Deel jouw ervaring

Beleid, wet & verkeer

Hieronder lees je alle vragen over dit thema. Kan je iets niet vinden? Stel dan je vraag aan een van onze medewerkers via Vraag & Antwoord.

Is drugs langer aantoonbaar in het bloed of speeksel bij iemand met extreem ondergewicht (anorexia)?

In principe breken mensen met anorexia hun medicatie (en dus ook drugs) even snel af als andere mensen. Ze hebben wel minder verdelingsvolume, dus minder lichaamsvolume waarover medicatie kan worden verspreid, waardoor ze een lagere dosering medicatie moeten gebruiken dan gezonde mensen, maar de afbraaksnelheid blijft hetzelfde.

Verder raden we mensen met anorexia af om drugs te gebruiken, met name cocaïne of andere stimulerende middelen. Mensen met anorexia hebben soms een zout-tekort (kalium) in hun bloed, hierdoor lopen ze een groter risico op hartritmestoornissen dan gezonde mensen. Cocaïne geeft ook een verhoogd risico op hartritmestoornissen, dus voor mensen met anorexia wordt dit risico nog groter.

 

Versie: maart 2020

Welke wetten en regelingen zijn er over alcohol?

Er zijn 6 regelingen waarin alcohol genoemd wordt:

  1. De Drank- en Horecawet
  2. De Wegenverkeerswet
  3. De APV (Algemeen Plaatselijke Politie Verordening)
  4. De Reclame code
  5. Het Wetboek van Strafrecht
  6. De Mediawet

De eerste 5 regelingen worden in verschillende vragen en antwoorden van deze rubriek apart besproken.

De Mediawet

In de Mediawet staan de regels voor publieke en commerciële omroepen. Over alcohol zijn er regels voor de uitzendtijd, sponsoring en productplaatsing.

Uitzendtijd: voor 21u mag er op televisie geen reclame gemaakt worden voor alcohol.

Sponsoring: de sponsor wordt o.a. vermeld met een duur van maximaal 5 seconden. Tussen 6 en 21u dient dit op neutrale wijze te gebeuren. Na 21u hoeft het niet neutraal te zijn maar mag het ook geen aanprijzing zijn.

Productplaatsing is verboden voor alle alcoholhoudende dranken bij programma’s van de publieke omroep, bij de commerciële zenders is het vanaf 21u toegestaan. Aanmoediging van de verkoop of het drinken van een bepaalde drank mag niet.

Bron: Stiva

 

Versie: augustus 2019

Wat staat er in de Drank- en Horecawet?

De Drank- en Horecawet is bedoeld om de verkoop van alcohol op een verantwoorde manier te laten gebeuren. De wet richt zich met name op de verkopers (verstrekkers) van alcohol in horeca (hotel, restaurant en café), sportkantines, slijterijen en winkels. Het toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet ligt bij de gemeente. De gemeente wijst ambtenaren aan die toezicht houden. De burgemeester kan boetes opleggen en de opbrengsten van de boetes gaan naar de gemeente. De Drank- en Horecawet is per 1 januari 2014 gewijzigd. De leeftijd waarop alcohol verkocht mag worden is verhoogd van 16 naar 18 jaar. Tot 31 december 2013 gold voor zwak alcoholische dranken nog de minimumleeftijd van 16 jaar.

Enkele belangrijke bepalingen zijn:

  • Voor het verkopen van alcohol in café of slijterij is een vergunning nodig. Voor het verkopen van alcoholische dranken in een winkel of supermarkt is geen vergunning nodig maar ze mogen alleen zwak alcoholische dranken verkopen.
  • Per 1 januari 2014 mag aan jongeren onder de 18 jaar geen alcohol verkocht worden.
  • Bij overtreden van de wet kan de burgemeester de vergunning van een horecagelegenheid of slijterij schorsen.
  • Bij supermarkten of andere detailhandelaren kan de gemeente het recht om alcohol te verkopen ontnemen (tot maximaal 12 weken) als blijkt dat zij binnen een jaar drie keer (3-strikes out) betrapt zijn op het verkopen van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar.
  • Per 1 januari 2014 zijn jongeren onder de 18 jaar strafbaar als ze op straat, stations, in winkelcentra of in cafés, alcoholhoudende drank bij zich hebben (boete € 45).
  • Gemeenten kunnen voortaan de happy hours of prijsacties beperken.
  • Gemeenten moeten een verordening opstellen met o.a. schenktijden in sportclubs, studentenverenigingen en club- en buurthuizen.
  • Alcohol mag niet verkocht worden bij tankstations en winkeltjes langs de snelweg.
  • Voor het schenken van alcohol in de horeca is vakkennis vereist.
  • Toelatings- en schenkverbod.

Vergunning voor het verstrekken van alcohol

Voor het verkopen van drank is een vergunning nodig. Deze vergunning wordt door de gemeente verstrekt. Zowel de commerciële horeca als de niet- commerciële horeca moeten voor het mogen schenken van alcohol een vergunning aanvragen. Supermarkten en detailhandel hebben geen vergunning nodig maar ze mogen alleen zwak alcoholische dranken verkopen. Zwak-alcoholhoudende dranken zijn bier, wijn en gedistilleerde dranken met een alcoholgehalte van minder dan 15%. Sterke drank mag alleen in slijterij verkocht worden. Daarvoor is een slijterijvergunning nodig.

18 jaar

Per 1 januari 2014 mag aan jongeren onder de 18 geen alcoholische drank verkocht worden. Dranken met een percentage vanaf 0,5% worden als alcoholhoudend gezien.

3-strikes out

Bij overtreden van de Drank- en Horecawet kan de Burgemeester de drank of horecavergunning schorsen. Bij supermarkten of andere detailhandelaren kan de burgemeester het recht om alcohol te verkopen ontnemen. Hij kan dit doen als een supermarkt binnen een jaar drie keer betrapt wordt op het verkopen van alcohol aan jongeren onder de 18.

Jongeren strafbaar

Per 1 januari 2014 zijn jongeren onder de 18 die in publieke ruimte zoals op straat, terrassen, cafés of slijterijen, alcohol bij zich hebben of gebruiken strafbaar. Thuis drinken onder de 18 is wel toegestaan. De verkoper van alcohol moet in geval van twijfel aan jongeren om een geldig leeftijdsbewijs vragen. Jongeren kunnen aan de hand van een paspoort, rijbewijs, OV-studentenkaart of bromfietscertificaat laten zien hoe oud ze zijn. Het leeftijdsbewijs geldt voor alle plekken waar alcohol wordt verkocht, zoals onder andere in supermarkten, kantines van sportclubs, club- en buurthuizen, popfestivals en discotheken.

Beperken happyhours

Gemeenten kunnen happy hours en/of stunten met alcoholprijzen beperken.

Verordening schenktijden

Gemeenten moeten een verordening vaststellen waarin de schenktijden van sportclubs, studentenverenigingen en club- en buurthuizen worden geregeld.
Verenigingen, stichtingen en clubs moeten bij het aanvragen van een vergunning een zogenaamd alcoholreglement overleggen. Dit reglement moet een aantal regels bevatten. Een voorbeeld van zo’n regel is dat barvrijwilligers niet mogen drinken.

Tankstations

Op bepaalde plekken mag geen alcohol worden verkocht zoals bij tankstations, winkeltjes of restaurants langs de snelweg. Ook mag er geen alcohol verkocht worden in winkels waar geen levensmiddelen verkocht worden, zoals muziekwinkels, bouwmarkten en kledingwinkels.

Vakdiploma

In de commerciële horeca moet als de bar open is iemand aanwezig zijn die in het bezit is van dit diploma Sociale Hygiëne. Door dit diploma heeft de verkoper van alcohol kennis over alcohol en het verantwoord schenken daarvan. Voor de niet-commerciële horeca (bars bij verenigingen, clubs, stichtingen) moet als de bar open is minimaal een ‘geïnstrueerde barvrijwilliger’ aanwezig te zijn. Een barvrijwiliger is geïnstrueerd als hij de cursus ‘Instructie Verantwoord Alcoholgebruik’ (IVA) gevolgd heeft. Dit is een veel lichtere cursus dan het diploma Sociale Hygiëne. Wel moeten twee leidinggevenden van de vereniging of club, het diploma Sociale Hygiëne hebben. Zij hoeven echter niet aanwezig te zijn als de bar open is.

Toelatings- en schenkverbod

In de Drank- en Horecawet staat de bepaling dat er niet mag doorgetapt worden aan personen die dronken zijn. Bovendien staat dit ook nog een vermeld in het Wetboek van Strafrecht. Doortappen is dus een strafbaar feit.

 

Versie: juni 2020

Wat is de Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken?

In de Drank- en Horecawet staan geen bepalingen over reclame. Voorheen werd erop vertrouwd dat de alcoholbranche zichzelf voldoende regels zou opleggen. De opvatting was dat zelfregulering beter is dan wetgeving. De zelfregulering staat nog overeind maar de overheid heeft toch in de mediawet laten opnemen dat voor 21.00 geen reclame voor alcohol op radio en TV mag worden gemaakt. Dit zijn tijden waarop jongeren veel naar de TV kijken.

De zelf opgelegde regels staan in de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken.

De Reclamecode bestaat uit een aantal afspraken zoals:

  • Reclame mag zich niet specifiek richten tot minderjarigen (personen onder de 18 jaar).
  • Reclame mag niet de indruk wekken dat er een oorzakelijk verband is tussen het drinken en het hebben van sociaal en seksueel succes.
  • Reclame mag geen mensen tonen die jonger zijn of jonger lijken dan 25 jaar.
  • Reclame mag niet suggereren dat consumptie een teken van volwassenheid is.
  • Reclame die wordt uitgezonden op televisie, in bioscopen, theaters moet voorzien zijn van de slogan ‘Geen 18, geen alcohol’. Eventueel in combinatie met ‘Geniet, maar drink met mate’.
  • Reclame is niet toegestaan op billboards, swanks, abri’s en mupi’s die zijn geplaatst in het zicht van ontwenningsklinieken of onderwijsinstellingen.
  • Reclame mag niet in strijd zijn met de goede smaak en het fatsoen, of afbreuk doen aan de menselijke waardigheid en integriteit.

In geval van overtreding kunnen bedrijven/organisaties die lid zijn een boete krijgen afhankelijk van de ernst en de mate van de overtreding. Iedereen die meent dat een reclame-uiting niet voldoet aan de regels in de Code kan hierover een klacht indienen bij de Reclame Code Commissie (RCC).

Klik hier voor de volledige tekst van de reclamecode.

Bekijk ook onderstaande video om te zien hoe reclame is veranderd over de jaren. Zo’n reclame voor sigaretten kunnen we ons tegenwoordig niet meer voorstellen.

 

Versie: augustus 2019

Wat staat er in het Wetboek van Strafrecht over alcohol?

In het Nederlandse Wetboek van Strafrecht is de basis van het Nederlandse strafrecht, samen met het Wetboek van Strafvordering. Het Wetboek van Strafrecht bestaat uit drie onderdelen; Algemene bepalingen; Misdrijven en Overtredingen. In het Wetboek van Strafvordering staat beschreven hoe strafrechtelijke procedures verlopen.

In het Wetboek van Strafrecht staan de volgende bepalingen over alcohol:

  • Openbare dronkenschap en de verstoring van de openbare orde in staat van dronkenschap zijn strafbaar.
  • Het is verboden alcohol te verkopen of te schenken aan iemand die zichtbaar dronken is.
  • Kinderen onder de 16 jaar mogen niet dronken worden gevoerd.
  • Het is verboden dat iemand door geweld of bedreiging wordt gedwongen alcohol te drinken.

 

Versie: augustus 2019

Wat is het doel van het alcoholbeleid?

Het alcoholbeleid heeft als doel het voorkomen van schadelijk alcoholgebruik. Alcoholgebruik is niet verboden maar wel riskant. Er moeten dus regelingen bestaan over de productie en verkoop van alcohol. Daarnaast moet er voorlichting en hulpverlening zijn. In 2007 verscheen een brief (1) van de regering over het alcoholbeleid. Deze brief leidde tot een verscherping van de Drank en Horeca wet die januari 2013 in werking is getreden. In 2012 is door de Tweede kamer een wetsvoorstel ingediend om de alcoholleeftijd te verhogen naar 18 jaar. Dit wetsvoorstel is aangenomen en 1 januari 2014 ingegaan.

De overheid heeft vier doelen ten aanzien van het gebruik van alcohol:

  • Bereiken dat jongeren niet voor hun 18e beginnen met alcohol
  • Bereiken dat de mensen boven de 18 jaar die wel drinken dit verantwoord doen
  • Het voorkomen dat mensen geestelijk of lichamelijk afhankelijk worden van alcohol
  • Verminderen van gevolgen van alcoholmisbruik (bijvoorbeeld: overlast op straat, agressie in het gezin of verkeersongelukken)

Een aantal maatregelen uit de brief van 2007 zijn inmiddels genomen:

Verbod alcoholreclame

Sinds 1 januari 2009 geldt er tussen 6.00 en 21.00 een verbod op alcoholreclame op radio en TV

Campagnes

Er is o.a een campagne gevoerd : “Zeg NEE tegen alcoholschade bij uw opgroeiende kind”. Door deze campagne zijn ouders ervan bewust gemaakt dat zij een belangrijke rol kunnen spelen bij het uitstellen van alcoholgebruik door hun kinderen. De campagne stimuleerde ouders om weer de regel te stellen: ”onder de 16 geen alcohol”.

Eind 2013 kwam er een nieuwe campagne: NIX 18. Deze campagne is gericht op jongeren met als doel een nieuwe sociale norm te stellen waarin het normaal is om voor je 18e geen alcohol te drinken en niet te roken.

Aanscherping Drank- en Horeca wet

Per 1 januari 2014 is de nieuwe Drank en Horecawet in werking getreden. Maatregelen zijn o.a:

  • Jongeren onder de 18 jaar zijn strafbaar als ze op straat, stations, in winkelcentra of in cafés, alcoholhoudende drank bij zich hebben
  • De gemeenten moeten voortaan een preventie- en handhavingsplan alcohol opstellen en houdt voortaan toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet. Dit lag voorheen bij de Voedsel en Warenautoriteit. De burgemeester kan boetes opleggen en horeca en slijterij vergunningen schorsen.
  • De burgemeester kan bij supermarkten en detailhandelaren het recht om alcohol te verkopen tot maximaal 12 weken ontnemen. Hij kan dit doen wanneer supermarkten binnen 1 jaar, 3 keer betrapt (3-strikes out) worden op het verkopen van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar.
  • Gemeenten mogen voortaan de happy hours en andere prijsacties beperken.
  • Gemeenten moeten een verordening vaststellen waarin o.a de schenktijden in sport- en andere kantines gereguleerd wordt.

Accijnsverhoging

Per 1 januari 2009 is de accijns op bier verhoogd van € 0,068 naar € 0,8 cent per glas. Per 1 januari 2010 is ook de accijns op wijn verhoogd. Dergelijke geringe accijnsverhogingen zijn echter onvoldoende om de consumptie van alcohol terug te dringen. Daarom pleitte in 2012 het Trimbos-instituut, STAP en Jellinek voor een accijnsverhoging van 50% en een jaarlijkse indexatie vanaf 2014. Ook deze verhoging zou per glas per glas slechts enkele centen schelen. Het voorstel is niet overgenomen. Wel is in 2013 de accijns op bier met 10% toegenomen naar € 0,09 cent per glas. Ook de accijns op wijn ging omhoog. In januari 2014 werd opnieuw een beperkte accijnsverhoging van 5.75% ingevoerd worden. Voor de consument zal ook deze accijnsverhoging nauwelijks voelbaar zijn.

 

Bronnen

  1. Hoofdlijnen brief alcoholbeleid. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2007)

 

Versie: januari 2016

 

Hoe zit het met alcoholvrij, alcoholhoudend en alcoholarm bier en de wet?

Zie deze handige factsheet voor meer informatie over dit onderwerp:

Factsheet Wanneer is bier voor de wet alcohol

 

Bron: Stap

Versie: juli 2020

Is alcohol volgens de wet een harddrug?

In de Opiumwet wordt een onderscheid gemaakt tussen harddrugs en softdrugs. Harddrugs zijn drugs met een onaanvaardbaar risico en zijn schadelijker voor de gezondheid dan softdrugs. Voorbeelden van harddrugs zijn xtc, cocaïne en amfetamine. Voorbeelden van softdrugs zijn cannabisproducten en slaap- en kalmeringsmiddelen. Alcohol komt in de Opiumwet niet voor en is in die zin geen harddrug volgens de wet. Echter is alcohol uiteraard wel een drug. Sterker nog, het is een van de meest schadelijke middelen. Bezit, productie en verkoop van alcohol is geregeld in allerlei wetten waaronder de Drank- en Horecawet.

Het begrip soft- en harddrugs wil dus duidelijk maken dat de ernst van de risico’s verschillen. De risico’s bij harddrugs zijn groter dan bij softdrugs. Of een drug hard of soft is heeft echter ook te maken met de manier waarop het gebruikt wordt.

Soft en hard gebruik

Hasj en wiet zijn dan softdrugs maar men kan het wel op een harde manier gebruiken. Bijvoorbeeld door elke dag te blowen en voortdurend stoned te zijn. Ook dan krijgen hasj of wiet alle eigenschappen van een harddrug. Behalve van soft- en harddrugs kunnen we dus ook spreken van ‘soft en hard gebruik’.

Dit is eigenlijk een veel zinvoller onderscheid dan het onderscheid in hard- en softdrugs.

Ook alcohol kan men op een softe of harde manier gebruiken. Bij matig of soft gebruik hoeft alcohol niet zoveel schade met zich mee te brengen. Echter bij overmatig of hard gebruik wordt alcohol één van de ergste harddrugs. Het is verslavend, leidt tot allerlei (dodelijke) ziekten en brengt grote maatschappelijke problemen met zich mee.

Alcohol kunnen we dus ook als harddrug zien, maar of het een harddrug wordt hangt af van de manier waarop je het gebruikt. Bij matig gebruik is het onschuldig, pas bij overmatig gebruik wordt het erg schadelijk.

 

Versie: augustus 2019

 

Waarom mag alcohol niet verkocht worden onder de 18?

Per 1 januari 2014 is de leeftijd waarop alcohol verkocht mag worden aan jongeren verhoogd naar 18 jaar. Tot 31 december 2013 was de grens 16 jaar voor zwak alcoholische dranken en 18 voor sterk alcoholische dranken. Voor wat betreft verkoop verviel dus in 2014 het onderscheid tussen sterk en zwak. Jongeren onder de 18 zijn sinds 2014 ook strafbaar als ze op publiek toegankelijke plaatsen (met uitzondering van winkels) alcohol bij zich hebben. Deze boete is € 47,50 als je tussen de 12 en 16 jaar bent. Ben je 16 of 17 jaar? Dan is de boete € 95.

De grens van 18 jaar is gekozen om jonge mensen te beschermen tegen de schadelijke gevolgen van het drinken van alcohol.

Kijken we puur naar de schade van het lichaam dan had de wetgever eigenlijk voor de leeftijd van 24 jaar moeten kiezen. De hersenen ontwikkelen zich namelijk tot het 24e levensjaar.

Redenen

Alcoholgebruik door jongeren onder de 18 is extra riskant omdat:

  • Alcohol schadelijk is voor het lichaam en de ontwikkeling van de hersenen. Diverse organen zijn op je 18e nog in ontwikkeling. Zo ontwikkelen je hersenen zich tot hun 24e. Alcohol heeft een negatieve invloed op de ontwikkeling van de hersenen.
  • Veel drinken op jonge leeftijd de kans op alcoholproblemen op latere leeftijd vergroot.
  • Je nog niet volgroeid bent en minder lichaamsvocht hebt. Alcohol zich verdeelt over het bloed, lichaamsvocht en weefsels. Als je nog niet volgroeid bent heb je minder lichaamsvocht dan een volwassen iemand en bereik je bij eenzelfde hoeveelheid alcohol een veel hoger promillage.
  • Je lever alcohol langzamer afbreekt.
  • Relatief veel jongeren een alcoholvergiftiging krijgen. Dit komt omdat ze nog niet volgroeid zijn en nog niet gewend zijn aan alcohol.
  • Alcoholgebruik op jonge leeftijd vaak samengaat met geweld en agressie, ongevallen, verkeersongelukken en onveilige seks.

 

Versie: juni 2020

Hoe beïnvloedt alcohol je rijgedrag?

Alcohol heeft invloed op:

Het reactievermogen

Het reactievermogen neemt zeer snel af, ook bij een geroutineerde drinker. Bij twee glazen duurt het al een halve seconde langer voordat iemand, als het moet, op de rem trapt. Bij 80 kilometer per uur betekent die halve seconde dat de remweg elf meter langer wordt.

Het overzicht op verkeerssituaties

Ingewikkelde verkeerssituaties kan men niet meer overzien. Iemand kan nog maar op één ding tegelijk letten.

Het zien wat er rechts en links van je gebeurt

Men ziet minder goed wat er aan de rechter- en linkerkant gebeurt (tunnelvisie). Het oog beweegt minder snel naar rechts of naar links en is op het middelpunt van de weg gericht (tunnelblik).

Voorzichtigheid

Als iemand veel drinkt wordt hij/zij overmoedig en denkt beter te kunnen rijden.

Verkeersslachtoffers

Jaarlijks zijn veel mensen het slachtoffer van ongelukken door alcohol in het verkeer.

 

Versie: augustus 2019

Hoelang is alcohol zichtbaar in je lichaam en in je bloed?

Een glas alcohol bevat gemiddeld 10 gram alcohol. De lever breekt 7 gram alcohol per uur af. De lever doet er dus een uur tot anderhalf uur over om een glas alcohol af te breken. Hoe meer je drinkt, hoe langer dit duurt.

Niet alleen de snelheid waarmee de alcohol in het lichaam wordt afgebroken is van belang. De hoeveelheid alcohol in het bloed is ook afhankelijk van geslacht en gewicht. Alcohol verdunt zich namelijk met het lichaamsvocht. Het lichaam van een man bevat gemiddeld aanmerkelijk meer lichaamsvocht dan het lichaam van een vrouw (vrouwen hebben meer vetweefsel) en zijn gemiddeld ook zwaarder. Dus bij mannen komt de alcohol minder hard aan dan bij vrouwen.

Er is een formule waarmee je kunt uitrekenen hoe hoog je alcoholpromillage is op een bepaald moment. Met de formule kun je ook berekenen hoelang het duurt voordat je promillage onder de 0,5 komt.

Bepalen van promillage

Voor het bepalen van promillage alcohol in het bloed meet men de hoeveelheid alcohol in de uitademingslucht. De politie kan een blaastest afnemen. De test op straat wordt alleen gebruikt om aan te tonen of het gebruik boven de 0,5 promille is. Als het lager is mag de persoon doorrijden, maar als het hoger is dan 0,5 promille dan moet de bestuurder mee naar het politiebureau.

Op het bureau meet men het alcoholpromillage van de persoon opnieuw, alleen dit keer aan de hand van nauwkeuriger meetapparatuur, zodat het exacte promillage vastgesteld kan worden. Het apparaat meet het aantal microgrammen pure alcohol per liter lucht. Het aantal microgrammen per liter lucht kun je omrekenen naar het promillage.

Alcoholtesten door middel van Etylglucuronide (EtG) testen de urine op aanwezigheid van de alocholmetaboliet EtG. Het voordeel van het meten van EtG is dat dit langer aantoonbaar is in de urine dan alcohol. Daarmee is het een nuttige bepaling om gebruik van alcohol vast te stellen. EtG is gedurende 2 tot 5 dagen na alcohol consumptie aantoonbaar. Dat wil zeggen dat wanneer deze test binnen 5 dagen wordt herhaald een positieve uitslag nog een restwaarde zou kunnen zijn van eerder gebruik. Indien een test na 5 dagen wordt herhaald en positief is, wijst dit altijd op nieuw gebruik. Indien een test na 2-5 dagen wordt herhaald en de EtG-waarde is positief, maar meer dan 50% gedaald, dan is het mogelijk dat er geen sprake is van nieuw alcoholgebruik. Indien een test na 2-5 dagen wordt herhaald en de EtG-waarde is positief en hoger of minder dan 50% gedaald, dan is het zeer waarschijnlijk dat er sprake is van nieuw alcoholgebruik.

Bepalen van leverwaarden

Bij alcohol is het mogelijk om ook over een langere periode terug te kijken. Deze speciale tests meten niet de actuele hoeveelheid alcohol, maar bepaalde leverwaarden. Als iemand is aangehouden met alcohol in het verkeer, dan kan bijvoorbeeld het CBR dergelijk onderzoek uitvoeren.

Maar hoelang duurt het voordat bepaalde bloedwaarden weer normaal zijn? Cdt is een eiwit dat ijzer vervoert in het lichaam. Wanneer je langdurig veel alcohol drinkt, stijgt je cdt-waarde. Het duurt daarna vier tot zes weken totdat je cdt weer gedaald is naar normaal.

NB: Wanneer je veel ijzertabletten slikt, kan je cdt waarde ook stijgen, het cdt stijgt dan om alle ijzer te kunnen vervoeren in je lichaam.

Andere metingen

Er is nog een aantal andere metingen in het bloed die worden gedaan om alcoholgebruik over een langere periode terug aan te tonen.

Bijvoorbeeld het meten van leverenzymen: ASAT, ALAT, GGT en LDH.

Wanneer je veel alcohol drinkt, gaan er cellen kapot in je lever. Als er te veel cellen kapot gaan, komen er meer leverenzymen vrij dan normaal. Dit kun je dan meten in het bloed. Wanneer je leverenzymen verhoogd zijn, betekent dit dat er schade is aangericht aan je lever. Wanneer je lever ernstig beschadigd is geraakt, kan het maanden duren voordat de leverenzymen naar normaal gedaald zijn, en soms herstelt je lever helemaal niet meer (je leverenzymen blijven dan verhoogd). Dit kan bijvoorbeeld ingezet worden bij een verkeersovertreding of om gestopte alcoholisten te checken.

Daarnaast wordt er ook gekeken naar het MCV (mean corpuscular volume), het MCV is de doorsnede van de rode bloedcel.

Wanneer je veel alcohol gebruikt, zijn je rode bloedcellen groter dan normaal. Dit komt onder andere door een tekort aan vitamine B12 dat bij alcoholisten vaak voorkomt. Het duurt twee tot vier maanden tot het MCV weer gedaald is naar een normale waarde.

 

Versie: augustus 2019

Kan iemand in 45 minuten een alcohol promillage van 3 promille opbouwen?

9 blikken bier van 0,33 cl is 12 eenheden (er vanuit gaande dat het 5% bier is). Het leek onze verslavingsarts onwaarschijnlijk dat je daarmee zo’n hoge BAC in het bloed kunt maken, in zo’n korte tijd. Maar niet onmogelijk.

Als we daarnaast de formule van de alcoholcalculator invullen dan blijkt dat een man die in 45 minuten 12 eenheden alcohol drinkt, alleen boven de 3 promille uitkomt wanneer hij minder dan 55 kilo weegt. Dan is het mogelijk. Maar zodra een man zwaarder is wordt het promille weer minder hoog.
* Kanttekening hierbij is, dat deze formule rekening houdt met lichaamsgewicht, geslacht en het aantal uren vanaf het eerste drankje. Deze formule is echter gebaseerd op gemiddelden en is niet voor ieder lichaam accuraat. De berekening geeft dus  altijd slechts een indicatie! Het werkelijke exacte promillage is alleen vast te stellen met een blaastest of bloedtest.

De opbouw van het alcoholpromillage in het bloed is dus van meerdere factoren afhankelijk, zoals: geslacht; gewicht, man/vrouw, wel/niet gegeten etc. Het zou ook nog kunnen dat het sterk bier is geweest, dan komt hij bijvoorbeeld wel boven de 3 promille uit.

Nog iets anders wat ook van invloed is op de hoogte van het promillage is het soort drank. Het promillage verloopt anders bij bijvoorbeeld bier dan bij sterke drank. De hoogste concentratie alcohol in het bloed treedt bij sterke drank op na 3 kwartier tot een uur. Bij bier duurt dat langer. Door de hoeveelheid vocht wordt de alcohol in bier langzamer opgenomen. In die tijd is het lichaam de alcohol alweer aan het afbreken. Daardoor krijg je bij bier lagere concentraties alcohol in het bloed dan bij sterke drank. Dus er is helaas niet een eenduidig antwoord op te geven.

 

Versie: augustus 2019

Welke straffen worden gegeven bij alcohol in het verkeer?

De straf die je krijgt bij het gebruik van alcohol in het verkeer hangt af van:

  • de hoeveelheid alcohol die je gedronken hebt (je promillage);
  • het aantal jaren dat je een rijbewijs hebt.

Lees hier wat je kunt doen als het niet eens bent met een bloed- of ademanalyse: Wat kan ik doen als ik het niet eens ben met de uitslag?

Er zijn twee instanties die beboeten en straffen

Word je aangehouden met een promillage vanaf 0,5 dan start justitie een strafrechtelijke procedure. Afhankelijk van hoe hoog het promillage is, krijg je een boete, rijontzegging of gevangenisstraf. Heb je korter dan vijf jaar je rijbewijs dan geldt 0,2 promille als maximum.

Het CBR kan je rijbewijs ongeldig verklaren. Het kan je verplichten tot:

  • het volgen van een driedaagse cursus;
  • het ondergaan van een onderzoek naar alcoholmisbruik of alcoholafhankelijkheid.

Aangehouden met alcohol: welke straffen?

Word je aangehouden met een te hoog promillage alcohol, dan kan de straf dus bestaan uit een:

  • boete (door justitie);
  • rijontzegging (door justitie);
  • taakstraf/gevangenisstraf (door justitie);
  • verplichte cursus over alcohol in het verkeer, kosten rond de €700 (door CBR);
  • verplicht onderzoek naar alcoholmisbruik en alcoholafhankelijkheid, kosten ongeveer €1000 (door CBR);
  • invordering van rijbewijs (door CBR).

Boete (door justitie)

Tussen 0,5 en 1,3 promille krijg je in de regel een transactievoorstel. Dat betekent dat er geen strafvervolging is, maar dat je wel een boete moet betalen. Voor de tarieven van de boetes zie: Hoe hoog zijn de boetes bij alcohol in het verkeer?

Rijontzegging/gevangenisstraf (door justitie)

Vanaf 1,3 promille vindt wel strafvervolging plaats en kan de officier van justitie naast een boete nog andere straffen opleggen zoals een rijontzegging of zelfs gevangenisstraf. Een en ander is afhankelijk van de hoogte van het promillage. Heb je net je rijbewijs, dan zijn de straffen strenger.

Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen

Het CBR kan twee maatregelen opleggen. Het kan je verplichten:

  • een cursus EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) te volgen;
  • een onderzoek te ondergaan naar alcoholmisbruik of afhankelijkheid van alcohol.

Onttrek je je aan een maatregel, dan verlies je je rijbewijs. In het verleden kon er ook een verplicht alcoholslot opgelegd worden, deze maatregel is echter sinds maart 2015 ingetrokken.

Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (LEMA en EMA, door CBR)

De cursussen van het CBR, zoals EMA en LEMA, worden officieel niet bedoeld als een straf. Het is een maatregel ter bevordering van de verkeersveiligheid. De deelnemers ervaren het echter wel als een straf. Vandaar dat de cursussen hier wel worden genoemd.

De LEMA (Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) en de EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) zijn cursussen die de deelnemer bewust maken van de werking van alcohol in het verkeer en de risico’s daarvan. Instellingen binnen de verslavingszorg voeren de cursus uit. De cursus moet je zelf betalen (zie deze pagina voor de meest recente tarieven). Doorloop je de cursus met goed resultaat, dan blijft je rijbewijs geldig. Doorloop je de cursus met onvoldoende resultaat, dan wordt het rijbewijs ongeldig verklaard.

De LEMA duurt twee ochtenden of twee middagen. Bij een promillage tussen 0,8 en 1,0 (alcoholgehalte vanaf 350 tot 435 ug/l) verlangt het CBR dat je de LEMA volgt. Voor beginnende bestuurders (korter dan 5 jaar je rijbewijs) is dit bij een promillage tussen de 0,5 en 0,8 (alcoholgehalte vanaf 220 tot 350 ug/l).

De EMA duurt duurt één hele dag en twee dagdelen. Bij een promillage tussen 1,0 en 1,8 (alcoholgehalte vanaf 435 tot 785 ug/l) moet je de EMA volgen, beginnende bestuurders bij een promillage tussen 0,8 en 1,3 (alcoholgehalte vanaf 350 tot 570 ug/l). Daarnaast moet je de EMA ook volgen als je in de laatste vijf jaar minstens twee keer bent aangehouden met alcohol op waarvan minstens één met een alcoholpromillage van 0,5 (alcoholgehalte van 220 µg/l), voor beginnende bestuurders is dit een promillage van 0,2 (alcoholgehalte van 88 ug/l). Zie ook: Wat houdt de LEMA en EMA in?

Onderzoek naar alcoholmisbruik/-afhankelijkheid (door CBR)

Vanaf 1,8 promille zal het CBR een onderzoek doen naar je alcoholgebruik. Dat zal het CBR ook doen wanneer in je 5 jaar tijd 3 keer gepakt wordt met een promillage van 0,8. Doel van dit medisch-psychiatrisch onderzoek is erachter te komen of je afhankelijk bent van alcohol of dat je alcohol misbruikt.

Zie de vraag: Een onderzoek door het CBR, wat houdt dat in?

Vanaf 1,3 promille krijg je dus te maken met zowel justitie als met het CBR.

Voorbeeld bij 1,2 promille

Je bent een man van 70 kilo en drinkt 7 glazen in 2 uur tijd: promillage 1,18. Je wordt aangehouden. De straf is als volgt:

– Boete: €750;
– Rijontzegging: 4 maanden voorwaardelijk. Beginnende bestuurder 4 maanden onvoorwaardelijk;
– Verplichte driedaagse EMA-cursus, kosten € 954.
Totale kosten: € 750 + € 954.

Alcoholslot (door CBR)

Sinds maart 2015 heeft de Raad van State besloten dat het alcoholslot niet meer opgelegd kan worden. Voor mensen die het alcoholslot programma (ASP) al vóór het najaar van 2014 opgelegd kregen en die geen bezwaar of (hoger) beroep hebben lopen of voor wie dat niet meer mogelijk is, verandert er niets. Zij moeten het programma volgen om een geldig rijbewijs met code 103 te krijgen of houden. Doen zij dit niet, dan blijft hun rijbewijs gedurende vijf jaar ongeldig.

Het alcoholslot is een startonderbreker. Mensen die een alcoholslot in hun auto ingebouwd hebben, moeten blazen voordat ze starten. Heb je meer dan 0,2 promille dan zal de auto niet starten. Ook tijdens de rit moet je blazen. De gegevens worden opgeslagen en uitgelezen bij een zogenaamd uitleesstation.
Mensen die een alcoholslotprogramma opgelegd hebben gekregen, moeten ook nog een motivatieprogramma (van drie dagdelen) volgen en moeten bij de gemeente een nieuw rijbewijs vragen dat voorzien is van een speciale code. Je oude rijbewijs is dus niet meer geldig. Het alcoholslot zal tenminste twee jaar in je auto zitten. Dat kan langer duren als uit de gegevens van het alcoholslot blijkt dat je toch vaak met alcohol op probeert te rijden. De kosten van het aanbrengen van het alcoholslot, het huren ervan en het regelmatig (om de 46 dagen) laten uitlezen van het slot bij een uitleesstation lopen op tot wel €4000. De maatregel is ingevoerd in december 2011 en is dus niet meer geldig sinds maart 2015. In die tijd is het ASP zo’n 7000 keer opgelegd.

 

Lees ook meer over straffen bij drugs in het verkeer:

Wat is de speekseltest voor drugs in het verkeer?

 

Bronnen:

  1. Straffen rijden onder invloed, Alcoholinfo.nl
  2. CBR

 

Versie: mei 2019

 

 

Hoeveel accijns zit er op een glas alcohol?

In het overzicht zie je de bedragen aan accijns per hectoliter, krat, fles en per glas (1). De accijnstarieven gelden voor 2016. De accijns maakt nog steeds een klein deel uit van de prijs. Op een glas bier zit  slechts 9 cent accijns. Bij tabak* maakt accijns wel een substantieel deel uit van de prijs.

Bier hectoliter  € 37,96
Bier krat  € 2,73
Bier flesje 330 ml  € 0,12
BIERGLAS 250 ml  € 0,09
Wijn hectoliter  € 88,36
Wijn fles  € 0,66
WIJNGLAS  € 0,09
Port hectoliter € 149,29
Port fles € 1,12
PORT GLAS € 0,11
Champagne hectoliter € 254,41
Champagne fles € 1,78
CHAMPAGNE GLAS € 0,22
Sterke drank hectoliter (bij 35%) € 590,10
Per fles (liter) € 5,90
PER GLAS (35 ml) € 0,21

De tarieven voor accijns op bier en wijn worden uitgedrukt per 100 liter (hectoliter). De accijnstarieven op sterke drank gaan niet per hectoliter maar per procent alcohol per hectoliter.

Accijnsverhoging bier en wijn

In 2009 zijn de accijnzen op bier met ruim 20% verhoogd (van 6,8 cent per glas naar 8 cent per glas). De accijns op wijn ging toen niet omhoog. In 2013 werden de accijnzen op bier met 10% verhoogd. De  accijnzen op wijn gingen toen wel omhoog. In 2014 werden de accijnzen nog eens met 5,75% verhoogd.

Opbrengst aan accijns

In 2012 bedroeg de totale accijnsopbrengst op alcohol 935 miljoen euro (2). Naast de accijnsopbrengst is er voor de staat uiteraard ook nog de opbrengst van de btw op alcohol.

Accijnsverhoging als preventiemaatregel

Prijsverhoging is een effectieve manier om de consumptie van alcohol te beperken. De alcoholindustrie is dan ook altijd een felle tegenstander van prijsverhoging. Alleen al daaruit blijkt dat de maatregel effectief is.
In maart 2012 pleitten het Trimbos-instituut, STAP en Jellinek voor een verdere accijnsverhoging van 50% op alcohol en een jaarlijkse indexatie vanaf 2014. Per glas zou dit voor de consument enkele gaan centen schelen. Deze maatregel werd niet overgenomen. De accijns moet echter wel fors verhoogd worden, wil hij enig effect hebben. Als de accijnsverhoging alsnog uitgevoerd zou worden, zou dat € 0,04 op een glaasje bier schelen. Voor matige drinkers zal dat niet veel uitmaken. Als ze twee glazen per dag drinken, kost dat ze € 2,40 per maand. Voor mensen die veel drinken, tikt zo’n accijnsverhoging iets harder aan.

Zie ook: accijnzen op tabak

Bronnen

  1. De Belastingdienst
  2. Fiscale Kengetallen 2012

 

Versie: januari 2016

Hoeveel accijns betaalt men per jaar bij 2 glazen per dag?

Hieronder een tabel met de accijnzen die men per jaar betaalt bij verschillende consumptieniveaus. Op een glas bier zit € 0,09 accijns, op wijn € 0,09 en op sterke drank € 0,21. Bij 2 glazen bier per dag betaalt men in een jaar € 65,70, bij twee glazen wijnook en bij sterke drank € 146.

In Nederland drinkt de bevolking van 16 jaar of ouder per jaar 352 glazen bier, 270 glazen wijn en 134 glazen sterke drank. Aan accijns is dat € 31,68 voor bier, € 21,60 voor wijn en € 35,91 voor sterke drank. In totaal € 89,19 per Nederlander. De ophef die iedere keer gemaakt wordt bij accijnsverhogingen staat niet in verhouding met de financiële last die accijnzen met op alcohol met zich meebrengen.

Aantal glazen per dag Accijns  per dag Totale accijns per jaar
 Bier  1 € 0,09 € 32,85
 Bier  2 € 0,18 € 65,70
 Bier  5 € 0,45 € 164,25
 Bier 10 € 0,90 € 328,50
Wijn  1 € 0,09 € 32,85
Wijn  2 € 0,18 € 65,70
Wijn  5 € 0,45 € 164,25
Wijn 10 € 0,90 € 328,50
Sterke drank  1 € 0,21 € 76,65
Sterke drank  2 € 0,42 € 153,30
Sterke drank  5 € 1,05 € 383,25
Sterke drank 10 € 2,10 € 766,50

Accijnsverhoging

Accijns verhoging is een van de weinige maatregelen die helpen om het consumptie niveau naar beneden te krijgen. Vooral de grootgebruiker wordt door een accijnsverhoging getroffen. Als de accijns op bier met 50% verhoogt zou worden zou worden, zouden we per glas € 0,13 gaan betalen. Voor matige drinkers zal dat niet veel uitmaken. Als ze twee glazen per dag drinken, kost dat ze € 2,40 per maand extra. Voor mensen die veel drinken, tikt zo’n accijnsverhoging iets harder aan.

Stapavond

Je kunt makkelijk uitrekenen wat je op een stapavond kwijt bent aan accijns. Ga het aantal glazen na dat je gedronken hebt en vermenigvuldig dat met € 0,09 voor bier en wijn en € 0,21 voor sterke drank. Een flesje bier bevat 1,3 glas en halve liter 2 glazen. Een fles wijn bevat 7 glazen en een fles sterke drank van 0,75 liter 21 glazen.

 

Versie: januari 2016

 

Hoeveel accijns heft Europa op alcohol?

De tarieven voor accijns voor bier en wijn worden uitgedrukt per 100 liter (hectoliter). Voor sterke drank wordt ook nog gekeken naar het percentage alcohol. Per procent alcohol wordt een bedrag geheven. In Nederland moet over 100 liter sterke drank per procent alcohol € 16,86 betaald worden. Bij 35% dus € 590,10.

Europese accijnstarieven op bier in euro’s

Opvallend is dat de accijns voor bier op verschillende wijzen wordt berekend. In sommige landen in graden Plato, en in andere landen in percentage alcohol. Nederland ligt in vergelijking met andere landen in de middenmoot en rekent €38 per 100 liter bier. Zweden rekent €101 en Finland €171. Duitsland en Luxemburg zitten met €10 en €9 het laagst.

Nu maken accijnzen op bier slechts een klein deel uit van de prijs. Per liter bier gaat het in Nederland om €0,38 en per glas om € 0,09. Een accijnsverhoging met 50% zou een hoop ophef geven maar per glas slechts € 0,04 schelen. Bij elke dag 2 glazen zou drinken zou dat dat € 29,20 per jaar extra kosten.

Europese accijnstarieven op wijn in Euro’s

Opvallend is dat de zuidelijke landen en Duitsland, Oostenrijk en Luxemburg geheel geen accijns heffen op wijn. Ook in Frankrijk is de accijns slechts €4 per 100 liter. Nederland neemt een midden positie in met €88 per 100 liter ofwel €0,09 per glas. Ierland spant de kroon. Daar betaalt men €425 per 100 liter, ofwel €0,43 per glas.

Europese accijnstarieven per gedistilleerd in euro’s

Nederland zit wat betreft accijns op gedistilleerd weer in de middenmoot. Per 100 Liter gedistilleerd van 35% heft Nederland €590 accijns ofwel €0,20 per glas. In Zweden betaalt men bijna €0,66 per glaasje jenever aan accijns.

Als we kijken naar de accijnzen in Europa is opvallend hoe groot de verschillen zijn. Vreemd is dat in bepaalde landen in het geheel geen accijns wordt geheven op wijn.

 

Bronnen

  1. Tarievenlijst Accijns en verbruiksbelastingen, Belastingdienst.nl
  2. NDM 2018, Trimbos-instituut

Versie: mei 2019

 

 

Zou alcohol gelegaliseerd worden als het nu werd uitgevonden?

Stel dat kranten melding zouden maken van keldertjes waar jongeren een nieuwe drug gebruiken die niet gerookt of geslikt maar gedronken kan worden. Stel dat ze zouden schrijven dat deze nieuwe drug niet alleen in flesjes op de markt komt maar ook direct in glazen geschonken kan worden.

Stel dat kranten zouden melden dat de ingrediënten om alcohol te maken gewoon in de winkel en op internet te koop zijn. En dat sommige mensen het thuis maken en voor veel geld door verkopen aan jongeren.

Stel dat er berichten in de krant zouden staan dat alcohol nu weer in nieuw kleurtje en in een nieuw smaakje op de markt is gekomen. Voorpagina nieuws zou het bericht zijn dat alcohol nu extra zoet wordt gemaakt. Dit om jongeren te verleiden deze nieuwe drug te gebruiken.

Stel dat een actualiteitenrubriek zou ingaan op het nieuwste van het nieuwste: een soort kraan die je gewoon open kunt zetten, waarna de alcoholische drank er onbeperkt uitstroomt.

Stel dat er na een paar maanden ineens een bericht komt dat er op 350 meter afstand van een school een lokaal is geopend waar men alcohol kan kopen en opdrinken.

En dan de gevolgen……

Stel dat de consumptie zich verder uitbreidt. Al snel zouden de gevolgen breed uitgemeten worden. De politie zou gaan klagen dat zij haar handen vol heeft aan buurtbewoners die het plotselinge lawaai van luidruchtige mensen op straat en terrassen meer dan zat zijn.

Binnen de kortste keren zouden er berichten in de krant verschijnen over mensen die op straat en in portieken urineren, over vechtpartijen, over mishandelingen thuis, over dodelijke ongelukken op het werk enz. enz. Actualiteitenrubrieken zouden lallende, dronken mensen in beeld brengen, filmen op eerste hulp afdelingen van ziekenhuizen en slachtoffers van mishandelingen hun verhaal laten vertellen. Kinderen met een alcoholvergiftiging op de intensive care zouden uitgebreid in beeld gebracht worden. De samenleving zou diep geschokt zijn.

Een paar jaar later zouden de eerste verslaafden zich aandienen. Elk jaar zouden kranten berichten dat het aantal verslaafden weer gestegen is. De verslaafden zouden hun verhaal doen en zeggen dat ze alles kwijt geraakt zijn; relatie, werk en huis. En ze zouden vertellen dat het in dat ene keldertje met dat ene zoete drankje begonnen was.

Vervolgens zouden artsen op spreekuren, bij eerste hulp posten en in ziekenhuizen allerlei ziekten tegenkomen die het gevolg zouden zijn van overmatig alcoholgebruik. Ze zouden het hebben over leverziekten, kanker en geheugenstoornissen. Mensen met Korsakov zouden in beeld gebracht worden. Er zouden schattingen gemaakt worden over het aantal doden door alcohol. En opnieuw zou de samenleving diep geschokt zijn.

Geen enkele kans

Nee, als nieuwe drug zou alcohol geen enkele kans maken en zou het onmiddellijk als een zware harddrug behandeld worden. Productie, verkoop en export van alcohol zouden zonder meer verboden en zwaar bestraft worden.

Tenslotte

Vreemd blijft het dat de verontwaardiging die we ons zo goed kunnen voorstellen, eigenlijk niet meer gevoeld wordt. De gevolgen van nieuwe drugs weten ons nog te schokken maar de gevolgen van bestaande drugs raken ons nauwelijks meer.

 

Versie: augustus 2019

Moet alcohol niet hetzelfde worden aangepakt als drugs?

De vraag of alcohol aangepakt moet worden als drugs kan ook omgedraaid worden. Moeten drugs niet hetzelfde worden aangepakt als alcohol? Dat is dan wat we legalisering noemen, het maken van wetten voor drugs met als doel de risico’s van druggebruik zoveel mogelijk te beperken.

Verbieden

Als alcohol een nieuwe drug zou zijn, zou het onmiddellijk verboden worden. De negatieve gevolgen voor mens en samenleving zijn groot. Het gaat hierbij om dronkenschap, agressie, vechtpartijen, verkeersongelukken, alcoholvergiftiging, productieverlies op het werk, leverzieken, kanker, geheugenstoornissen en verslaving.

Maar alcohol is niet nieuw, het is al duizenden jaren bekend en heeft ook positieve eigenschappen. Het verhoogt de feestvreugde, de gezelligheid en de sfeer. En dat willen we niet graag missen. Bovendien kunnen heel veel mensen wél verstandig met alcohol omgaan. Daarom is er bij alcohol en ook bij tabak en gokken voor gekozen om niet te verbieden maar om regels en wetten te maken die verkoop en productie regelen.

Regels en wetten maken

Voor alcohol zijn er verschillende wetten zoals de Drank- en Horecawet en Wegenverkeerswet. Het doel van deze wetten is om de risico’s die met alcohol samenhangen zoveel mogelijk te beperken. Zo is bijvoorbeeld in de wet vastgelegd dat je beneden de 18 jaar geen alcohol mag kopen en dat je niet mag deelnemen aan het verkeer als je gedronken hebt.

Legalisering

Drugs  zijn verboden en vallen onder de strafwet. Productie, verkoop en bezit zijn strafbaar. Legalisering is het uit de strafwet halen van drugs en het onderbrengen in andere wetten die bezit, productie en verkoop regelen. Ook met het doel om de risico’s zoveel mogelijk te beperken.

 

Versie: augustus 2019

Kan de alcoholindustrie leven van de matige drinker?

Als alle drinkers op een matige en verantwoorde manier zouden drinken zou de alcoholindustrie de helft van haar omzet verliezen. Baumberg toonde aan dat in Engeland de verkoop van alcohol met de helft zou inzakken als iedereen zich zou houden aan de richtlijnen voor verantwoord alcoholgebruik (1).

De alcoholindustrie is dus in hoge mate afhankelijk van de grootgebruikers en de verslaafde drinkers. De alcoholindustrie doet er alles aan om dat beeld te voorkomen en legt er de nadruk op dat er slechts een kleine groep mensen bestaat die niet met het middel kan omgaan. Maar de werkelijkheid is dat 30% van de mensen 80% van alle alcohol opdrinkt (2). Bepaald geen kleine groep dus.

Maatregelen

Daardoor wordt duidelijk waarom de alcohol industrie altijd een fel tegenstander is van maatregelen op het gebied van alcoholpreventie zoals prijsverhoging of beperking van verkooppunten. 

Accijnsverhoging

Accijnsverhogingen raken de matige drinkers nauwelijks maar degene die veel drinken wel. De accijns op een glas bier is € 0,09. Iemand die twee glazen drinkt zal van een accijnsverhoging niet veel merken maar iemand die veel drinkt voelt dat wel in zijn portemonnee. Omdat de veeldrinkers een grote groep vormen heeft een prijsverhoging meteen gevolgen voor de omzet.

Bronnen

  1. Baumberg, B. How will Alcohol sale in the UK be affected if drinkers follow governement guidelines. Alcohol and Alcoholism, 2009.
  2. Sheron, N. Presented at STAP conference, september 2010 

 

Versie: juni 2020

Waarom worden er verschillende maat-eenheden gebruikt bij de Widmark-formule?

De Widmark formule wordt gebruikt om een berekening te maken van de hoogste BAC (bloed alcohol concentratie) die iemand bereikt bij het drinken van een aantal glazen alcohol.
Voor het berekenen van die formule, heb je de Widmark-factor (r = reduces body mass) nodig. De Widmark factor is een maat van het beschikbare volume in het lichaam waarover de alcohol zich kan verspreiden. Deze factor is voor mannen en vrouwen verschillend. Daarnaast kun je de kanttekening plaatsen, dat alcohol zich ook enigszins verspreidt over het beschikbare vet in het lichaam, dus dat alleen het beschikbare water-volume niet sluitend is).

Deze Widmark-factor  moet je schatten. En dat wordt in verschillende landen, door verschillende wetenschappers, op verschillende manieren gedaan. Widmark zelf gaf de volgende getallen, maar dat is een schatting gebaseerd op kleine onderzoeksgroepen: “(mannelijk gemiddelde 0.68, SD 0.085; vrouwelijk gemiddelde 0.55, SD 0.055)”.

In de dagelijkse psychiatrie- en verslavingspraktijk wordt het blaas-apparaat gebruikt:http://en.wikipedia.org/wiki/Breathalyzer. Een makkelijke en redelijk betrouwbare manier om de huidige BAC te meten.

 

Versie: juni 2020

Hoe groot is de kans dat een aangeschoten automobilist je tegemoet rijdt?

De overheid doet er veel aan om te zorgen dat mensen zonder alcohol op de weg op gaan. Eén van de manieren waarop de overheid dit doet is door middel van diverse campagnes. Een bekende campagne is de BOB campagne. Bob staat voor ‘bewust onbeschonken bestuurder’.

Ieder jaar wordt er een onderzoek gedaan naar hoeveel mensen in het verkeer onder invloed van alcohol rijden (1). Sinds de start van de Bob campagne in 2002 is het aantal beschonken bestuurders op de weg gehalveerd; in 2002 was 4,1% van de automobilisten in weekendnachten beschonken, en in 2013 was dit nog maar 1,8%.

Ook neemt het aantal bestuurders dat nuchter is, met een promillage van lager dan 0,2 alcohol in zijn bloed heeft, ook toe. In 2002 was 91,1% nuchter en in 2013 94,9%.

Ondanks deze daling is er nog een kans dat een aangeschoten automobilist je tegemoet rijdt. In weekendnachten moet je wat meer uitkijken. Het aantal overtreders is het hoogst tussen twee en vier uur ’s nachts. 3,6% van de beschonken bestuurders uit het onderzoek reden op dat tijdstip. Hoe het zit op latere tijdstippen is niet bekend; die zijn namelijk niet gemeten in het onderzoek. Het zou dus kunnen dat na vier uur er ook relatief veel beschonken bestuurders op de weg zitten.

Bron

Rijden onder invloed in Nederland 2002 – 2013, Rijksoverheid

 

Versie: juni 2020

Wat is de APV?

De APV (Algemene Plaatselijke Verordening) is een door de gemeente uitgevaardigde regel die voor alle burgers geldt. De gemeente heeft op basis van de gemeentewet de bevoegdheid dit soort regels uit vaardigen. De gemeentewet draagt deze taak op aan de gemeenteraad. Voorbeelden zijn: regels voor parkeren, voor het buiten zetten van afval en voor het plakken van affiches.

In de APV kunnen bepalingen worden opgenomen over bijvoorbeeld het aantal cafés, de vestigingsvoorwaarden en de sluitingstijden.

De gemeente kan ook straffen opleggen voor het overtreden van regels. Dat kan lopen via het Openbaar Ministerie of via bestuurlijke handhaving.

Bestuurlijke handhaving betekent dat de gemeente een burger aanschrijft en opdraagt om de situatie in overeenstemming te brengen met de regels. Daarbij kan een boete of dwangsom in het vooruitzicht worden gesteld, die wordt opgeëist als de overtreding voortduurt.

 

Versie: mei 2019

 

Wat te doen als een supermarkt of café alcohol verkoopt aan iemand onder de 18?

De wet staat niet toe dat supermarkten:

  • sterke drank verkopen
  • alcoholische dranken verkopen aan jongeren onder de 18 jaar
  • alcoholhoudende dranken verkoopt terwijl die niet duidelijk gescheiden zijn van frisdranken.

Horeca mag niet verkopen onder de 18 jaar en mag niet doorschenken aan mensen die aangeschoten of dronken zijn.

Als deze regels overtreden worden kan men een klacht indienen bij de gemeente. 

Strafmaatregelen

De gemeente kan een zogenaamde bestuurlijke boete opleggen. Dit is een boete die opgelegd kan worden zonder tussenkomst van een rechter. Bij horeca of slijterijen kan de gemeente de horeca- of slijterijvergunning schorsen. Bij supermarkten heeft de gemeente de mogelijkheid om het recht om alcohol te verkopen voor een periode van maximaal 12 weken te ontnemen. Zij kan dit doen wanneer een supermarkt drie keer betrapt wordt op het verkopen van alcohol aan iemand onder de 18.

 

Versie: augustus 2019

Wat is de invloed van alcohol op het rijgedrag?

Na gebruik van alcohol verandert je rijgedrag:

  • De reactiesnelheid vertraagt. Bij 2 glazen duurt het 0,5 seconde langer voordat je op de rem trapt. De remweg wordt hierdoor 11 meter langer.
  • Het vermogen om afstanden in te schatten vermindert.
  • Je blikveld versmalt. Hierdoor zie je niet meer wat er links en rechts gebeurt.
  • De kleurwaarneming verslechtert. Het vermogen om rood licht te zien vermindert. Hierdoor zie je fietsreflectoren, remlichten, richtingaanwijzers en stoplichten minder goed.
  • Je motoriek verslechtert. Hierdoor ga je slingeren. Als je wilt corrigeren gaat dit weer ten koste van de reactiesnelheid.
  • Je zelfkritiek vermindert. Je overschat je eigen kunnen en wordt overmoedig. Je gedraagt je roekeloos terwijl je denkt nog best te kunnen rijden.
  • Je gaat meer risico’s nemen op ander terrein zoals het niet dragen van autogordels of te hard rijden.
  • Je wordt suf en slaperig.

De rijtaak is opgebouwd uit bewuste en automatische handelingen. Bij een laag promillage heeft alcohol een effect op de bewuste handelingen maar nog niet op de automatische handelingen. Hierdoor vermindert de flexibiliteit, worden verschillende handelingen die gelijktijdig uitgevoerd moeten worden, moeizamer verricht en neemt de foutgevoeligheid toe. Pas bij een hoog promillage worden ook de automatische handelingen aangetast.
Dit verklaart het verschijnsel dat mensen onder invloed de auto makkelijk kunnen bedienen en de route naar huis weten te vinden maar dat handelingen die alertheid vereisen niet goed worden uitgevoerd.

Vanaf welk promillage?

Al bij hele lage promillages treden er al veranderingen op in vaardigheden die nodig zijn om goed te kunnen rijden (1):

  • Vanaf 0,15‰ verslechtert de verwerking van informatie.
  • Vanaf 0,2‰ verslechtert het vermogen om tegelijkertijd meerdere taken uit te voeren
  • Vanaf 0,4‰ worden eigen fouten over het hoofd gezien
  • Vanaf 0,5‰ gaat je reactiesnelheid omlaag. Verder vermindert het vermogen koers te houden en te rijden met constante snelheid. Ook overschat je vanaf dat promillage jew rijvaardigheid: je wordt roekeloos.

Bij welk promillage mag je nog rijden?

Beginnende bestuurders mogen niet rijden bij een promillage van 0,2 en hoger. Dit komt neer op ongeveer één standaardglas alcohol. Ben je langer dan 5 jaar in het bezit van een rijbewijs, dan is deelname aan het verkeer verboden bij een promillage van 0,5 en hoger. Dit percentage bereikt je na het drinken van ongeveer 2 glazen alcohol binnen een uur.

Kans op ongevallen

  • Bij 0,5‰ neemt de kans op een ongeval met 40% toe.
  • Bij 1‰ neemt de kans op een ongeval met 400% toe (4 keer zo hoog).
  • Bij 1,51 ‰ neemt de kans op een ongeval 2000% toe (20 keer zo hoog) (2).

Aantal ongevallen

De SWOV (Stichting wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid) schat dat ongeveer 20% van alle verkeersslachtoffers en verkeersdoden onder invloed van alcohol verkeert (1). In Nederland vielen in 2011 640 verkeersdoden. Bij 20% hiervan ofwel bij 128 verkeersdoden speelde alcohol een rol. Bij 17% ofwel 109 doden speelde enkel alcohol een rol, bij 3% ofwel 19 doden speelde  zowel alcohol als drugs een rol. Het aantal zwaar gewonden in het verkeer in 2011 bedroeg ruim 20.000. Bij 4000 verkeersgewonden was alcohol in het spel.

Aantal mensen dat onder invloed rijdt

Het aantal automobilisten dat onder invloed van alcohol rijdt lijkt af te nemen. Bij controles in het weekend nachten bleek in 2013 1,8 procent meer dan 0,5 promille te hebben. Dit daalt al sinds 2002, toen was het percentage 4,1% (4). Het aantal overtreders is het hoogst tussen twee en vier uur ’s nachts. Op vrijdagnacht rijdt 4,3% van de chauffeurs met meer dan 0,5 promille en op zaterdagnacht 3,1%. Dat betekent dat op die tijdstippen 1 op de 23 automobilisten teveel gedronken heeft. Het is dan dus zeer gevaarlijk op de weg.

Jaartallen

1974: invoering limiet van 0,5 ‰
1996: invoering Educatieve Maatregel Alcohol (EMA)
2002: verlaging limiet naar 0,2 ‰ voor beginnende bestuurders en start BOB-campagne
2011: invoering alcoholslot

Bronnen

  1. Veilig verkeer Nederland.
  2. SWOV-factsheet. Rijden onder invloed van alcohol, SWOV
  3. Houwing, S. Schatting van het aantal verkeersdoden als gevolg van het rijden onder invloed (SWOV)
  4. Rijden onder invloed in Nederland in 2002 – 2013, Rijksoverheid

 

Versie: januari 2016

Welke boetes kan men krijgen bij alcohol in het verkeer?

Dat is afhankelijk van de hoogte van het promillage.

De straf kan bestaan uit:

  • Een boete
  • Rij-ontzegging
  • Taakstraf/gevangenisstraf
  • Een verplichte cursus over alcohol in het verkeer de LEMA en EMA
  • Een verplicht onderzoek naar alcoholafhankelijkheid
  • Invordering van het rijbewijs.

De boete, rijontzegging en/of gevangenistraf wordt opgelegd door Justitie. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidbewijzen (CBR) kan deelnemers verplichten (als je het niet doet, verlies je je rijbewijs) tot het volgen van een cursus. Dat is de LEMA of de EMA. De LEMA duurt twee dagdelen en kost € 546. De EMA  duurt één hele dag en twee dagdelen en kost € 870. Ook kan het CBR je verplichten tot het ondergaan van een medisch/psychiatrisch onderzoek. Een dergelijk onderzoek kost ongeveer 1000 euro. Zie voor meer uitleg de vraag: welke straffen worden opgelegd bij alcohol in het verkeer.

Hieronder een tabel met boetes die dus worden opgelegd door Justitie en de maatregelen van CBR. Beginnende bestuurders (korter dan 5 jaar je rijbewijs) zijn al strafbaar vanaf een promillage van 0,2 promille).

Alcoholpromillage ervaren bestuurder Boete Educatieve maatregel
Van 0,00 tot 0,50 promille n.v.t. n.v.t.
Van 0,51 tot 0,80 promille 360,- n.v.t.
Van 0,81 tot 1,00 promille 500,- LEMA-cursus
Van 1,01 tot 1,15 promille 600,- EMA-cursus
Van 1,16 tot 1,30 promille 750,- EMA-cursus
Van 1,31 tot 1,80 promille Bepaald door rechter EMA-cursus
Van 1,81 promille of meer Bepaald door rechter Onderzoek alcohol

 

Alcoholpromillage beginnend bestuurder Boete Educatieve maatregel
Van 0,20/0,50 tot 0,80 promille 360,- LEMA-cursus vanaf 0,50 promille
Van 0,8 tot 1,0 promille 500,- + 2 maanden OBM* onvoorwaardelijk EMA-cursus
Van 1,0 tot 1,15 promille 600,- + 2 maanden OBM* onvoorwaardelijk EMA-cursus
Van 1,15 tot 1,3 750,- + 2 maanden OBM* onvoorwaardelijk EMA-cursus
1,3 promille en hoger Bepaald door rechter Onderzoek alcohol

* OBM: ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen

Bij een promillage boven de 2,35 promille kan iemand een taakstraf of gevangenisstraf krijgen. Dat geldt ook bij roekeloos rijden of als er sprake is van een verkeersongeval.

Bronnen

  1. CBR
  2. Openbaar Ministerie

 

Versie: januari 2016

 

Wat is de EMA?

De LEMA (Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer) is een cursus over acohol en verkeer en duurt twee dagdelen. De EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer) is een cursus van één dag en twee dagdelen over alcohol en verkeer. Deelnemers moeten de kosten van de cursus zelf betalen. De meeste recente tarieven vind je hier: Tarieven.

De cursussen van het CBR, zoals EMA en LEMA, worden officieel niet bedoeld als een straf. Het is een maatregel ter bevordering van de verkeersveiligheid. De deelnemers ervaren het echter wel als een straf. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) kan verlangen dat je de cursus volgt. Volg je de cursus niet, dan verlies je je  rijbewijs.

De LEMA en EMA maken je bewust van de werking van alcohol en van de risico’s van alcohol in het verkeer. Het laat zien welke risico’s je loopt en welke risico’s anderen lopen door met alcohol achter het stuur te gaan zitten.

Wanneer moet je de LEMA en EMA volgen?

Beginnende bestuurders moeten de LEMA volgen als blijkt dat ze aan het verkeer hebben deelgenomen met een promillage tussen de 0,5 en 0,8. Ervaren bestuurders moeten de LEMA volgen bij een promillage tussen de 0,8 en 1,0.

Beginnende bestuurders moeten de EMA volgen bij een promillage tussen de 0,8 en 1,3. Ervaren bestuurders bij een promillage tussen de 1,0 en 1,8.

Tegelijkertijd worden ook nog andere straffen opgelegd. Zie hiervoor de vraag: welke straffen worden opgelegd bij alcohol in verkeer

Wie geeft de cursus?

De LEMA en EMA worden uitgevoerd door instellingen voor verslavingszorg door het hele land. Het aantal deelnemers aan een cursus bedraagt tussen de 8 en 12 mensen. Als je de cursus goed doorloopt, dan blijft je rijbewijs geldig. Als je de cursus niet of onvoldoende actief doorloopt verlies je je het rijbewijs.

 

Versie: mei 2019

Welke wetten zijn er voor alcohol en gokken?

De wetten en regelingen over alcohol gaan over productie en verkoop. De wetten zijn erop gericht de risico’s van het gebruik te beperken.

Alcohol

Voor alcohol zijn er de volgende wetten en regelingen:

1. Drank- en Horecawet.

Deze wet wil de verkoop en handel van alcohol op een verantwoorde manier laten gebeuren. De wet kent o.a de volgende bepalingen:

  • Voor het verkopen van alcohol is een vergunning nodig. Voor supermarkten geldt deze bepaling niet. Zij mogen zwak alcoholische drank verkopen.
  • Aan jongeren onder de 18 mag geen alcohol worden verkocht.
  • Jongeren mogen op publiek toegankelijke ruimten geen alcohol bij zich hebben.
  • Er mag geen alcohol worden verkocht in tankstations.

2. Mediawet

De media wet verbiedt alcoholreclames voor radio en TV voor 21.00 uur

3. Wetboek van strafrecht.

Doorschenken aan iemand die dronken is, is strafbaar. Openbare dronkenschap en de verstoring van de openbare orde in staat van dronkenschap zijn strafbaar

4. APV (algemene Plaatselijke Verordening).

De APV is een regel die de gemeente kan opleggen. In de APV kunnen bepalingen worden opgenomen over het aantal cafés, sluitingstijden etc.

5. Reclamecode voor Alcoholhoudende dranken.

Deze code, die de branche zichzelf heeft opgelegd, bestaat uit een aantal regels over de manier waarop reclame mag worden gevoerd.

Gokken

Voor gokken zijn er de Wet op de kansspelen en verschillende beschikkingen. De Wet op de kansspelen heeft als doel de risico’s van het gokken te beperken. Er zijn bepalingen over loterijen, gokkasten en casinospelen.

Enkele bepalingen voor loterijen

  • Voor het organiseren van een loterij is een vergunning nodig.
  • De opbrengst moet ten goede komen aan de schatkist of goede doelen.

Enkele bepalingen voor gokkasten

  • Voor het plaatsen van een gokkast is een vergunning nodig.
  • Om te gokken moet je 18 jaar zijn,
  • De gokkast moet aan een aantal eisen voldoen: de kast moet zich gedragen volgens toeval, van de inleg moet ten minste 60% uitgekeerd worden, het gemiddelde uurverlies mag niet meer zijn dan 40 euro, de speltijd (tijd tussen inzet en uitkomst) moet tenminste 3.5 seconde zijn.

Enkele bepalingen voor casino’s

  • Voor het exploiteren van een casino is een vergunning nodig. Deze vergunning ligt bij Holland Casino.
  • De opbrengst komt ten goede aan de staat.
  • Om te spelen moet je 18 jaar zijn.
  • Holland Casino moet een preventiebeleid voeren.

Online gokken

Online gokken is verboden. Maar dit gaat veranderen. Met de wet Kansspelen op Afstand wordt online gokken legaal. Online casino’s kunnen dan een vergunning aanvragen. Er zijn wel een aantal eisen waar ze aan moeten voldoen:

  • Duidelijk zijn over de risico’s van gokken.
  • Een betrouwbaar en eerlijk spelaanbod.
  • Spelers beschermen tegen verslaving.

Meer info: Gokkeninfo.nl

 

Versie: mei 2019

Welke verschillende wetten hebben met alcohol en drugs te maken?

De volgende wetten maken een verbod op drugs mogelijk:

  • de Opiumwet
  • de Geneesmiddelenwet
  • Wet voorkoming misbruik chemicaliën
  • Wetboek van Strafrecht
  • De Warenwet
  • de APV (Algemeen plaatselijke verordening)
  • de Wet Bibob.

De Opiumwet

In de Opiumwet staat beschreven welke drugs verboden zijn en welke handelingen vervolgd moeten en hoe deze bestaft moeten worden. Strafbaar zijn: productie/teelt, bezit, verkoop, import en export. In de richtlijnen behorende bij de Opiumwet staat beschreven welke straffen opgelegd mogen worden.

Gebruik staat niet genoemd als strafbaar feit. Maar om te gebruiken moet je natuurlijk bezitten. In de richtlijnen staat beschreven dat bezit van een hoeveelheid bestemd voor eigen gebruik niet vervolgd wordt.

De geneesmiddelenwet

In deze wet staat dat het bereiden en verhandelen van geneesmiddelen alleen mag worden gedaan door apothekers of apotheekhoudende artsen. Dat betekent dat als een middel in de geneesmiddelenwet staat en verkocht wordt door iemand die geen apotheker is die persoon een strafbaar feit begaat. GHB is bijvoorbeeld zo’n middel. Het kende in het verleden medische toepassingen en staat in de geneesmiddelenwet.

Wet voorkoming misbruik chemicaliën

Bepaalde chemicaliën die ook gebruikt kunnen worden voor de productie van drugs, zoals bijvoorbeeld PMK of safrol vallen onder een vergunningstelsel. Het in bezit hebben van deze stoffen zonder vergunning is strafbaar.

Wetboek van Strafrecht

Het wetboek van strafrecht verbiedt het verkopen van waren die slecht zijn voor de gezondheid.

Warenwet

De warenwet verbiedt het verhandelen van schadelijke levensmiddelen. De handelaar in een gevaarlijk product is verplicht de consument op de hoogte te brengen van dit gevaar.

APV

De APV (Algemene Plaatselijke Verordening) is een regel die de gemeente kan opleggen. Zo kan de gemeente in bepaalde gebieden een drankverbod instellen. Tot juli 2011 golden er ook blowverboden . Een blowverbod via AVP is echter niet meer mogelijk. De Raad van State oordeelde in juli 2011 dat iets dat al verboden is in de Opiumwet niet nog een keer verboden kan worden. Toch kan met hulp van het OM een blowverbod wel ingevoerd worden. In Amsterdam is in 2013 een blowverbod op schoolpleinen ingevoerd.  Het OM handhaaft het blowverbod nu via het strafrecht. Zie ook deze pagina voor meer informatie over de APV.

De Wet Bibob

De Wet Bibob (wet bevordering integriteit beoordelingen door het openbaar Bestuur) maakt het mogelijk mensen die een vergunning aanvragen te toetsen op integriteit. Als iemand bijvoorbeeld een coffeeshop wil beginnen kan bekeken of hij wel eens over de schreef is gegaan.

 

Versie: augustus 2019

Wat houdt een onderzoek door het CBR in?

Als je een rijbewijs hebt, kan het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) een onderzoek laten doen naar je alcohol- en druggebruik. Doel van het onderzoek is om vast te stellen of je door het gebruik van alcohol of drugs nog wel geschikt bent om te kunnen rijden. Werk je niet mee aan het onderzoek dan wordt je rijbewijs ongeldig.

Het CBR legt een onderzoek op als zij een melding heeft gekregen van de politie. Het onderzoek kost ongeveer duizend euro en moet door de rijbewijshouder betaald worden aan het CBR. Er kan eventueel een betalingsregeling aangevraagd worden.

Wanneer legt het CBR een onderzoek op?

Het CBR legt een onderzoek naar alcoholgebruik op als je:

Bij ervaren bestuurders:

  • wordt aangehouden met 1,8 promille of meer (dit komt overeen met bloedalcoholgehalte van 785).
  • in de laatste 5 jaar minstens 3 keer is aangehouden met alcohol op, waarvan minstens 1 keer met een bloedalcoholgehalte boven 220 µg/l (0,5‰). Of als minstens één keer medewerking is geweigerd aan een alcoholcontrole.

Bij beginnende bestuurders, als deze twee maal binnen een periode van 5-7 jaar:

  • wordt aangehouden met 1,3 promille of meer (dit komt overeen met een bloedalcoholgehalte van 570).
  • in de laatste 5 jaar minstens 3 keer is aangehouden met alcohol op, waarvan minstens 1 keer met een gehalte van 88 µg/l (0,2‰) of meer. Of als minstens één keer medewerking is geweigerd aan een alcoholcontrole.

Wat gebeurt er als het CBR besluit tot een onderzoek?

Als het CBR besluit tot een onderzoek krijg je hier een brief over. Vervolgens moet je het onderzoek betalen. Ook moet je meestal voordat het eigenlijke onderzoek plaatsvindt, een bloedonderzoek laten verrichten. Soms vindt het bloedonderzoek plaats tijdens de keuring; dit staat aangegeven in de brief die je krijgt over de keuringsafspraak.

Wie doet het onderzoek?

Het onderzoek wordt geleid door een speciaal daarvoor opgeleide psychiater.

Waaruit bestaat het onderzoek van het CBR?

Het onderzoek van het CBR bestaat uit:

  • het bloedonderzoek
  • een lichamelijk onderzoek,
  • een psychiatrisch onderzoek.

De drie onderdelen tezamen moeten antwoord geven op de vraag of er sprake is van afhankelijkheid of misbruik van alcohol.

Als het bloedonderzoek voor de keuring moet plaatsvinden, dan moet dit 2 weken voor de keuring zijn. In dit onderzoek worden een aantal waarden in het bloed gemeten. Deze waarden kunnen duiden op overmatig alcoholgebruik. Zie hiervoor de vraag: Onderzoek door het CBR Welke bloedtests worden gebruikt?. In het lichamelijk onderzoek let de psychiater op aanwijzingen voor overmatig alcoholgebruik. In het psychiatrisch onderzoek zal de psychiater nagaan of je alcoholverslaafd bent of alcohol misbruikt.

De psychiater stuurt zijn bevindingen en de resultaten van het bloedonderzoek op naar het CBR. De artsen aldaar stellen de uitslag vast.

Welke uitslag kan het onderzoek hebben?

  • Geschikt, je krijgt je rijbewijs terug.
  • Alcoholafhankelijk of misbruik van alcohol. Gevolg: je rijbewijs wordt ongeldig verklaard. Je bent rij-ongeschikt.

Wat kun je doen als je het niet eens bent met de conclusie van het onderzoek?

Als je het niet eens bent met de beslissing van het CBR, dan kan je binnen twee weken een tweede onderzoek aanvragen. De kosten voor het tweede onderzoek bedragen bijna 700 euro en moet je zelf betalen. Je hebt ook de mogelijkheid om binnen zes weken na het besluit in bezwaar te gaan.

Wat als je in de toekomst opnieuw een rijbewijs wilt?

Als je in de toekomst opnieuw een rijbewijs wilt hebben, zul je opnieuw onderzocht moeten worden. Hieruit zal moeten blijken of je problemen met alcohol zijn opgelost en of je weer rijgeschikt verklaard kunt worden. Als je in het nieuwe onderzoek rijgeschikt wordt verklaard, krijg je een geldig rijbewijs, maar slechts voor 1 jaar. Na een jaar moet het onderzoek opnieuw plaatsvinden. Wordt je dan opnieuw geschikt verklaard, dan mag je 3 jaar rijden. Na 3 jaar moet je weer het onderzoek ondergaan, waarna je 5 jaar mag rijden.

 

Bron: Cbr.nl

Versie: september 2018

Welke bloedtests worden door het CBR gebruikt?

Het CBR gebruikt 4 bloedtesten:

  • ASAT/ALAT
  • GAMMA-GT (GGT)
  • CDT (koolhydraat deficiënt transferine)
  • MCV (mean corpusculair volume)

Deze testen meten onder andere de waarden van bepaalde enzymen (ASAT/ALAT en GAMMA_GT). Enzymen zorgen voor een goede stofwisseling.

ASAT/ALAT (normale waarde 0-45)

De ASAT/ALAT-test meet de mate van leverbeschadiging. ASAT en ALAT zijn enzymen. Een verhoging van het gehalte ASAT/ALAT kan duiden op leverbeschadiging. Leverbeschadiging kan veroorzaakt worden door alcoholgebruik, maar ook door hepatitis, medicijngebruik of een andere leverziekte.

0-45 is de normale waarde voor de ASAT en ALAT. Deze normaal- of referentiewaarden kunnen per laboratorium iets verschillen. Een waarde boven de 45 wordt als afwijkend beschouwd. Daarbij geldt: hoe hoger de waarde, hoe ernstiger de afwijking:

  • 100: iemand drinkt stevig
  • 400: iemand drinkt overmatig
  • 1000: cel-versterving
  • 2000: lever functioneert zo slecht dat acuut ingegrepen moet worden

GAMMA GT (GGT)

De normale waarde voor mannen is 10-40, voor vrouwen 6-25.

Gamma GT is een enzym dat onder andere voorkomt in de lever. Gamma GT geeft de leverschade aan door alcohol, meer dan de waarden op ASAT en ALAT.

Maar de Gamma GT kan ook verhoogd zijn door andere aandoeningen zoals lever- en galziekten of door het gebruik van bepaalde medicijnen. Na een hartinfarct of een herseninfarct kunnen de waarden ook verhoogd zijn.

Met een bloedproef meet men de waarde van Gamma GT. Gamma GT komt bij iedereen in het bloed voor. De normale waarden voor Gamma GT zijn: 10-40 voor mannen en 6-25 voor vrouwen. Afhankelijk van het laboratorium en de methode van onderzoek kunnen de normale waarden iets verschillen.

De Gamma GT is slechts een aanwijzing. Om na te gaan of iemand langdurig te veel drinkt, kan de test op Gamma GT gecombineerd worden met andere testen.

CDT: koolhydraat deficiënt transferine

Het percentage CDT ligt voor mannen en vrouwen op < 2,8 %

De test op het percentage CDT onderzoekt chronisch alcoholisme en meet ook het drankgebruik tot twee weken terug. De CDT-marker (koolhydraat deficiënt transferrine) meet de afwijking in de samenstelling van een eiwit (transferrine) die door alcoholgebruik is ontstaan.

De CDT-marker kan stijgen na twee weken gebruik van 6 glazen alcohol per dag. De halfwaardetijd wordt geschat op 14 tot 17 dagen.

Een eerdere bloedtransfusie en hepatitis B kunnen de test beïnvloeden.

Bij de tegenwoordig meest gebruikte test voor het percentage CDT is de referentiewaarde voor mannen en vrouwen dezelfde, namelijk < 2,8 %.

MCV: Mean corpusculair volume

MCV is de gemiddelde grootte van de rode bloedcel (erytrocyt). Die kan ook verhoogd zijn na langdurig overmatig alcoholgebruik.

Combinatie van testen

Een veel gebruikte combinatie van testen is de combinatie van Gamma-GT, CDT en MCV. Als alle waarden verhoogd zijn, zijn er zeer sterke aanwijzingen voor chronisch overmatig alcoholgebruik.

Het is ook mogelijk dat maar 1 of 2, of zelfs geen, van de waarden verhoogd zijn, terwijl er toch sprake is van chronisch overmatig alcoholgebruik. Daarom is er naast het bloedonderzoek een psychiatrisch onderzoek nodig om vast te stellen of iemand een alcoholprobleem heeft.

 

Versie: november 2014

Hoeveel doden en gewonden vallen er door alcohol in het verkeer?

De SWOV (Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid) heeft een schatting gemaakt van het aandeel ernstig gewonde autobestuurders onder invloed van alcohol (met een promille van 0,5 of meer) in de periode van 1999 tot 2011. Dit aandeel is gedaald van 31,2% in 1999 naar 18,9% in 2011 (1).

De SWOV heeft ook een schatting gedaan van het aantal verkeersdoden dat gerelateerd is aan alcohol, al dan niet in combinatie met drugs. SWOV schat in dat in 2013 11%-24% van de verkeersdoden in Nederland het gevolg is van alcohol. Ook schatten ze in dat er in 2015 75 tot 140 verkeersdoden als gevolg van alcohol (2).

Bronnen

  1. Rijden onder invloed in Nederland in 2002-2011, Ministerie van Infrastructuur & Milieu Rijkswaterstaat, 2011.
  2. SWOV-Factsheet, Rijden onder invloed van alcohol, 2016.

 

Versie: februari 2018

Wat is de speekseltest voor drugs in het verkeer?

Wanneer je onder invloed bent van drugs of medicijnen mag je niet deelnemen aan het verkeer. Als je dat wel doet ben je strafbaar op grond van artikel 8 van de Wegenverkeerswet uit 1994. Door drugs vermindert je concentratie en coördinatie en vermindert je rijvaardigheid. Ook voor middelen die medicinaal worden gebruikt geldt dat je niet mag rijden als het middel je rijvaardigheid beïnvloedt.

Het was lange tijd moeilijk voor politieagenten om aan te tonen dat iemand drugs heeft gebruikt in het verkeer. De politie had de mogelijkheid om een bloedtest af te laten nemen, maar vanwege beperkte praktische toepasbaarheid hiervan gebeurde dit eigenlijk alleen bij incidenten. Vanaf 1 juli 2017 wordt gebruik gemaakt van een speekseltest. Deze test kan naast de blaastest voor alcohol preventief worden ingezet om aan te tonen dat iemand drugs heeft gebruikt in het verkeer.

Speekseltest

Bij de speekseltest wordt er een beetje speeksel van de verdachte afgenomen en hier wordt direct een eenvoudige test op uitgevoerd. Bij een positieve uitslag zal de verdachte mee worden genomen naar het politiebureau voor een bloedonderzoek. De analyse van het bloedonderzoek wordt uitgevoerd door het Nederlands Forensisch Instituut. De uitslag duurt normaal gesproken twee weken. Lees hier wat je kunt doen als je het niet eens bent met het bloedonderzoek: Wat kan ik doen als ik het niet eens ben met de uitslag?

De test toont op basis van bepaalde antilichamen aan of er wel of geen drugs in het bloed zit. Het toont niet aan welke hoeveelheden de gebruiker op heeft en in welke mate diegene onder invloed is. De speekseltest zelf biedt geen juridische basis om iemand te vervolgen, het bloedonderzoek wel. De speekseltest wordt gebruikt als voorselectie-middel of iemand recent drugs heeft gebruikt. Je bent verplicht mee te werken aan de speekseltest wanneer een agent vermoedens heeft dat er sprake is van drugsgebruik. De test kan gecombineerd worden met een psychomotorische test.

Het besluit dat de test zou worden ingevoerd werd al in 2014 door de Eerste Kamer goedgekeurd. Het heeft echter nog lang geduurd voordat de test daadwerkelijk in gebruik kon worden genomen vanwege onenigheid rond de aanbesteding. De test wordt in andere landen al langer gebruikt, zoals in België.

Limieten

De wettelijke limieten voor drugsgebruik in het verkeer zijn bepaald door de Adviescommissie Gedragsgerelateerde Grenswaarden op basis van wetenschappelijke literatuur. De limieten zijn dusdanig vastgesteld dat de mate van beïnvloeding vergelijkbaar is met de limieten die voor alcoholgebruik gelden (0,5 g/L). Lees hier meer over de invloed van alcohol op het rijgedrag.

Heb je meer drugs gebruikt dan de limiet toestaat? Dan mag je niet meer rijden. Doe je dit wel, dan ben je strafbaar. De limieten gelden voor:

Voor het gebruik van een combinatie van drugs, of van drugs en alcohol, gaan zogenaamde nul-limieten gelden. Deze combinaties verstoren de rijvaardigheid in alle gevallen te veel om nog deel te kunnen nemen aan het verkeer. Dit betekent dat je niet meer mag rijden als je verschillende drugs of drugs en alcohol hebt gebruikt.

Lees hier het rapport van de Adviescommissie Gedragsgerelateerde Grenswaarden. Bekijk deze pagina voor meer informatie over hoelang drugs aantoonbaar blijft in het speeksel.

Straffen

Bij een uitslag van het bloedonderzoek boven de wettelijk vastgestelde limiet kan het Openbaar Ministerie (OM) overgaan tot het opleggen van een boete of zelfs een gevangenisstraf eisen. Lees hier meer over handhaving in het verkeer door het Openbaar Ministerie.

Voor rijden onder invloed kan maximaal een boete van de derde categorie (€ 8.200) worden opgelegd of een gevangenisstraf van 3 maanden. Als bijkomende straf kan de rechter een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen. De maximale duur van de ontzegging van de rijbevoegdheid bedraagt 5 jaren. Dit kan bij herhaling oplopen tot maximaal 10 jaren.

Daarnaast kan de politie je bij het CBR aanmelden voor een bestuurlijke maatregel. Dit is meestal een onderzoek naar jouw drugsgebruik en naar jouw eventuele afhankelijkheid van het gebruik van drugs.

Op dit moment werkt de Rijksoverheid aan nieuwe regelgeving. Daarbij wordt het straks mogelijk dat je je rijbewijs kwijtraakt bij 2 veroordelingen binnen 5 jaar voor rijden onder invloed van verschillende drugs of een combinatie van drugs en alcohol.

Als je het niet eens bent met de uitkomst van een alcohol of drugstest kun je een tegenonderzoek laten uitvoeren. Dit onderzoek moet je dan wel zelf betalen. Lees op deze pagina meer over het tegenonderzoek.

Bekijk ook deze pagina voor meer informatie over de straffen bij alcohol in het verkeer.

 

Versie: oktober 2018

Hoelang zijn alcohol of andere drugs aantoonbaar in het lichaam?

Hier kan je alles vinden over de aantoonbaarheid van drugs in het lichaam. Er kan hier informatie gevonden worden over de volgende onderwerpen:

Voor extra toelichting over een middel:

Alcohol, tabak, cannabis, cocaïne, XTC/MDMA, speed/amfetamine, paddo’s, GHB, LSD, heroïne.

Welke drugstesten bestaan er?

Drugs zijn op meerdere manieren aantoonbaar in het lichaam, namelijk via bloed, urine, speeksel en haar.

Urinetest

Drugs worden in het bloed opgenomen. Na afbraak door de lever, en via de nieren, worden de drugs en de metabolieten (afbraakstoffen) in de urine uitgescheiden. Bij een drugstest wordt er meestal gekeken naar de metabolieten van een drug, deze zijn meestal langer terug te vinden dan de drug zelf. Deze stoffen zijn in de urine vaak ook langer aantoonbaar dan in het bloed. Ook is de urinetest relatief goedkoop en geeft deze snel een aardig betrouwbare uitslag. Vandaar dat de urinetest van de verschillende drugstesten het meeste gebruikt wordt.

Speekseltest

Er blijven bij oraal genomen drugs ook altijd restjes in je speeksel zitten, dit verdwijnt echter redelijk snel en is minder betrouwbaar omdat er ook altijd andere restjes in je speeksel zitten die de test kunnen beïnvloeden. De speekseltest kan door de politie gebruikt worden als voorselectiemiddel. Als de politie bij een controle een vermoeden heeft van drugsgebruik kan een speekseltest worden afgenomen. Als deze positief blijkt, dan wordt de gebruiker meegenomen naar het bureau voor een bloedonderzoek. De speekseltest kan niet gebruikt worden als bewijs, het bloedonderzoek wel.

Een uitslag van een test kan aangevochten worden als je het er niet mee eens bent.

Lees op de volgende pagina meer over de speekseltest voor in het verkeer: Wat is de speekseltest voor drugs in het verkeer?

Haartest

In het haar is drugs het langste aantoonbaar. Je haar heeft bloedtoevoer nodig om te groeien, dus als er drugs in je bloed zitten, blijven er restjes te zien in het haar. Als je haar nooit geknipt zou worden kunnen alle drugs aangetoond worden die iemand in zijn leven heeft gebruikt, met een paar centimeter haar kan al tot 3 maanden terug worden gekeken. Hoe langer het haar hoe lastiger aantoonbaar. Meestal houdt men een maximum van een jaar aan dat het aantoonbaar is.

Deze test wordt in Nederland weinig gebruikt. Meestal wordt deze alleen ingezet bij juridische kwesties op laste van een rechter, dus bij een misdrijf bijvoorbeeld. Een haartest is ten opzichte van andere testen vrij duur, dus worden ze alleen gebruikt als andere testen niet voldoende inzicht geven in het gebruik. Daarnaast is er ook een vrij groot sample nodig, je moet dus best veel haar afknippen, dit is niet heel gebruikersvriendelijk. Verder kun je ook geen recent gebruik aantonen. Nieuw haar groeit eerst onder de huid. Na ongeveer 5 dagen groeien deze haren naar buiten en pas dan kan het gebruikt worden om gebruik aan te tonen.

Terug naar top

Waar is de aantoonbaarheid van drugs van afhankelijk?

De aantoonbaarheid van drugs in het lichaam kan behoorlijk variëren. De volgende factoren spelen hierbij een rol:

  • Welke drug is er gebruikt?
  • Hoeveel van de drug is er gebruikt?
  • Welke test wordt er gebruikt?
  • Wat is je fysieke gesteldheid?
  • Hoe snel zet je een stof om in je lichaam?

Het verschilt per drug hoelang deze aantoonbaar is in het lichaam. Dit is ook afhankelijk van de mate van gebruik. Als een drug regelmatig en intensief gebruikt wordt, kan het een stuk langer duren voordat het uit het uit lichaam verdwenen is. Ook is de fysieke gesteldheid van de persoon van invloed. Het metabolisme kan per persoon verschillen en dat zorgt dat een drug bij de ene sneller uit het lichaam is dan bij de ander. Het vetpercentage speelt bijvoorbeeld bij onder andere cannabis een belangrijke rol.

Terug naar top

Kan je een drugstest beïnvloeden?

Er bestaan ideeën dat je door middel van bepaalde trucjes een stof sneller uit je lichaam kan laten verdwijnen. Dit is echter onmogelijk, drugs moeten door je lever afgebroken worden en dit kan je niet versnellen.

Soms proberen mensen ook om de test voor de gek te houden. Deze trucjes werken echter bijna nooit of er zijn manieren om ze te detecteren of uit te sluiten tijdens de test. Er kan bijvoorbeeld gekeken worden naar de mate van verdunning van je urine. Of er kan gekeken worden of de waardes van bepaalde stoffen wel normaal zijn. Er wordt dan vaak gekeken naar de creatine-ratio.

Sommige van de trucjes kunnen levensgevaarlijk zijn, bijvoorbeeld het drinken van extreem veel water of giftige middelen als bleek. Het enige wat echt werkt, is het hebben van schone urine. Er bestaan echter ook manieren of te achterhalen of de urine vers is of niet, bijvoorbeeld door de temperatuur te meten.

Terug naar top

Welke soorten drugs zijn allemaal aantoonbaar?

Alle drugs kunnen in principe gevonden worden door middel van een test als daar specifiek naar gezocht wordt. Dit is echter niet altijd het geval, over het algemeen wordt bij urine- en speekseltesten alleen gezocht naar opiaten (heroïne, morfine), methamfetamine, amfetamine, MDMA (XTC), cannabis, cocaïne en soms benzodiazepinen. Mocht je op een van deze middelen positief getest worden, dan kunnen andere middelen met een bloedtest wel naar boven komen.

Ook is het niet zo dat alle middelen die qua structuur op elkaar lijken op dezelfde manier getest worden. Er wordt vaak gekeken naar het afbraakproduct (metaboliet) van een middel, en deze kan verschillen. Amfetamine en 4-fluoramfetamine lijken bijvoorbeeld chemisch op elkaar, maar hebben een andere metaboliet dus zullen niet dezelfde uitkomst hebben bij een test. Dit betekent niet dat 4-fluoramfetamine nooit herkend wordt, dit is namelijk afhankelijk van de gebruikte analysemethode en of degene die de analyse doet weet waar hij of zij op moet letten. Er zijn gevallen bekend van mensen die na het gebruik van 4-fluoramfetamine positief getest werden op amfetamine. Je kan het dus beter niet gebruiken voor een test.

Er is van veel nieuwe psychoactieve stoffen niet bekend hoelang deze aantoonbaar zijn in het lichaam, dit komt omdat er meestal niet naar gezocht wordt. Echter nogmaals: elke drug kan in het laboratorium gevonden worden als er specifiek naar gezocht wordt.

Terug naar top

Tabel 1: In de tabel zie je hoelang drugs in de urine aantoonbaar zijn. Klik op de links voor meer informatie over het middel. Let op: dit is een globale inschatting, de individuele verschillen kunnen groot zijn.

Alcohol 2 tot 5 dagen
Tabak Tot 2 dagen
Cannabis Tot 5 dagen bij incidenteel gebruik, tot een maand bij frequent gebruik
Cocaïne/coke 2 tot 5 dagen bij incidenteel gebruik, tot 8 dagen bij intensief gebruik
XTC/MDMA 1 tot 3 dagen
Amfetamine/speed 1 tot 4 dagen
4-fluoramfetamine (4-FA/4-FMP) 2 tot 4 dagen
Truffels/Paddo’s 1 tot 2 dagen
GHB Tot 12 uur
Efedra Tot 3 dagen
LSD Tot 2 dagen
Heroïne 2 tot 5 dagen
Morfine 2 tot 3 dagen
Opium 2 tot 3 dagen
Methadon 2 tot 5 dagen
Benzodiazepine (slaap- en kalmeringsmiddelen) 2 tot 4 dagen bij therapeutisch gebruik, bij chronisch gebruik 4 tot 6 weken
Mescaline Tot 72 uur
DMT Tot 72 uur
PCP 2 tot 3 dagen
Khat/qat Tot 3 dagen
Lachgas Niet aantoonbaar
Ketamine 48 uur

Terug naar top

Tabel 2: In de tabel zie je hoelang drugs in het speeksel aantoonbaar zijn. Klik op de links voor meer informatie over het middel. Let op: dit is een globale inschatting, de individuele verschillen kunnen groot zijn.

Cannabis Na 6 tot 8 uur is THC niet meer aan te tonen in speeksel. Als iemand veel blowt en/of een zeer slecht gebit heeft kan dit langer zijn.
XTC
Bij eenmalig slikken: 16-40 uur
Bij 2 x doseren: 19-58 uur
Speed
Bij eenmalige rook/snuif/spuit: 10-20 uur
Bij slikken: 15-25 uur
Bij zwaar gebruik: 16-40 uur
Cocaïne
Eenmalige dosis: 3-4 uur
Zwaar gebruik: enkele uren meer
GHB
Bij recreatief gebruik: gemiddeld zo’n 4 tot 8 uur
Bij zware verslaving: altijd positief
Opiaten
Eenmalige dosis: 5 uur
Chronisch gebruik: 12 tot 15 uur

Terug naar top

Toelichting

Bij de toelichting hieronder wordt bij drugs vaak de term halfwaardetijd gebruikt. Halfwaardetijd is de tijd die het lichaam nodig heeft om de concentratie van een stof in het bloed met de helft te verminderen.

Alcohol: 2 tot 5 dagen

Gemiddeld genomen heeft de lever voor elk glas alcoholhoudende drank anderhalf uur nodig om de alcohol uit het lichaam te verwijderen. Hoe meer je drinkt, hoe langer dit duurt.

Niet alleen de snelheid waarmee de alcohol in het lichaam wordt afgebroken is van belang. De hoeveelheid alcohol in het bloed is ook afhankelijk van geslacht en gewicht. Alcohol verdunt zich namelijk met het lichaamsvocht. Het lichaam van een man bevat gemiddeld aanmerkelijk meer lichaamsvocht dan het lichaam van een vrouw (vrouwen hebben meer vetweefsel) en zijn gemiddeld ook zwaarder. Dus bij mannen komt de alcohol minder hard aan dan bij vrouwen.

Er is een formule waarmee je kunt uitrekenen hoe hoog je alcoholpromillage is op een bepaald moment. Met de formule kun je ook berekenen hoelang het duurt voordat je promillage onder de 0,5 komt.

Alcohol wordt getest door middel van ethylglucuronide (EtG). EtG test de urine op aanwezigheid van de alcoholmetaboliet EtG. Het voordeel van het meten van EtG is dat dit langer aantoonbaar is in de urine dan alcohol. Daarmee is het een nuttige bepaling om gebruik van alcohol vast te stellen. EtG is gedurende 2 tot 5 dagen na alcoholconsumptie aantoonbaar. Dat wil zeggen dat wanneer deze test binnen 5 dagen wordt herhaald, een positieve uitslag nog een restwaarde zou kunnen zijn van eerder gebruik. Indien een test na 5 dagen wordt herhaald en positief is, wijst dit altijd op nieuw gebruik. Indien een test na 2 tot 5 dagen wordt herhaald en de EtG-waarde is positief, maar meer dan 50% gedaald, dan is het mogelijk dat er geen sprake is van nieuw alcoholgebruik. Indien een test na 2 tot 5 dagen wordt herhaald en de EtG-waarde is positief en hoger of minder dan 50% gedaald, dan is het zeer waarschijnlijk dat er sprake is van nieuw alcoholgebruik (1). Er wordt ook vaak gekeken naar het percentage CDT in het bloed bij verdenking op overmatig alcoholgebruik. Kortweg is CDT te beschouwen als een eiwit dat ontstaat bij overmatig alcoholgebruik over een periode van minimaal een week.

Er bestaan tegenwoordig ook andere manieren om je alcoholgebruik te testen. Er wordt dan door middel van laboratoriumtesten gekeken naar je lever (GGT, ALAT). Aan de hand van de schade aan je lever of de verhoudingen van bepaalde enzymen kan bepaald worden wat het drinkgedrag van de desbetreffende persoon is. Op deze manier kan veel verder terug worden gekeken, tot wel 3 maanden. Dit kan bijvoorbeeld ingezet worden bij een verkeersovertreding of om gestopte alcoholisten te checken.

Terug naar top

Tabak: 2 dagen

Nicotine heeft een halfwaardetijd van 1 tot 1,5 uur. Na 6 uur is meeste nicotine verdwenen. Echter, nicotine wordt in het lichaam afgebroken tot cotinine. Cotinine is veel langer aantoonbaar, hier wordt dan ook meestal naar gekeken. Het heeft een halfwaardetijd van 24 uur. Na die tijd zit de helft van de cotinine nog in het bloed. Cotinine is tot 2 dagen na het roken aantoonbaar in de urine .

Cannabis: 1-3 dagen bij incidenteel gebruik, bijna een maand bij chronisch intensief gebruik

Bij cannabis moet je niet alleen kijken naar het bloed, maar ook naar het vetweefsel. Cannabis wordt, nadat het in het bloed terechtkomt, afgegeven aan het vetweefsel. Vervolgens geeft het vetweefsel het weer heel langzaam af aan het bloed. Het zijn dus twee stappen:

  1. Afgifte door het bloed aan het vetweefsel. In deze fase bedraagt de halfwaardetijd 30 minuten.
  2. Afgifte van het vetweefsel aan het bloed. De halfwaardetijd in de tweede fase is, afhankelijk van de mate van gebruik, 2 tot 7 dagen.

De afgifte van cannabis vanuit het vetweefsel naar het bloed gaat dus erg langzaam. THC (de werkzame stof in cannabis) blijft daardoor nog lang in de urine aantoonbaar. Bij zwaar gebruik kan THC nog wel een maand in je urine zichtbaar zijn.

De effecten van cannabis die iemand ervaart, volgen echter een heel ander tijdpad. De effecten ervaar je al na enkele minuten en duren 4 tot 6 uur. Van de afgifte van cannabis door het vetweefsel merkt iemand niets.

Terug naar top

Cocaïne: 2-5 dagen bij incidenteel gebruik, 8 dagen bij intensief gebruik

De halfwaardetijd van cocaïne of coke is ongeveer 1 uur. Dat wil zeggen dat na 1 uur de helft van de cocaïne uit het bloed verdwenen is. De hoogste concentratie cocaïne wordt na 1 uur bereikt, dus 2 uur na inname is ongeveer de helft verdwenen. 5 uur na inname is de cocaïne voor 98% uit het bloed verdwenen. Cocaïne wordt in het lichaam afgebroken door de lever. Dit gebeurt met een snelheid van 30 tot 40 milligram per uur. Bij afbraak wordt de cocaïne omgezet in een aantal andere stoffen. Deze afbraakstoffen (metabolieten) zitten veel langer in het lichaam.

Bij een eventuele test op cocaïne, onderzoekt men of deze afbraakstoffen in de urine zitten. De afbraakstoffen zijn, afhankelijk van het type test en de mate van gebruik, tot maximaal 8 dagen aantoonbaar.

De effecten van cocaïne die iemand ervaart, volgen echter een heel ander tijdpad. De cocaïne komt via het slijmvlies in het bloed. De eerste 20 minuten stijgt de concentratie van de cocaïne heel snel. Na 1 uur is de concentratie maximaal en daarna neemt ze geleidelijk af. De psychische effecten van coke voel je vooral in het eerste halfuur. De effecten treden namelijk vooral op in de periode waarin de concentratie van coke in het bloed het snelst verandert.

Terug naar top

XTC/MDMA: tot 3 dagen

MDMA is de werkzame stof in XTC. Na 0,5 uur is MDMA aantoonbaar in het bloed. De effecten duren zo’n 4 tot 6 uur. Ongeveer 50% wordt onveranderd via de lever afgebroken en de rest wordt als afbraakstof via de urine uitgescheiden. De concentratie van MDMA in het bloed komt overigens niet helemaal overeen met de effecten die iemand ervaart. De halfwaardetijd van MDMA bedraagt ongeveer 8 uur. Bij een test op MDMA onderzoekt men of er afbraakstoffen in de urine zitten. Deze afbraakstoffen zijn, afhankelijk van het type test, tot 3 dagen aantoonbaar.

Terug naar top

Amfetamine/speed: 1-4 dagen

Amfetamine wordt meestal geslikt of gesnoven. De effecten duren zo’n 4 tot 8 uur. De stof wordt voor ongeveer de helft onveranderd via de urine uitgescheiden. De rest wordt door de lever afgebroken.

De halfwaardetijd van amfetamine bedraagt (afhankelijk van de zuurgraad van de urine) 8 tot 20 uur. De concentratie van amfetamine in het bloed komt niet helemaal overeen met de effecten die de gebruiker ervaart. Bij een test op amfetamine onderzoekt men of er afbraakstoffen in de urine zitten. Deze afbraakstoffen zijn, afhankelijk van het type test, tot 1 tot 4 dagen aantoonbaar.

Amfetamine is in het bloed tot maximaal 72 uur aantoonbaar.

Terug naar top

Paddo’s: 1 tot 2 dagen

De tijd dat paddenstoelen aantoonbaar zijn, bedraagt 24 tot 48 uur.

Psilocine en psilocybine zijn kortwerkende, instabiele stoffen die in lage doseringen in het bloed terechtkomen. De aantoonbaarheid van paddo’s hangt af van de analysemethode. De aantoonbaarheid zal echter niet langer zijn dan tot maximaal 48 uur. De meeste drugs testen zullen echter niet op paddo’s testen. Dit gebeurt alleen wanneer er sprake is van een intoxicatie.

Terug naar top

GHB: 12 uur

De halfwaardetijd van GHB is 30 tot 60 minuten. Er zal altijd iets van GHB in het lichaam te meten zijn, want GHB is een lichaamseigen stof. De afbraak van GHB is echter afhankelijk van het metabolisme van de gebruiker en de genomen hoeveelheid. Het zal maximaal 8 uur duren voordat het niet meer in het bloed zichtbaar is en 12 uur voor urine. GHB is relatief snel uit het lichaam verdwenen. Er wordt alleen op GHB getest als er sprake is van een acute vergiftiging. Een aantal metabolieten zijn langer zichtbaar in het lichaam, het is erg duur om dat te testen en dat gebeurt alleen in specifieke gevallen.

Terug naar top

LSD: tot 48 uur

LSD is, afhankelijk van de dosering, tot 48 uur na gebruik aantoonbaar in de urine. Het is niet mogelijk om iets te zeggen over de aantoonbaarheid van LSD in het bloed. In het laboratorium moeten daar aparte analyses voor uitgevoerd worden, omdat de uitkomsten afhankelijk zijn van specifieke kenmerken van de gebruiker.

Terug naar top

Heroïne: tot 5 dagen

Gebruikers chinezen of spuiten de heroïne. Bij chinezen wordt de heroïne op aluminiumfolie gelegd en verhit. De heroïnedampen worden via een kokertje geïnhaleerd. Het middel komt bij chinezen en spuiten snel in het bloed terecht. Een klein gedeelte passeert de bloedhersenbarrière, waarna het middel in de hersenen zijn werking kan doen. De effecten van heroïne duren zo’n 4 tot 6 uur.

De heroïne wordt afgebroken in allerlei stoffen die op zich ook nog effect hebben. De concentratie van de werkzame stoffen in het bloed komt overigens niet helemaal overeen met de effecten die de gebruiker ervaart.

De halfwaardetijd van heroïne is enkele minuten. Een van de afbraakproducten van heroïne is morfine. De halfwaardetijd van morfine is 2 uur. Bij een eventuele test op heroïne onderzoekt men of er afbraakstoffen in de urine zitten. Deze afbraakstoffen zijn, afhankelijk van het type test, tot 5 dagen aantoonbaar.

Terug naar top

 

Bron:

  1. www.atalmedial.nl
  2. www.drugsinfo.nl

 

Versie: juli 2020

ISO 9001 HKZ

Disclaimer | Privacy- en Cookiebeleid | © 2020 Jellinek - Alle rechten voorbehouden | Realisatie: Lemon

Arkin