op den duur vanzelf overgaat. Het ervaren van trek duurt zelden langer dan 30 minuten. Als je die tijd uitzit is de ergste trek verdwenen. Houd er wel rekening mee dat het gevoel van trek nog gedurende een aantal maanden op kan komen. Op den duur wordt het vanzelf minder. Soms gaan gevoelens van trek samen met angst dat je de alcohol niet kan weerstaan en toch weer gaat drinken.

Omgaan met trek of verlangen

Er zijn 4 manieren om met trek om te gaan:

1. Zit de trek uit
Trek kun je gewoon uitzitten. Je zult dan merken dat de trek vanzelf weer overgaat. In plaats dat je je heftig gaat verzetten tegen de trek, kun je dus ook gewoon rustig wachten tot de trek vanzelf is verdwenen. Je kunt jezelf trainen in het uitzitten van trek. De oefening bestaat uit drie stappen.

  • Stap 1
    Zoek een rustige plek op waar je comfortabel kunt zitten. Sta stil bij waar en hoe je de trek ervaart in jouw lichaam.
  • Stap 2
    Richt jouw aandacht op een plek in het lichaam waar je de trek ervaart en probeer te beschrijven hoe het voelt.
  • Stap 3
    Doe dat voor alle delen in je lichaam waar je trek ervaart totdat de trek verdwenen is.

2. Zoek afleiding
Er zijn verschillende activiteiten die je zou kunnen ondernemen wanneer je hevige trek ervaart. Afleiding zoeken is met name geschikt als de trek ineens komt opzetten. Denk hierbij vooral aan activiteiten die lichamelijke inspanning vereisen, zoals hardlopen.

3. Praat erover met vrienden of familie
Dit is een effectieve strategie omdat het ook de gevoelens van angst kan verminderen. Bekijk voor jezelf welke mensen hiervoor geschikt zouden kunnen zijn.

4. Ga anders over trek denken
Vaak leidt trek tot gebruik omdat gedacht wordt dat trek niet kan worden weerstaan of dat trek alleen overgaat door alcohol te gebruiken. Het is goed om na te gaan welke gedachten je hebt als je trek ervaart en of deze jou wel of niet zullen helpen. De gedachte dat je trek niet kunt weerstaan, zal jou niet helpen en klopt ook niet met de werkelijkheid. Beter is om te denken: ‘ondanks dat de trek niet prettig is verdwijnt deze vanzelf, ook als ik geen alcohol gebruik.’

Meer hulp nodig doe dan de zelfhulp of meld je aan bij de online behandeling of bij de hulpverlening.

 

Versie: mei 2019

Wat kan ik doen om mezelf te belonen?

Doordat het minderen kan samengaan met negatieve ervaringen kan het gebeuren dat je de motivatie verliest en toch weer begint met drinken. Om dit te voorkomen kun je ervoor zorgen dat het stoppen of minderen ook een aantal positieve gevolgen met zich mee brengt. Je kunt dit doen door jezelf te belonen voor jouw inspanningen. Maak de beloning zo aantrekkelijk mogelijk voor jezelf, maar kies wel iets dat haalbaar is.

Denk bijvoorbeeld aan de volgende beloningen:

  • Geef jezelf een cadeau van het geld dat je uitspaart door niet te drinken.
  • Trakteer jezelf op een avondje uit, zoals de film, het theater of een bezoek aan een kennis.
  • Zeg positieve dingen tegen jezelf, zoals: ‘ik ben de goede weg in geslagen.’; ‘ik mag best trots zijn op mezelf.’; ‘zie je wel dat ik het kan.’
  • Ken jezelf positieve eigenschappen toe, zoals: ‘zie je wel dat ik doorzettingsvermogen heb.’; ‘ik heb mezelf onder controle.’; ‘ik ben de baas over de drank!’.

 

Versie: mei 2019

Wat kan ik doen als ik terugval?

Bij terugval valt u terug in gebruik na een periode van niet of minder gebruik. Heel belangrijk is hoe u op terugval reageert. Veel mensen denken heel negatief over terugval. ‘Zie je wel, ik kan het niet.’

Hierdoor gaan mensen weer drinken. Beter is het om terugval te zien als een moment waar u iets van kunt leren.

Ga na in welke situatie het gebeurde en bedenk een manier om de volgende keer op een andere manier met die situatie om te gaan. Dan bent u weer wat sterker geworden.

Jammer is dat na een terugval sommigen de moed opgeven. Ook de omgeving of werkgevers geven het na een keer terugval vaak op. De kunst voor degene die terugvalt is om dat juist niet te doen en te proberen iets van de terugval te leren en de draad weer zo snel mogelijk op te pakken.

In de behandeling wordt u op een eventuele terugval voorbereid. U gaat dan na in welke situaties een terugval op de loer ligt. Is dat bijvoorbeeld het geval als u met uw werk een succes geboekt heeft of is het juist als u zich down of slecht voelt. Op dergelijke situaties kunt u zich dan alvast voorbereiden.

Reageren op terugval

Ook moet u alvast bedenken hoe u op een eventuele terugval zult reageren. Welke gedachten en gevoelens krijgt u als u terugvalt in gebruik. Raakt u wanhopig? Schaamt u zich tegenover anderen? Bent u teleurgesteld? Mogelijk denkt u: ‘nu is alles verloren.’ Deze gedachte helpt natuurlijk niet. Hij zet aan tot meer gebruik.

Beter is het dus om te denken: ‘terugval is geen ramp, ik kan er juist van leren. Ik moet de draad weer zo snel mogelijk oppakken en nagaan in welke situatie ik terugviel en een manier bedenken om de volgende keer op een andere manier met deze situatie om te gaan.’

Campral

Bij alcoholproblemen werkt de verslavingszorg met een medicijn: Campral. Dit medicijn neemt het verlangen naar alcohol weg en helpt om terugval te voorkomen.

 

Versie: januari 2016

Wat is de AA?

AA is de afkorting van Anonieme Alcoholisten. De AA is een zelfhulpgroep van (ex)drinkers die elke week bij elkaar komen en elkaar ondersteunen om hun alcoholproblemen te overwinnen.

De enige voorwaarde om lid te worden van de AA is de wens om te stoppen met het drinken van alcohol.

Zelfhulpgroepen zijn over het algemeen een goede manier om drankproblemen te overwinnen en een effectieve vorm van nazorg.

In de groepsbijeenkomsten wordt iedere keer een verschillend thema besproken, de zogenaamde 12 stappen.

De georganiseerde bijeenkomsten kunnen een grote steun zijn, vooral omdat men met mensen in aanraking komt die het probleem zelf ervaren hebben en zelf overwonnen hebben.

De kwaliteit van een groep hangt wel samen met de individuele leden. Wilt u deelnemen dan is het altijd raadzaam om een aantal groepen te bezoeken en er dan een te kiezen bij wie u zich thuis voelt. Klik hier voor de adressen, tijden en plaatsen van de verschillende AA groepen.

 

Versie: mei 2019

Wat zijn de 12 stappen van de AA?

De 12 stappen zijn gespreksthema’s of richtlijnen voor de groepsbijeenkomsten.

Stappen of thema’s die besproken worden zijn onder andere:

  • Ik erken dat ik machteloos sta tegenover alcohol
  • Ik zet mijn tekortkomingen op een rij
  • Ik vertel aan anderen wat mijn tekortkomingen zijn
  • Ik maak er een gewoonte van om kritisch naar mezelf te kijken en erken de fouten die ik maak.

Het AA-programma werkt met 12 stappen. Deze stappen moet u zien als gespreksthema’s of richtlijnen voor de groepsbijeenkomsten.

AA-groepen kunnen verschillend met de stappen omgaan. Sommige groepen behandelen iedere keer een andere stap; andere groepen pikken slechts een aantal stappen eruit en praten meer over eigen ervaringen. Op het moment dat een groepslid terugvalt, gaat de groep terug naar stap 1 om vervolgens weer verder te gaan met de stap waar men gebleven was.

De Twaalf Stappen van de AA zijn een tikkeltje plechtig geformuleerd. Ze dateren uit 1938. Ze zijn voor een deel ontleend aan een beweging in de Verenigde Staten die het christendom nieuw leven wilde inblazen. Klik hier voor de geschiedenis van de AA.

Geen religieuze beweging

In de 12 stappen wordt gesproken over een hogere macht of God. Dit heeft nogal eens het idee gewekt dat de AA een soort sekte of religieuze beweging is. Dit is onterecht. De AA is niet gebonden aan enige religie of politieke stroming. Zij willen ook volkomen onafhankelijk blijven en accepteren geen subsidie. Geloof je als deelnemer niet in God, dan kun je daar waar in de stappen God of hogere Macht staat, ook de groep of het geloof in de groep lezen.

Hieronder worden de 12 stappen, omgezet in gewoon Nederlands, weergegeven. Ook is voor de duidelijkheid voor de ik-vorm gekozen.

In de groep kiest men voor de wij-vorm. De oorspronkelijke tekst valt te raadplegen op de hieronder genoemde site.

De 12 stappen

  1. Ik erken dat ik machteloos sta tegenover alcohol en dat ik de controle over mijn leven heb verloren.
  2. Ik geloof dat er een Macht is, groter dan ikzelf, die mij weer gezond kan maken.
  3. Ik besluit mezelf over te geven aan de hoede van God, zoals ik God ervaar.
  4. Ik zet mijn tekortkomingen en misstappen op een rij.
  5. Ik vertel aan anderen welke mijn tekortkomingen en misstappen zijn.
  6. Ik ben bereid om met behulp van God of de groep aan mijn gebreken te werken.
  7. Ik vraag aan God of aan de groep om mij te helpen bij het wegnemen van mijn gebreken.
  8. Ik maak een lijst met namen van alle mensen die ik heb benadeeld en ben bereid om het met hen weer goed te maken.
  9. Ik ga daadwerkelijk contact zoeken met deze mensen en probeer het goed te maken, behalve als ik hen of anderen daarmee kwets.
  10. Ik maak er een gewoonte van om kritisch te zijn naar mezelf en erken onmiddellijk de fouten die ik maak.
  11. Ik probeer het contact met God, zoals ik hem ervaar, of met de groep te verdiepen en vraag God of de groep om mij te inspireren en de kracht te geven op deze weg door te gaan.
  12. Ik probeer om datgene wat ik geleerd heb aan andere alcoholisten door te geven en probeer voortaan volgens deze stappen te leven.

Naast de Anonieme Alcoholisten zijn er tal van andere groepen:

  • Al Anon voor partners van alcoholisten
  • Alateen voor kinderen vanaf 12 jaar
  • Al Anon-ACA voor volwassen kinderen van alcoholisten
  • Narcotics Anonymous (NA) voor druggebruikers
  • In de Verenigde Staten is de zelfhulpgedachte volgens de AA principes nog veel populairder.

Er zijn daar voor elke verslaving honderden groepen. In Nederland zijn er naar schatting zo’n 240 AA (1) groepen.

Klik hiervoor de site van de AA. De landelijke 24-uurs hulplijn van de AA is T 020 – 6817431.

 

Versie: januari 2016

Wat is de geschiedenis van de AA?

AA betekent Anonieme Alcoholisten. De AA is een zelfhulpgroep van (ex)drinkers die elke week bij elkaar komen en elkaar ondersteunen om hun alcoholproblemen te overwinnen.

De geschiedenis van de AA begint in de Verenigde Staten.

In 1935 kwam de uit New York afkomstige zakenman Bill W. erachter dat hij door het helpen van andere alcoholisten ook zelf de drank de baas kon blijven. Hij sprak in die tijd ook met zijn vriend, een arts die eveneens teveel dronk, Dr Bob in Akron. Deze arts merkte dat als iemand vanuit zijn eigen ervaring sprak, dit grote indruk maakte. Als gevolg hiervan werden er gespreksgroepen opgericht van alcoholisten die wilden stoppen met drinken.

12 stappen

Aanvankelijk werd gewerkt met een programma van 6 stappen. Deze stappen waren voor een deel ontleend aan de zogenaamde”Oxfordgroep”, de latere Morele Herbewaping. De Oxfordgroep wilde het Christendom nieuwe kracht geven. Zowel Bill W. als Dr. Bob hadden contacten met deze Oxfordgroep. Dr. Bill breidde het programma van zes stappen later uit naar twaalf stappen. Ook splitste hij zich af van de Oxfordgroep.

Aantallen deelnemers

In 1939 had de AA 100 deelnemers. In 1941 waren er al 2000 deelnemers. In datzelfde jaar groeide het aantal tot 8000 deelnemers dankzij een artikel in de Washington Post.

Nu zijn er naar schatting over heel de wereld een paar miljoen deelnemers. Het precieze aantal is niet bekend, omdat er geen ledenlijsten worden bijgehouden.

AA in Nederland

De AA werd in 1948 in Nederland geïntroduceerd door Henk Krauweel, de toenmalige directeur van het Medisch Consultatiebureau voor Alcoholisme te Amsterdam, het latere Jellinek. Krauweel ging naar Amerika om te kijken hoe men daar omging met alcoholproblemen. Hij ontmoette er professor E. M. Jellinek, naar wie Jellinek vernoemd is. Professor Jellinek voerde een onderzoek uit onder AA’ers en via hem kwam Krauweel in contact met de AA. Op dit moment zijn er in Nederland naar schatting zo’n 240 AA-groepen (1).

Bron:  Zelfhulpgroepen en Verslavingen. K.Geelen, Trimbos-instituut.

 

Versie: mei 2019

Hoe raak je verslaafd?

Verslaafd raak je niet van de ene op de andere dag. Het is iets wat zich in de loop van de tijd ontwikkelt. Bij het ontwikkelen van een verslaving zie je in de loop van de tijd de volgende verschijnselen optreden:

  • Het gebruiken om de effecten van alcohol of drugs te voelen.
  • Het ontstaan van een sterk verlangen naar de drug.
  • Het ontwikkelen van tolerantie.
  • Het krijgen van ontwenningsverschijnselen bij minderen of stoppen.
  • Het ontstaan van allerlei problemen en het gaan gebruiken om deze problemen niet te voelen.

Het steeds weer voelen van het effect

Verslaving begint er meestal mee dat je de effecten van een bepaalde drug op prijs stelt. Het ontspant je, geeft je energie of helpt je ineens over je verlegenheid heen. Je vindt het effect plezierig en wat plezierig is wil je herhalen, dus doe je het nog een keer en nog een keer.

Verlangen

Soms hebben alcohol of andere drugs een wel heel sterk effect op je. Dat kan bijvoorbeeld als je je altijd wat vlak, geremd of somber voelt. Door het gebruik ervaar je dat je ineens opgewekt, vrolijk en blij wordt. Dat kan riskant worden wanneer je alcohol en drugs gaat gebruiken om van je vlakke stemming af te komen. Je probeert dan niet langer meer om op eigen kracht vrolijk te worden. Als je het vlakke of nuchtere gevoel als heel onprettig beleeft en je hebt de werking van alcohol of drugs leren kennen, dan kan er een heel sterk verlangen naar alcohol of drugs ontstaan. Dat kan bijvoorbeeld ook als je met vrienden uit wilt en in een opgewekte stemming wilt komen. Ook dan kun je echt naar alcohol of drugs verlangen. Heb je dat gevoel vaak dan ben je geestelijk afhankelijk geworden.

Tolerantieontwikkeling

Hierbij komt nog dat je lichaam zich geleidelijk aanpast aan de inname van alcohol en drugs. Je ontwikkelt tolerantie. Dat betekent dat je steeds meer alcohol of drugs nodig hebt om het effect te nog voelen. Als je regelmatig aan je verlangen om te gebruiken toegeeft, zul je merken, dat op een gegeven moment, de gebruikelijke dosis niet meer werkt. Je moet meer en meer gaan nemen. Anders heeft het geen effect. Hierdoor verander je zo langzamerhand van matige in een overmatige gebruiker en nemen de risico’s van gebruik steeds meer toe.

Ontwenningsverschijnselen

Door het regelmatig gebruik heeft je lichaam aangepast.

Je lichaam is door het gebruik veranderd. De stofwisseling, maar ook je zenuwcellen in de hersenen hebben zich aangepast en ingesteld op een dagelijkse dosis. Als die dagelijkse dosis ineens minder wordt of uitblijft komen er allerlei lichamelijke reacties op gang die erg onaangenaam zijn. Je voelt je ziek.

Je hebt last van ontwenningsverschijnselen. Gebruik je, dan verdwijnen de ontwenningsverschijnselen voor even om later weer sterker terug te komen. De verschijnselen kunnen zo onaangenaam zijn dat je niet meer gebruikt omdat het zo lekker is, maar alleen om geen last te hebben van ontwenningsverschijnselen. De ontwenningsverschijnselen zorgen ervoor dat je een gebruiker blijft en steeds verder in de verslaving wegzakt.

Neerwaartse spiraal

Door het voortdurende gebruik kom je in een spiraal naar beneden terecht. Door het gebruik ontstaan allerlei nieuwe problemen, zoals bijvoorbeeld ruzies met vrienden, problemen met politie en gezondheidsklachten. Om die problemen niet te hoeven voelen ga je opnieuw gebruiken. Uiteraard nemen de problemen daardoor alleen maar toe, waardoor je weer gaat gebruiken en zo kom je in een vicieuze cirkel. Het wordt steeds moeilijker om uit de verslaving te ontsnappen.

Verslaving als hersenziekte

De hersenen spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van verslaving. Bij het ontstaan van verslaving zijn verschillende delen van de hersenen betrokken:

  • Het beloningscentrum.
  • Het geheugen.
  • De nieuwe hersenen.

Het beloningscentrum in de hersenen zorgt ervoor dat bepaalde gedragingen met een prettig gevoel beloond worden zoals eten en seksuele activiteit. Ook drugs kunnen het beloningscentrum op een krachtige manier prikkelen. Dat kan bij sommige mensen zorgen voor een sterk effect. Het gebruik en alles er omheen vormt een krachtige herinnering. Hierdoor ligt herhaald gebruik op de loer. De nieuwe hersenen bemiddelen tussen verlangens (gebruik van drugs) en ratio anderzijds. Soms functioneert dit minder goed. Door vaak te gebruiken gaan het beloningscentrum en de nieuwe hersenen nog slechter functioneren. De gebruiker heeft krachtige prikkels nodig en gaat daardoor meer en vaker gebruiken.

Bekijk ook de animatie drugs in de hersenen.

 

Versie: september 2019

Hoe kan ik nagaan of ik verslaafd ben?

Dat kan op de volgende manieren:

  • Je kunt kijken of je voldoet aan de criteria voor verslaving.
  • Je kunt op deze site een test doen.
  • Je kunt nagaan hoe je het afgelopen jaar gebruikt hebt. Welk patroon en welke ontwikkeling zit daar in.
  • Je kunt een aantal kritische vragen aan jezelf stellen.

Criteria van verslaving

Verslaving wordt vastgesteld aan de hand van 11 criteria van de zogenaamde DSM-V*. De DSM-V is een wereldwijd gebruikt boek waarin alle psychiatrische aandoeningen beschreven staan. De DSM spreekt niet van alcoholisme of verslaving maar van “stoornissen in het gebruik van middelen” (substance abuse disorders). Een ”stoornis in het gebruik van middelen” kan ontstaan door gebruik van verschillende middelen zoals alcohol, cannabis, opiaten en stimulerende middelen.

Milde, gematigde of ernstige stoornis

Voldoe je aan twee of drie criteria dan heb je een milde stoornis in het gebruik van middelen. Voldoe je aan vier of vijf criteria dan is er sprake van gematigde (moderate) stoornis en bij zes of meer symptomen is er sprake van een ernstige stoornis.

De 11 criteria aan de hand waarvan de ernst van “stoornis in middelengebruik” vastgesteld kan worden zijn:

  • Vaker en in grotere hoeveelheden gebruiken dan het plan was.
  • Mislukte pogingen om te minderen of te stoppen.
  • Gebruik en herstel van gebruik kosten veel tijd.
  • Sterk verlangen om te gebruiken.
  • Door gebruik tekortschieten op het werk, school of thuis.
  • Blijven gebruiken ondanks dat het problemen meebrengt in het relationele vlak.
  • Door gebruik opgeven van hobby’s, sociale activiteiten of werk.
  • Voortdurend gebruik, zelfs wanneer je daardoor in gevaar komt.
  • Voortdurend gebruik ondanks dat je weet dat het gebruik lichamelijke of psychische problemen met zich mee brengt of verergert.
  • Grotere hoeveelheden nodig hebben om het effect nog te voelen oftewel tolerantie.
  • Het optreden van onthoudingsverschijnselen,die  die minder hevig door meer van de stof te gebruiken.

Testen

Op deze site staan testen waarmee je kunt nagaan of je riskant gebruikt of mogelijk verslaafd bent. De test geeft een indicatie.

Kijk of in je gebruik in een stijgende lijn zit

Je kunt nagaan hoe je het afgelopen jaar gebruikt hebt. Neemt dit toe of af? Gebruik je meer of minder dan 1 jaar geleden?

Kritische vragen

Je kunt aan jezelf de volgende kritische vragen stellen:

  • Ben ik geleidelijk meer gaan gebruiken?
  • Gaat mijn gebruik ten koste van andere dingen?
  • Ben ik vaak met gebruik bezig?
  • Gebruik ik omdat ik anders niet meer vrolijk word?
  • Gebruik ik om de nadelige gevolgen van vorig gebruik op te vangen?
  • Weten mijn vrienden hoe vaak en hoeveel ik gebruik?
  • Maakt mijn omgeving wel eens opmerkingen over mijn gebruik?

* Diagnostical Statistical Manual versie V

 

Versie: september 2019

 

Hoe kan ik zelf minderen of stoppen met alcohol of andere drugs?

Minderen of stoppen kan in acht stappen. We hebben voor verschillende middelen online zelfhulpprogramma’s die jou kunnen helpen met stoppen.

  • Inventariseer de nadelen van gebruik en de voordelen van minderen of stoppen;
  • Neem de beslissing om te minderen of te stoppen;
  • Bepaal een doel en houd bij hoeveel je drinkt of gebruikt;
  • Bereid je voor op het krijgen van onthoudingsverschijnselen;
  • Maak een aantal afspraken met jezelf;
  • Bereid je voor op trek;
  • Bereid je voor op riskante situaties;
  • Houd moed en geef niet op.

Inventariseer de nadelen van gebruik en de voordelen van minderen of stoppen

Wat zijn voor jou de nadelen van gebruik? En wat zijn de voordelen wanneer je mindert of stopt met het gebruik? Nadelen kunnen bijvoorbeeld zijn: ik geef te veel geld uit, ik heb last van een kater en ik voel me slecht over mezelf.

De voordelen van minderen of stoppen kunnen bijvoorbeeld zijn: ik heb meer energie, ik kan geld sparen en ik zit beter in mijn vel.

Neem een beslissing om te minderen of te stoppen

Spreek een datum af met jezelf wanneer je begint met stoppen en hoelang je dat gaat volhouden.

Bepaal een doel en houd bij hoeveel je drinkt of gebruikt

Bepaal of je wilt minderen of stoppen. Als je wilt minderen spreek dan af hoeveel glazen/joints/lijntjes je per dag/week mag drinken/roken/gebruiken van jezelf. Houd vervolgens bij of je dit doel haalt. Dat kan met behulp van het zogenaamde weekoverzicht.

Bereid je voor op het krijgen van onthoudingsverschijnselen

Bij minderen of stoppen kun je last krijgen van onthoudingsverschijnselen. Deze kunnen 3 tot 7 dagen duren. Na 24 uur zijn ze op hun hoogtepunt. Er zijn lichte onthoudingsverschijnselen en ernstige. Lichte zijn bijvoorbeeld slecht slapen, transpireren en gespannen zijn. Ernstige zijn toevallen of delirium. Ernstige onthoudingsverschijnselen kunnen optreden als je langdurig veel gedronken hebt. Als je wilt stoppen of minderen met drinken, kun je het beste een arts raadplegen. Deze kan eventueel voor een korte periode (bijvoorbeeld voor drie dagen) medicatie voorschrijven waardoor je geen last meer hebt van de onthoudingsverschijnselen.

Vermijd koffie en thee, daar word je extra onrustig van. Drink water of fris en eet kleine hoeveelheden voedsel.

Maak een aantal afspraken met jezelf en schrijf deze op

Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je even niet met dezelfde mensen uitgaat of dat je bepaalde gelegenheden voorlopig mijdt. Bedenk een programma voor het weekend.

Ook kun je met jezelf afspreken elke dag even naar de nadelen van gebruik te kijken. Je kunt ook afspreken dat je een goede vriend inlicht en hem belt wanneer je het moeilijk hebt.

Bereid je voor op trek

Bedenk wat je kunt doen als je trek krijgt. Bedenk vooraf zo veel mogelijk alternatieven. Dit kunnen kleine dingen zijn zoals een douche nemen, hardlopen et cetera. Misschien kun je iemand bellen.

Bereid je voor op riskante situaties

Wat zijn riskante situaties? Bedenk wat voor jou riskante situaties/gevoelens/gedachten zijn waardoor het gevaar van gebruik groter wordt (bijvoorbeeld de gedachte ‘nog 1 keertje’, of niet alleen willen zijn of met veel geld in je zak in de stad zijn, et cetera.). Als je deze situaties op een rijtje hebt, schrijf dan op wat je gaat doen wanneer je in zo’n situatie terecht komt.

Geef de moed niet op

Als je na stoppen toch weer een keer gaat drinken of gebruiken, geef dan de moed niet op. Ga na in welke situatie je weer ging drinken en bedenk hoe je een volgende keer anders kunt reageren.

Lukt het niet…

Mocht je merken dat het op deze manier niet lukt of heb je nog vragen over deze aanpak, dan kun je een online zelfhulpprogramma volgen of naar een verslavingszorginstelling in jouw regio gaan. Klik hier om je bij Jellinek aan te melden.

 

Versie: september 2019

Waarom is verslaving een hersenziekte?

Bij het ontstaan van verslaving zijn verschillende delen van de hersenen betrokken:

  • Het beloningscentrum. Dit centrum in de hersenen zorgt ervoor dat je je lekker voelt.
  • Het geheugen. Het geheugen zorgt ervoor dat je positieve ervaringen herinnert.
  • De nieuwe hersenen. Een deel van de nieuwe hersenen zorgt ervoor dat niet meteen toegegeven wordt aan allerlei verlangens.

Bij mensen die een vergroot risico op verslaving lopen en bij verslaafden functioneren deze delen van de hersenen anders of minder goed. Sommige medicatie kan op deze delen van de hersenen ingrijpen.

Het beloningscentrum

Het beloningscentrum in de hersenen zorgt ervoor dat bepaalde gedragingen met een prettig gevoel beloond worden. Dit zijn vooral gedragingen die voor het voortbestaan van de soort van belang zijn zoals eten en seksuele activiteit. Het beloningscentrum zit in de middenhersenen. De middenhersenen zijn ook betrokken bij instincten, verlangens, dorst, hongergevoel en emoties als woede en angst.

Alcohol en drugs zijn in staat om het beloningscentrum op een zeer krachtige manier te prikkelen. Om die reden ga je je na gebruik van drugs lekker voelen.

Dopamine
Het beloningscentrum wordt geprikkeld door een bepaald stofje in de hersenen. Dit stofje heet dopamine. De meeste drugs zorgen ervoor dat dopamine op een directe of op een indirecte manier afgegeven wordt. De afgegeven dopamine wordt opgevangen door zogenaamde dopamine receptoren.

Genen
Nu kan een bepaald gen ervoor zorgen dat er minder dopaminereceptoren zijn. Het beloningscentrum functioneert dan minder goed waardoor iemand minder goed in staat is te genieten. Bij een minder goed functionerend beloningscentrum zal het gebruik van drugs bij de betrokken persoon een zeer krachtige en positieve ervaring opleveren. Hierdoor zijn zij vatbaarder voor verslaving. Deze genetische structuur is erfelijk bepaald.

Afname receptoren door frequent gebruik
Maar er is nog iets. Door frequent gebruik van drugs neemt het aantal dopaminereceptoren af. Hierdoor zal meer gebruikt moeten worden om het oorspronkelijke effect nog te kunnen voelen. Zo kan langdurig gebruik blijvende veranderingen in het brein veroorzaken.

Er zijn dus twee redenen waarom verslaafden minder dopaminereceptoren hebben:

  • Genetisch bepaald;
  • het voortdurende gebruik.

Cortex (licht paars); beloningscentrum (nucleus accumbens; links onder groen); middenhersenen (boven de kleine hersenen)

Het geheugen

Het positieve gevoel na gebruik (en de omstandigheden waaronder dit gebruik plaatsvindt) wordt door de middenhersenen in het geheugen opgeslagen. Het vormen zeer krachtige herinneringen die later een sterke trek of verlangen kunnen oproepen. Hierdoor ligt terugval in gebruik op de loer. De krachtige manier waarop de herinnering aan druggebruik door de middenhersenen wordt opgeslagen, betekenen in zekere zin een verandering van de hersenen.

De nieuwe hersenen

De nieuwe hersenen of wel de neocortex vormen het rationele deel van de hersenen. Een deel van de cortex heeft tot taak de conflicten tussen verlangens (verlangen naar het effect en de roes van drugs) enerzijds en rationele overwegingen (ik moet morgen werken) anderzijds in goede banen te leiden. De middenhersenen zullen willen toegeven aan dit verlangen. De nieuwe hersenen zullen dit willen voorkomen. Bij mensen die afhankelijk zijn functioneert de neocortex minder goed. Door het voortdurende gebruik kan dit steeds minder goed functioneren.

Conclusie

Door een minder goed functionerend beloningssysteem (voor een deel genetisch bepaald) en een minder goede cortex zijn mensen vatbaarder voor verslaving. Bovendien veranderen door het gebruik de hersenen: er komen minder dopaminereceptoren en er ontstaan krachtige herinneringen. Door deze veranderingen in de hersenen raakt iemand nog vatbaarder.

Bekijk ook de animatie drugs in de hersenen.

 

Versie: september 2019

Is iemand die alleen in het weekend gebruikt ook verslaafd?

Iemand die alleen in het weekend gebruikt is waarschijnlijk niet verslaafd. Wel loopt de persoon mogelijk lichamelijke risico’s. Ook loopt de persoon het risico dat hij geleidelijk aan steeds vaker en meer gaat gebruiken. Bij alleen in het weekend gebruiken ligt ook het gevaar op de loer, van niet meer kunnen uitgaan zónder te gebruiken. Dat is een lichte vorm van geestelijke afhankelijkheid.

Veel mensen weten van zichzelf dat ze geen rem hebben als ze beginnen met drinken. Hierdoor drinken ze niet dagelijks, maar als ze dan wel drinken, drinken ze altijd te veel. Dit is ook de reden waarom helemaal stoppen met drinken soms makkelijker is dan minderen met drinken. Zodra je alcohol drinkt vallen de remmen weg en loop je het risico meer te drinken. Helemaal niks drinken is dan makkelijker.

Verslaving wordt vastgesteld aan de hand van een aantal criteria.

Kwartaaldrinkers

Soms ontwikkelen mensen een strategie om het gebruik in de hand te houden. Je hebt bijvoorbeeld kwartaaldrinkers. Deze mensen staan zich zelf toe elk jaar een paar keer per jaar door het lint te gaan. Zij drinken maanden niet en dan nemen ze een week vrij waarbij ze zeer veel drinken. Op die manier houden ze het ‘niet drinken’ vol. Deze mensen kun je wel verslaafd noemen. In feite kunnen deze mensen niet met alcohol omgaan. Zij hebben een strategie ontwikkeld om een aantal maanden niet te drinken en houden dat vol omdat ze weten dat ze zich over drie maanden weer klem mogen drinken. Als je deze mensen zou zien in de periode dat ze niet drinken zou je niet denken dat ze verslaafd zijn. Toch zijn ze verslaafd. Ze voldoen ook aan de meeste van bovenstaande criteria. Deze vorm van alcoholisme wordt ook wel epsilon-alcoholisme genoemd.

Binge drinken

Bij weekend gebruik moet je niet alleen letten op verslaving. Alcohol en drugs hebben ook allerlei lichamelijke risico’s. Zo is in korte tijd veel drinken, ook wel binge drinken genoemd, riskant.

Hoe ga je hier mee om?

Eigenlijk gelden hiervoor de zelfde tips als voor het dagelijkse drinken. Maak duidelijke afspraken voor jezelf voorafgaand aan een avond waarop je misschien gaat drinken. Bijvoorbeeld: ik drink vanavond niet meer dan X glazen. Probeer jezelf hieraan te houden. Beloon jezelf de volgende dag als het gelukt is door bijvoorbeeld iets leuks te gaan doen of iets moois te kopen. Je kunt jezelf ‘straffen’ door bijvoorbeeld een vervelend klusje te gaan doen als het niet is gelukt, bijvoorbeeld een huishoudelijke klus. Bespreek dit ook met iemand die je vertrouwt, een vriend of vriendin. Die kan je eventueel helpen door bijvoorbeeld geen drank aan te bieden of samen met jouw frisdrank te bestellen tussendoor.

En laat de moed niet zakken als het een keer niet is gelukt. Zie het als een leermoment en probeer te achterhalen waarom het niet is gelukt. Neem dit mee en bereid je voor op de volgende keer. Mocht het toch telkens weer niet lukken, dan kun je overwegen om helemaal te stoppen met drinken. Dit is dan wellicht makkelijker voor je. Ook zou je even kunnen bellen met Jellinek voor een persoonlijk advies. Je kunt bellen met het Jellinek Expert Team van ma t/m vrij tussen 09.00-11.00 en 15.00-17.00.

 

Versie: oktober 2019

 

Welke opvattingen zijn er over verslaving?

Over verslaving kun je op verschillende manieren denken. De manier waarop over verslaving gedacht wordt bepaalt ook de aanpak. Er zijn de volgende opvattingen of modellen:

  • Het morele model
  • Het farmacologische model
  • Het psychiatrische model
  • Het sociale model
  • Het medische model
  • Het biospsychosociale model
  • Het gedragtherapeutische model
  • Het hersenziekte model
  • Het aanvaardigsmodel.

Het morele model

Het morele model gaat ervan uit dat verslaving ontstaat door een zwakke wil of morele zwakte. Verslaafden zijn zondig of schuldig.

De aanpak van verslaving moet in dit model vooral van politie en justitie komen.

Het farmacologische model

Het farmacologische model gaat geheel uit van de stof. Het is de drug die mensen verslaafd maakt. De drug zorgt ervoor dat zich tolerantie ontwikkelt en mensen last krijgen van onthoudingsverschijnselen.

De aanpak moet gericht zijn op het voorkomen dat mensen in aanraking komen met de stof. Drooglegging, het verbod op drugs en de ‘war on drugs’ zijn gebaseerd op dit model.

Het psychiatrische model

Het psychiatrische model ziet verslaving als een symptoom van een onderliggende stoornis.

De aanpak moet gericht zijn op het wegnemen van de stoornis.

Het sociale model

Het sociale model ziet verslaving als een symptoom van een relatie stoornis tussen mensen of als een reactie op stress of maatschappelijke omstandigheden.

De aanpak moet gericht zijn op het betrekken van de familie bij de behandeling of op het veranderen van de maatschappij.

Het medische model

Het medische model ziet verslaving als een lichamelijke aandoening. Verslaving is het gevolg van een lichamelijke overgevoeligheid.

De aanpak moet gericht zijn op het volledig stoppen met gebruik (abstinentie). Voor mensen met een verslaving is gebruik niet meer mogelijk. De AA en het 12 stappen Minnesotamodel zijn gebaseerd op dit model.

Het gedragstherapeutische model

Het gedragstherapeutische model ziet verslaving als aangeleerd gedrag. De positieve effecten van alcohol of drugs vergroot de kans dat opnieuw gebruikt wordt waardoor een verslaving ontstaat. Het verlangen naar het effect is belangrijker bij het ontstaan van verslaving dan de vroege ervaringen uit de jeugd.

De aanpak moet gericht zijn op het afleren van het verslavingsgedrag. De kortdurende therapie (4-12 gesprekken) in de verslavingszorg is gebaseerd op dit model. Ook de online zelfhulpprogramma’s en de online behandeling zijn op dit model gestoeld.

Het biopsychosociale model

Het biopsychosociale model gaat ervan uit dat verslaving ontstaat door het gelijktijdig werkzaam zijn van verschillende factoren, namelijk:

  • een biologische vatbaarheid
  • stoornissen in de persoonlijke ontwikkeling
  • maatschappelijke factoren.

Iemand kan bepaalde genen hebben waardoor verslaving makkelijker ontstaat. Een stoornis in iemands persoonlijke ontwikkeling kan een verslaving bevorderen. Negatieve invloeden van uit de omgeving zoals gebrek aan warmte, seksueel misbruik kunnen een rol spelen bij het ontstaan van verslaving.

De aanpak moet gericht zijn op meerdere interventies: medicatie, psychotherapie en verbetering van sociale omstandigheden.

Het hersenziekte model

Het hersenziekte model ziet verslaving als een hersenziekte.

De hersenen van mensen met een verslaving functioneren anders. Het centrum dat zorgt voor prettige gevoelens (beloningscentrum) functioneert minder goed. Drugs prikkelen dit centrum op een zeer heftige manier en zorgen voor een zeer sterke ervaring die men niet meer vergeet. Ook kan het vermogen om met sterke verlangens om te gaan, bij de een minder goed functioneren als bij de ander.

De aanpak moet gericht zijn op de ontwikkeling van medicatie die de werking van de hersenen kan beïnvloeden.

Het aanvaardingsmodel.

Het aanvaardingsmodel ziet verslaving als een aandoening die men moet accepteren.

De aanpak moet gericht zijn op het beperken van de risico’s van het gebruik. Het heeft geen zin om te proberen iemand van zijn verslaving af te helpen. Het verstrekken van heroïne en projecten als spuitomruil werken vanuit deze visie.

Op dit moment wordt vooral uitgegaan van het biopsychosociale model en het hersenziekte model.

 

Versie: mei 2019

 

Wat zijn de voordelen van stoppen of minderen met alcohol?

 

Als je stopt of mindert met het drinken van alcohol levert dit al snel veel lichamelijke voordelen voor je op. We hebben ze even voor je op een rijtje gezet:

  • je slaapt beter, en raakt hierdoor uitgerust en opgewekter
  • je smaak en reukvermogen verbeteren
  • je loopt minder risico op verschillende soorten kanker: zoals borstkanker, maagkanker en darmkanker
  • je kunt je beter concentreren op werk / school

Er zijn nog meer medische voordelen:

  • je loopt minder risico op het ontwikkelen van een depressie of angststoornis
  • je hebt minder last van brandend maagzuur of een slechte adem
  • je lever herstelt zich, hierdoor is je lever beter in staat om andere gifstoffen af te breken
  • je immuunsysteem verbetert zich: hierdoor raak je minder snel verkouden, en krijg je minder snel de griep
  • je rode bloedcellen worden sterker, hierdoor is je lichaam beter is staat om zuurstof te vervoeren
  • je lichaam is beter in staat om voedingsstoffen op te nemen (zoals vitaminen en mineralen)
  • je hebt minder kans om te vallen (onder invloed van alcohol) of om een ongeluk te krijgen

 

Versie: augustus 2019

Verslavingskans van alcohol

Geestelijke afhankelijkheid

Je kan aan alcohol geestelijk verslaafd raken. Dit betekent bijvoorbeeld dat je de alcohol nodig hebt om het naar je zin te hebben. Er wordt op feestjes vaak alcohol gedronken. Dit kan er toe leiden dat iemand op een gegeven moment niet meer van een feestje kan genieten zonder daarbij alcohol te drinken. Je spreekt dan van een geestelijke afhankelijkheid.

Lichamelijke afhankelijkheid

Tolerantieontwikkeling

Aan alcohol went men. Dat wil zeggen dat als iemand regelmatig drinkt, de effecten bij eenzelfde hoeveelheid alcohol minder worden. Men moet dan meer drinken om het oorspronkelijke effect weer te voelen.

Ontwenningsverschijnselen

Iemand die een half jaar elke dag 8 glazen drinkt, krijgt bij stoppen al last van ontwenningsverschijnselen zoals slecht slapen, transpireren en onrustig worden. Ontwenningsverschijnselen zijn vaak een reden om weer te gaan drinken. De drinker onderdrukt dan – tijdelijk – die verschijnselen. Daarna komen ze weer in een versterkte vorm terug. Zo raakt men in een vicieuze cirkel.

Als iemand een lange periode intensief alcohol heeft gedronken is het raadzaam om dit niet zelfstandig te doen maar hierover contact op te nemen met de huisarts en iemand uit de omgeving in vertrouwen te nemen. De lichamelijke ontwenningsverschijnselen verdwijnen meestal na 7 tot 10 dagen, maar geestelijk kan een drinker nog wel erg in de put zitten.

Versie: 08-11-2016

Wat zijn onthoudingsverschijnselen?

Onthouding- of ontwenningsverschijnselen zijn de lichamelijke reacties op het minderen of stoppen met gebruik. Het lichaam heeft zich door het vele gebruik aangepast. Het zenuwstelsel is veranderd: het aantal receptoren in de hersenen is door het vele gebruik afgenomen of er zijn in de lever extra enzymen ontwikkeld om de alcohol of andere drugs af te breken.

Hieronder een tabel met per drug de onthoudingsverschijnselen

Alcohol    Zweten, slecht slapen, maagklachten, misselijkheid; onrust ; angst; gespannenheid. Bij zwaar drinken: trillen; epileptische aanval, delirium.
Tabak Onrust; slaapstoornissen; niet kunnen concentreren; maagdarmstoornissen.
Cannabis Zweten; problemen met inslapen; nachtmerries, rillen; hoofdpijn; prikkelbaarheid; onrust; angst.
Cocaïne Somberheid; nergens meer plezier in hebben; eetstoornissen (eetlust neemt sterk toe of verdwijnt); slaapstoornissen (niet slapen of juist heel veel slapen). Bij langdurig gebruik kunnen de depressieve gevoelens lang aanhouden.
MDMA (XTC) Verslaving aan MDMA komt vrijwel niet voor. Eventueel kunnen verschijnselen zich voor doen zoals bij amfetamine.
Amfetamine Somberheid, angst, maagdarmstoornissen; tremors.
Heroïne Angst; onrust; klamme koude huid; grote ogen met wijde pupillen; loopneus; gapen; buikkrampen; diarree; je dan weer koud dan weer warm voelen; braken; spierpijn, krampen in rug en benen; kippenvel; toename darmbewegingen; stijging van pols, bloeddruk en lichaamstemperatuur; soms de hik.

Als het lichaam een drug ineens niet meer krijgt moet het lichaam zich opnieuw aanpassen. Dat gaat gepaard met soms heftige onthoudingsverschijnselen.

Onthoudingsverschijnselen kunnen al snel optreden. Als je een half jaar elke dag 8 glazen drinkt ervaar je al onthoudingsverschijnselen. Bij heroïne is dat al na enkele weken. Onthoudingsverschijnselen zijn vaak een reden om weer te gaan gebruiken. Bij alcohol worden de onthoudingsverschijnselen opgevangen door het voorschrijven van chloordiazepoxide (Librium), bij heroïne met methadon, bij cocaïne worden wel antidepressiva voorgeschreven.

 

Versie: juni 2020

Welke drugs hebben de grootste verslavingskans?

In 2009 zijn door een groep van experts de verschillende drugs gerangschikt op schadelijkheid (RIVM, Ranking the drugs). Hierbij werd gekeken naar een aantal criteria waaronder verslaving. De experts kwamen voor wat betreft verslaving tot de volgende rangschikking:

  1. Heroïne
  2. Crack
  3. Tabak
  4. Methamfetamine
  5. Cocaïne
  6. Alcohol
  7. Amfetamine
  8. Benzodiazepinen (slaap- en kalmeringsmiddelen)
  9. GHB
  10. Cannabis
  11. Ketamine
  12. Khat
  13. Xtc
  14. Paddo’s
  15. Lsd

Of een drug verslavend is heeft te maken met

  • de eigenschappen van de drug
  • de manier waarop het middel toegediend wordt.
  • de mate van gebruik.

Eigenschappen van de drug

Drugs kunnen verschillende eigenschappen hebben. De sterkte in effect kan verschillen. Verder treden bij de ene drug snel tolerantie en ontwenningsverschijnselen op, terwijl dat bij een andere drug veel minder het geval is.

Toedieningswijze

Ook de toedieningswijze speelt een rol. Roken en spuiten leiden sneller tot verslaving dan eten of slikken.

Mate van gebruik

Veelvuldig gebruik leidt sneller tot verslaving dan matig gebruik.

 

Het onderzoek is in 2009 gedaan. Als het onderzoek nu opnieuw uitgevoerd zou worden, zouden sommige middelen anders scoren. Over GHB hebben we in de afgelopen 10 jaar geleerd dat het een erg verslavend middel is. Dit middel zou mogelijk hoger scoren dan het nu doet.

 

Versie: januari 2019

Waarom blijven mensen verslaafd?

Mensen blijven verslaafd omdat verslaving een stoornis of ziekte is die door het voortdurende gebruik continu gevoed wordt. Verslaving kan de hersenen veranderen. Het beloningscentrum gaat steeds slechter functioneren en het vermogen om impulsen te controleren gaat steeds verder achteruit (zie de vraag: is verslaving een hersenziekte).

Een verslaving kan zich op zo’n manier ontwikkelen dat zij helemaal los komt te staan van de oorspronkelijke reden waarom ooit met drinken of gebruik begonnen werd.

Mensen kunnen door hun gebruik in een spiraal naar beneden komen. Het gebruik brengt allerlei veranderingen en problemen met zich mee. Deze veranderingen en problemen zijn voor de gebruiker reden om opnieuw te gaan gebruiken. Hierdoor worden de problemen alleen maar groter en wordt steeds meer gebruikt.

Aan verslaving liggen een aantal vicieuze cirkels ten grondslag. Van Dijk heeft dit beschreven voor alcohol. Er zijn vier vicieuze cirkels te onderscheiden:

De farmacologische vicieuze cirkel

Het lichaam en de hersenen van de gebruiker passen zich aan de dagelijkse hoeveelheden alcohol aan. Hij ontwikkelt tolerantie en krijgt bij minderen of stoppen ontwenningsverschijnselen. De ontwenningsverschijnselen zijn redenen om weer te gaan gebruiken. Hierdoor verdwijnen de ontwenningsverschijnselen voor even, maar komen al snel in ergere vorm terug.

Er wordt opnieuw gebruikt waardoor…. enz, enz. De behoefte aan alcohol wordt door de farmacologische cirkel alleen maar groter.

De psychische vicieuze cirkel

De gebruiker ervaart de roes van alcohol als positief. Deze roes en de omgeving waarin hij gebruikte vormen een krachtige herinnering. Deze herinnering zorgt ervoor dat de neiging om opnieuw te gaan gebruiken groot is.
Door het gebruik ontstaan schuld- en schaamte gevoelens. Deze gevoelens worden als onaangenaam beleefd. De reactie op onaangename gevoelens is opnieuw gebruiken of drinken. Hierdoor nemen de deze gevoelens alleen maar toe, waardoor er weer opnieuw gebruikt wordt. Enz, enz.

De behoefte aan alcohol wordt door de psychische cirkel alleen maar groter.

De sociale vicieuze cirkel

Het drinken leidt tot allerlei problemen. Ruzies met vrienden/familie en werk. Soms ook problemen met politie en justitie. Uiteindelijk ervaart een verslaafde steeds meer dat hij afgewezen wordt en komt hij steeds meer alleen te staan. Deze problemen vormen op hun beurt weer redenen om te drinken, waardoor de problemen alleen maar groter worden.

‘Drink je omdat je het moeilijk hebt of heb je het moeilijk omdat je drinkt’ was een leus waarmee de Jellinek een aantal jaren terug campagne voerde. De leus verwoorde de sociale vicieuze cirkel waarin verslaafden terecht kunnen komen.

De cerebrale cirkel

Door het vele drinken kunnen ook de hersenen aangetast worden. Het beloningscentrum wat bij verslaafden al vaak minder goed functioneert gaat door het voortdurende gebruik nog slechter functioneren. Hierdoor voelen ze zich vaak slecht. Ook het functioneren van de cortex traktaat door het vele gebruik verder achterop. Hierdoor wordt het voor de verslaafde steeds moeilijker om weerstand te beiden aan de impuls om te drinken. Hierdoor raken de hersenen weer verder aangetast, waardoor de kans dat de gebruiker zal stoppen alleen maar kleiner wordt.

 

Versie: juni 2019

 

Waarom wordt de een wel verslaafd en de ander niet?

Of je van een drug afhankelijk raakt hangt af van vier factoren. Op de meeste factoren kunnen mensen verschillen waardoor de één een grotere kans heeft om verslaafd te raken dan een ander. De factoren zijn:

  • De eigenschappen van de drug;
  • Je lichamelijke constitutie;
  • Je persoonlijke eigenschappen;
  • Je sociale en maatschappelijke situatie.

Zinberg (1984) noemde deze factoren drug, set en setting. Set is dan nog onder te verdelen in lichamelijke constitutie en persoonlijke eigenschappen.

Eigenschappen van het middel

Sommige drugs zijn meer verslavend dan andere. Sommige drugs hebben een sterker effect dan andere. Er zijn drugs waarbij je snel tolerantie en ontwenningsverschijnselen ontwikkelt en er zijn drugs waarbij dat veel langzamer gaat. Heroïne, basecoke (crack) en tabak zijn de meest verslavende drugs.

Ook de toedieningswijze heeft te maken met kans op verslaving. Roken en spuiten zijn manieren die eerder tot verslaving leiden dan eten of slikken. Tenslotte speelt de mate van gebruik een belangrijke rol.

Lichamelijke constitutie

Steeds meer wordt duidelijk dat het ontstaan van verslaving te maken heeft met het functioneren van onze hersenen. Het gaat hierbij om:

  • het functioneren van het beloningscentrum
  • het functioneren van de controle mechanismen over impulsen.

Het beloningscentrum kan bij de een minder goed functioneren dan bij de ander. Bepaalde genen kunnen ervoor zorgen dat iemand een gering aantal dopaminereceptoren heeft. Het gebruiken van drugs zal al snel een grote invloed hebben waardoor de kans op herhaling van gebruik groot is.

Het vermogen om met krachtige impulsen om te gaan dat gelegen is in de frontaalkwab, kan minder goed functioneren. Ook hierin kunnen mensen verschillen. De manier waarop je hersenen functioneren is erfelijk. Als een van je ouders alcoholist is, is de kans dat jij ook alcoholist wordt 34% groter (1).

Persoonlijke eigenschappen

Iemands persoonlijke eigenschappen of het al of niet hebben van persoonlijke problemen kunnen ook van invloed zijn op het verslaafd raken.

Bijvoorbeeld het op een sterke manier ervaren van negatieve gevoelens, zonder deze te kunnen hanteren, kan een rol spelen bij het ontstaan van verslaving. Als zo iemand ontdekt dat gebruik van alcohol of drugs een tijdelijke verlichting kunnen geven, zal hij steeds vaker gaan gebruiken. Alcohol en drugs zijn voor hem dan ook extra riskant.

Verder zullen alcohol en drugs, bij iemand die weinig hobby’s of interesses heeft, een grotere kans maken om een plaats te veroveren, dan bij iemand die voortdurend veel te doen heeft. Problemen zijn ook riskant zeker als gebruikt wordt om in stemming te komen waarbij je deze problemen minder voelt.

De sociale en maatschappelijke situatie

De sociale situatie van iemand kan ook een belangrijke rol spelen bij het al dan niet verslaafd raken. Het al of niet hebben van mensen die om je geven, het opgroeien in een stressvolle omgeving, het al of niet aanwezig zijn van sportclubs, kansen op onderwijs en werk kunnen een rol spelen bij het ontstaan van verslaving.

Al deze factoren dragen bij aan het ontstaan van verslaving. Scoor je goed op een factor (bijvoorbeeld persoonlijke eigenschappen), dan kun je wat meer risico lopen bij een andere factor.Een riskante drug als cocaïne zal dan pas vat op je krijgen wanneer ook de sociale en maatschappelijke situatie heel slecht is.

 

Versie: juni 2019

Is het beter om ook te stoppen met roken als ik met alcohol of drugs wil minderen/stoppen?

Ja, het is beter om te stoppen met tabak wanneer je met een ander middel wilt stoppen. Er werd lang gedacht dat ook stoppen met roken te zwaar zou zijn wanneer iemand al afkickt van alcohol of drugs. De persoon zou dan te veel last krijgen van ontwenningsverschijnselen en te onrustig worden. De kans van slagen van de behandeling zou hierdoor kunnen verminderen.

Dit idee is tegenwoordig achterhaald. Er blijkt zelfs dat stoppen met tabak het terugvalpercentage na behandeling verlaagt (1). Nicotine heeft een sterke invloed op je beloningssysteem en op de manier waarop je geheugen werkt. Door deze werking wordt je ook vatbaarder om aan andere middelen verslaafd te raken en te blijven.

Daarnaast vermindert onrust, agressie en somberheid wanneer je stopt met roken. Hierdoor wordt je weerbaarder om verleidingen te weerstaan. De concentratie en rust tijdens behandelgroepen gaat ook omhoog. De behandeling wordt zo effectiever.

Stoppen met roken loont dus altijd. Ook als je problemen hebt met andere middelen. Vandaar dat Jellinek de eerste instelling voor verslavingszorg is die rookvrij is geworden.

Lees hier welke voordelen stoppen met roken nog meer heeft: Wat zijn de voordelen van stoppen met roken?

 

Bron: (1) https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/15612860

 

Versie: augustus 2019

Wat is tolerantie?

Het menselijk lichaam ziet iedere drug als een gif en probeert er zo snel mogelijk vanaf te komen. Als een drug voortdurend wordt ingenomen wordt het lichaam gedwongen zich aan de drug aan te passen. Er moeten dan grotere hoeveelheden van de drug genomen worden om de effecten nog te voelen. Dat noemen we tolerantie.

Het eerste glas alcohol voel je meteen maar na een aantal jaren heb je al 4 of 5 glazen nodig om het effect nog te voelen. Bij amfetamine moeten dagelijkse gebruikers na 100 dagen al 20 keer zoveel nemen om de effecten nog te voelen. Er zijn verschillende soorten tolerantie:

Metabole(=stofwisseling) tolerantie

Het lichaam reageert op de drug door de drug sneller af te breken. Dezelfde hoeveelheid levert bij het eerste gebruik een hogere bloedspiegel op dan bij later gebruik. Daardoor worden de effecten minder gevoeld.

Weefsel tolerantie

Bij weefsel tolerantie worden zenuwcellen minder gevoelig voor de drug. Ook hierdoor worden de effecten minder gevoeld.

Acute tolerantie

Bij acute tolerantie past het lichaam zich vrijwel onmiddellijk aan de drug aan. Hiervan is bijvoorbeeld sprake bij tabak waarbij zich al na de eerste trek tolerantie ontwikkelt.

Selectieve tolerantie

Selectieve tolerantie wil zeggen dat het tempo waarin tolerantie zich ontwikkelt voor verschillende effecten kan verschillen. Codeïne verdooft pijn en veroorzaakt misselijkheid. Na een week werkt het nog steeds pijnstillend, maar treedt de misselijkheid niet meer op. Ook voor xtc zie je een verschillende tolerantie ontwikkeling voor de effecten van het middel. Bij herhaald gebruik treedt het oppeppend effect nog steeds op, maar het bewustzijnsveranderende effect niet meer.

Omgekeerde tolerantie

Door vernietiging van bepaalde weefsels of door ouder worden kan de persoon ineens weer gevoeliger worden voor alcohol of drugs. Dat zie je bijvoorbeeld bij alcohol. Als de lever door het vele drinken minder functioneert blijft de alcohol maar door het lichaam circuleren. De drinker blijft dan de hele dag dronken van slechts een glas wijn.

Gedragstolerantie

Bij gedragstolerantie is sprake als de gebruiker weet wat hij alcohol kan verwachten. Hij kan dan compenseren voor de effecten. Bijvoorbeeld door extra oplettend te zijn.

Zie ook de animatie Drugs in het lichaam.

 

Versie: mei 2019

ISO 9001 HKZ

Disclaimer | Privacy- en Cookiebeleid | © 2020 Jellinek - Alle rechten voorbehouden | Realisatie: Lemon

Arkin