Medicijnen en alcohol of andere drugs kunnen elkaars werking versterken of juist verminderen. Als het ene middel het andere middel op deze manier beïnvloedt, noemen we dat ook wel een interactie.
ADHD-medicatie heeft verschillende interacties met XTC (MDMA). Maar drugs kunnen ook op een indirecte manier gevolgen hebben voor het effect van medicijnen. Als het gebruik bijvoorbeeld zorgt voor slaaptekort, maaltijden overslaan of het vergeten of niet volgens voorschrift innemen van jouw medicatie, kan dit onverwachte gevolgen hebben [5].
Mensen met ADHD moeten extra voorzichtig zijn met het gebruik van drugs. Mensen met ADHD zijn namelijk gevoeliger voor verslavingen. In vergelijking met niet-ADHD'ers is er een verhoogde kans op verslaving.
Interacties ADHD en XTC/MDMA
XTC heeft een opwekkend (stimulerend) effect. Het zorgt ervoor dat je bloeddruk omhoog gaat, je pupillen groter worden en je hard sneller gaat kloppen.
ADHD-medicatie heeft ook een opwekkend effect. Gebruik van meerdere stimulerende middelen tegelijkertijd, zoals dus XTC en ADHD medicatie, brengt risico's met zich mee. De bijwerkingen die XTC van zichzelf al heeft, worden versterkt, zoals dus de stijging van de bloeddruk en hartslag. Hoe erg het wordt versterkt is afhankelijk van de dosering van beide middelen.
Als je toch XTC wilt gebruiken in combinatie met ADHD-medicatie, gebruik het dan gematigd en in lage hoeveelheden. Zo beperk je de bijwerkingen en schadelijke effecten [8].
Methylfenidaat, dexamfetamine en lisdexamfetamine en stimulerende drugs versterken elkaars werking. Omdat beide middelen inwerken op het dopaminesysteem, kan het tot overstimulatie van het centrale zenuwstelsel leiden [8].
ADHD in het algemeen
ADHD is een psychische stoornis. Het staat voor Attention-Deficit Hyperactivity Disorder (aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit).
De klachten beginnen meestal in de kindertijd en hebben te maken met aandacht, druk gedrag en impulsiviteit. ADHD kan er ook zijn zonder duidelijke hyperactiviteit. Dit wordt tegenwoordig niet meer ADD genoemd, maar een type ADHD waarbij vooral aandachtsproblemen op de voorgrond staan.
ADHD ontstaat tijdens de ontwikkeling van de hersenen en is vaak al van jongs af aan aanwezig. Het komt veel voor bij kinderen, maar ook bij volwassenen. Bij sommige mensen nemen de klachten af met de leeftijd, maar meestal verdwijnen ze niet helemaal.
Mensen met ADHD voelen te veel prikkels [2]. Hierdoor krijgt iemand last van slechte concentratie, impulsief gedrag, drang om veel te bewegen en een gevoel van onrust [3]. Soms voelt iemand met ADHD ook angst, somberheid of agressie. Hoe goed iemand het op school of werk doet, wordt meestal negatief beïnvloed door ADHD.
ADHD-medicatie
Meestal wordt bij ADHD als eerste het medicijn methylfenidaat voorgeschreven. Werkt dit niet voldoende, dan wordt meestal een ander middel voorgeschreven.
Methylfenidaat (Ritalin®, Concerta® en Equasym XL®) [5]
Methylfenidaat hoort bij de psychostimulerende middelen. Dit zijn middelen die een stimulerend effect hebben op de hersenen. Het valt onder de opiumwet. Methylfenidaat zorgt voor meer dopamine in de hersenen. Dopamine is verantwoordelijk voor gevoelens van genot en voldoening.
Ritalin heeft een werkingsduur van 3-5 uur, Medikinet CR en Equasym XL 8 uur en Concerta 12 uur [1].
Mogelijke bijwerkingen: onrust, hoofdpijn, huidreacties, maagpijn, tics, duizeligheid, verminderde eetlust en slapeloosheid [1, 6]
Atomoxetine (Strattera®) [5]
Atomoxetine valt onder de categorie centraal werkende sympathicomimetica. Simpeler gezegd zijn dat middelen die een stimulerende werking hebben op het zenuwstelsel dat de werking van allerlei autonome organen beïnvloedt.
Atomoxetine beïnvloedt de hoeveelheid noradrenaline in het brein. Noradrenaline is een stofje dat het brein zelf maakt. Het geeft energie en laat het hart bijvoorbeeld sneller kloppen. Noradrenaline is ook belangrijk voor het vasthouden van de aandacht. Omdat atomoxetine 24 uur werkzaam is, hoeft het maar één keer per dag ingenomen te worden [1].
Mogelijke bijwerkingen: braken, misselijkheid, droge mond, geïrriteerdheid, vermoeidheid, verminderde eetlust, slaperigheid en overmatig zweten [1, 6]
Dexamfetamine (Amfexa®) en lisdexamfetamine (Elvanse®)
Dexamfetamine en lisdexamfetamine horen bij de psychostimulerende middelen. Dit zijn middelen die een stimulerend effect hebben op de hersenen. Ze vallen onder de opiumwet. Dexamfetamine en lisdexamfetamine zorgen beide voor meer dopamine in de hersenen. Dopamine is verantwoordelijk voor gevoelens van genot en voldoening.
Dexamfetamine heeft een werkingsduur van 4-24 uur. Meestal wordt het 3x per dag geslikt.
Mogelijke bijwerkingen: verminderde eetlust, nerveuze gevoelens, slapeloosheid, angst, euforie, hoofdpijn, hartkloppingen/hartaandoeningen, verhoogde bloeddruk, misselijkheid, droge mond, prikkelbaarheid, verminderd libido, spier- of gewrichtspijn en huiduitslag [1]
Bronnen ADHD
- Farmacotherapeutisch Kompas. Onafhankelijke geneesmiddelinformatie voor professionals in de zorg. (2013).
- Wikipedia, de vrije encyclopedie (2008). ADHD. (3Nov.2008).
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (2008). ADHD. (4Nov.2008).
- Nederlands Huisartsen Genootschap (2006). NHG-ziektebeschrijvingen: ADHD. (4Nov.2008).
- Beysens, A.J.M.M. & Lenderink, A.W. (2003). Geneesmiddeleninformatie. Maarssen: Elsevier gezondheidszorg.
- Bijl, D. (2006). Atomoxetine (Strattera®), behandeling ADHD. Geneesmiddelenbulletin, 40:104-105.
- Alcoholinfo.nl (2007). Ritalin en alcohol. (4Nov.2008).
- Van Grinsven, M.C.J. (2007). Scriptie: toppunt van genot. Utrecht: Trimbos Instituut.
- Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (2007). Informatorium Medicamentorum. ’s Gravenhage: WINap
- College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (2005). Ritalin. (5Nov.2008).
- De Wit, R. & Sijes, M. (z.d.). Alle vragen en antwoorden. (4Nov.2008). https://www.drugsinfoteam.nl
- de Meijer, M. (2007). Scriptie: interacties tussen methylfenidaat en stimulerende drugs. Utrecht: Trimbos Instituut.
- Foltin RW,Fischman MW, “The Effects of Combinations of Intranasal Cocaine, Smoked Marijuana, and Task Performance on Heart Rate and Blood Pressure,” Pharmacol Biochem Behav, 1990, 36:311-5.