Justitiële Verslavingszorg (JVZ) bij InforsaJustitiële Verslavingszorg (JVz) biedt reclasseringsprogramma's voor mensen die - mede door problemen met middelgebruik of gokken - een strafbaar feit hebben gepleegd of daarvan worden verdacht. Tijdens het strafproces zorgt JVZ ervoor dat er rekening wordt gehouden met persoonlijke omstandigheden. Daarnaast helpt JVz herhaling te voorkomen en terugkeer naar de maatschappij te vergemakkelijken.
JVz hoort tegenwoordig bij Inforsa. Inforsa is net als Jellinek een onderdeel van Arkin. Inforsa biedt behandeling, begeleiding en reclasseringsprogramma's voor volwassenen met complexe meervoudige problemen op psychiatrisch en forensisch gebied.
Inforsa Klik hier voor meer info over Inforsa, waarvan JVz onderdeel is |
Adres Justiële verslavingszorg (JVZ)JVz Amsterdam Keizersgracht 572 1017 EM Amsterdam Telefoon: 020 - 59 05 800 Open inloopspreekuur: 09.00 - 12.00 uur JVz Hilversum Noordse Bosje 43 Postbus 1194 Telefoon: 035 - 62 22 911 In Hilversum kun u alleen op afspraak terecht |
Activiteiten Justitiële Verslavingszorg bij Inforsa
Een deel van de verslaafden krijgt problemen met politie of justitie. JVz rapporteert in opdracht van Justitie over de achtergronden en motieven van de verdachte/dader. Justitie gebruikt die gegevens bij het bepalen van de straf en bij de beslissing of een combinatie van hulp en straf mogelijk is. Is dat het geval dan houdt JVz toezicht op de naleving hiervan. JVz heeft de volgende taken:
- Vroeghulp op het politiebureau of in een huis van bewaring.
- Rapportage
- Toezicht of afspraken mbt hulpverlening worden nageleefd.
- Begeleiding om verslavingsgedrag onder controle te krijgen
- Toezicht op de uitvoering van werkstraffen.
Bij vroeghulp wordt een gearresteerde in het politiebureau of in het huis van bewaring bezocht door de reclassering.
Er wordt dan onder andere bekeken of hulpverlening mogelijk is. In samenspraak met de rechter-commissaris* kan er tijdens de eerste periode van detentie een plan voor hulpverlening gemaakt worden.
De rechter-commissaris kan de voorlopige hechtenis dan schorsen. Zo'n plan voor hulpverlening heet dan een vroeghulpinterventie.
* zie voor de taak van de rechter-commissaris de vraag in het blok hieronder: "wat gebeurt er tussen mijn aanhouding en voorgeleiding voor de rechter"
Na arrestatie moet de verdachte binnen 3 dagen voorgeleid worden aan de Rechter-commissaris.
Deze kan beslissen tot inbewaringstelling.
De periode van inbewaringstelling duurt maximaal 14 dagen.
Daarna kan iemand nog tot maximaal 90 dagen vastgehouden worden.
In die periode van 90 dagen moet de zaak voorkomen voor de rechter.
Al die tijd kan de JVz proberen een hulpverleningstraject op gang te brengen.*
Zie hiervoor de vraag in het volgende blok:
Wat gebeurt er tussen mijn arrestatie en voorgeleiding voor de rechter.
Wie vragen een Voorlichtingsrapport aan?
Onder meer de Officier van Justitie en de Rechter-commissaris kunnen JVz verzoeken om een voorlichtingsrapport op te maken.
Dit rapport gaat dan over de achtergronden van de verdachte, de kans op terugval in crimineel gedrag en op de motivatie om iets aan de problemen te doen. JVz adviseert in het rapport over de mogelijkheden tot hulpverlening en over hoe de JVz hierop toezicht kan houden. In samenspraak met de Rechter-commissaris kunnen hierover afspraken gemaakt worden en kan de voorlopige hechtenis geschorst worden, onder de voorwaarde dat hulp aanvaard wordt
Ook andere partijen kunnen om een voorlichtingsrapport vragen, zoals de rechtbank en functionarissen binnen het gevangeniswezen.
Diagnose
In de voorlichtingsrapporten kan gebruik gemaakt worden van een aantal diagnostische instrumenten zoals de QuickScan en de RISC.
Dit zijn diagnostische instrumenten die de JVz de mogelijkheid geven om in te schatten hoe groot de kans is op terugval en hoe groot de motivatie is om hulpverlening te zoeken en om het gedrag te veranderen.
Overige rapporten
Behalve voorlichtrapportages kunnen, in opdracht van Justitie, ook nog andere rapportages aan de JVz gevraagd worden, zoals het adviesrapport en het Maatregelrapport .
In het advies rapport wordt JVz om advies gevraagd naar aanleiding van een specifieke vraag, bijvoorbeeld een verzoek om gratie.
Een Maatregelrapport wordt uitgebracht bij een TBS.
In het rapport gaat het erom hoe JVz inhoud kan geven aan het toezicht op de begeleiding.
Duidelijk moet worden of de persoon te begeleiden is en of de risico's te beperken zijn.
De rechter (-commissaris) kan aan een verslaafde opleggen dat hij/zij zich moet houden aan bepaalde voorwaarden en aan de aanwijzingen van JVz.
Een voorwaarde kan bijvoorbeeld zijn: het moeten volgen van een programma om de verslavingsproblemen onder controle te krijgen.
De voorwaarden voor het aanvaarden van hulp en het verplichte contact met JVz komen dan in de plaats van de gevangenisstraf. Bij het niet nakomen van de afspraken wordt de straf alsnog ten uitvoering gebracht.
Het verplichtende karakter van het toezicht en het kontakt met de JVz biedt JVz de mogelijkheid om de verslaafde te motiveren en zijn gedrag te veranderen.
JVz stimuleert de verslaafde om werk te maken van het onder controle krijgen van de verslaving, bijvoorbeeld door het volgen van een training of een een behandeling.
DE Jvz behandelt niet zelf.
Waar nodig wordt de verdachte/veroordeelde doorverwezen naar andere afdelingen binnen de Jellinek of andere instanties. Wel biedt JVz een aantal trainingen aan nl:
De Korte Leeftstijltraning voor Justitiabelen.
De korte leefstijltraining is een programma van 15 groepsbijeenkomsten.
In het programma is er aandacht voor verslavingsproblemen en crimineel gedrag.
De Leefstijltraining voor Justitiabelen.
Dit is een programma van 21 groepsbijeenkomsten.
In het programma staan zowel het plegen van het delict as de rol van het middelengebruik centraal.
Bedoeling is dat de verslaafde begrijpt welke stappen (bijvoorbeeld gebruik of boos worden) voorafgaan aan het plegen van een delict, zodat hij/zij in de toekomst het plegen van een delict weet te voorkomen.
De taakstraf Alcohol & Delinquentie
Vaak speelt overmatig alcoholgebruik een rol bij agressie en huiselijk geweld.
In dit programma leert de verslaafde zijn/haar alcoholgebruik onder controle te krijgen.
Dit gebeurt door de ontwikkeling van motivatie om te veranderen en vergroting van kennis en inzicht.
De VBA
De Verslavings Afdeling (VBA) is een speciale afdeling binnen Het Huis van Bewaring.
De verslaafde verblijft dan in een relatief beschermde omgeving.
Tijdens het verblijf wordt hem een programma aangeboden waarin hij zich kan richten op terugkeer in de samenleving.
In plaats van een geldboete of celstraf kan de rechter iemand veroordelen tot een taakstraf.
Een taakstraf bedraagt maximaal 480 uur.
De veroordeelde moet zijn taakstraf in zijn vrije tijd uitvoeren.
De JVz coördineert en begeleidt de uitvoering van de taakstraffen en rapporteert over het verloop aan de rechtbank. Als iemand de opgelegde taakstraf niet goed uitvoert gaat hij/zij alsnog naar de gevangenis.
Er zijn twee soorten taakstraffen:
1. Een werkstraf
Een werkstraf bestaat uit onbetaald werk voor bijvoorbeeld gemeenten, ziekenhuizen of boswachterijen.
2. Een leerstraf.
Bij een leerstraf gaat het om het aanleren van vaardigheden of het krijgen van inzicht om nieuwe delicten te voorkomen.
Een leerstraf bestaat uit groepsbijeenkomsten, vaak in combinatie met individuele gesprekken.
In samenwerking met de kinderbescherming voert JVz de jongerenleerstraf "Middel en Delict" uit. Deze leerstraf is bedoeld voor jongeren tussen 12 en 18 jaar, die frequent gebruiken en een delict hebben gepleegd. Ook ouders en opvoeders worden bij dit programma betrokken.
Wanneer een bestuurder met een te hoog alcoholpromillage door de politie wordt aangehouden kan deze persoon de EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) of de LEMA (Lichte Maatregel Alcohol en verkeer) opgelegd krijgen door de Divisie Vorderingen van het CBR.
De hoogte van het promillage en de periode waarin men over het rijbewijs beschikt, bepaalt welke cursus betrokkene moet volgen om over het rijbewijs te kunnen blijven beschikken.
Bij onverantwoord rijgedrag kan iemand de EMG (Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer) opgelegd krijgen.
Betrokkene wordt door het CBR aangemeld bij een Instelling voor Verslavingszorg in zijn of haar regio. De afdeling EMA, LEMA en EMG van JVz verzorgt deze cursussen voor de regio Amsterdam en het Gooi.
U dient de cursus zelf te betalen.
Per 1-1-2009 is dat
€362 voor de LEMA
€696 voor de EMA en
€774 voor de EMG.
Indien u zich niet aan de cursusafspraken houdt, bijvoorbeeld in geval van niet verschijnen, loopt u de kans dat het CBR uw rijbewijs ongeldig verklaart
Klik hier voor meer info over de vorderingsprocedure
LEMA
De LEMA is uitsluitend bedoeld voor beginnende bestuurders bij wie een bloed- of ademalcoholgehalte is geconstateerd tussen 0,5‰ en 0,8‰ (tussen 220 ug/l en 350 ug/l). De meeste beginnende bestuurders zijn jonger dan 25 jaar.
De LEMA behandelt de risico's van alcoholgebruik in het verkeer. De cursus is verplicht: bij weigering wordt het rijbewijs ongeldig verklaard.
Het gaat hier om een korte cursus van twee bijeenkomsten van 3,5 uur. Tussen de twee bijeenkomsten zit een week waarin deelnemers thuis aan de slag gaan met de informatie uit de eerste bijeenkomst.
Voor meer info klik hier.
EMA
De EMA is bedoeld voor bestuurders bij wie een bloed- of ademalcoholgehalte is geconstateerd tussen tussen de 1,3 en 1,8. Voor de beginnende bestuurder geldt een promillage van 0,8. Bij een promillage vanaf 1,8 wordt een bestuurder naar een psychiater gestuurd voor een onderzoek.
De EMA is een driedaagse cursus met veel aandacht voor alcohol en verkeersdeelname. De cursus bestaat uit een voorgesprek en drie doordeweekse cursusdagen. In de cursus wordt duidelijk gemaakt wat alcohol doet in het lichaam en welke effecten dit heeft op het rijgedrag. Ook wordt stilgestaan bij de ernstige gevolgen van alcoholgebruik in het verkeer. Het meewerken aan de EMA is verplicht: bij weigering wordt het rijbewijs ongeldig verklaard.
Voor meer info klik hier
EMG
De Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG) is een driedaagse cursus die wordt opgelegd aan bestuurders die de verkeersregels herhaaldelijk in ernstige mate overtreden. Wanneer bestuurders zich schuldig maken aan bewust risicovol verkeersgedrag (bijvoorbeeld snijden, veel te hard rijden of bumper kleven), volgt de verplichting om op eigen kosten een meerdaagse cursus te volgen.
Voor meer info klik hier
In het huis van bewaring in Amsterdam werken reclasseringsmedewerkers. Zij kunnen u begeleiden tijdens uw (voorlopige) hechtenis.
Vragen
Dit Vragen-blok geeft antwoorden op een aantal veel gestelde vragen.
Het tabblad "Wat gebeurt er tussen arrestatie en het voorkomen voor de rechter" gaat in op de verschillende perioden waarin uw zaak behandeld wordt.
Bij de aanhouding en de uiteindelijke voorgeleiding voor de rechter zijn verschillende personen betrokken, zoals de (hulp)officier van Justitie, de rechter-commissaris en de raadkamer.
Vast staat dat uw zaak binnen 3 dagen voorgelegd moet worden aan de Rechter-commissaris (dit mag 1 x met 3 dagen verlengd worden); binnen 14 dagen aan de raadkamer en binnen 90 dagen voor de rechter.
De periodes van 3, 14 en 90 dagen worden inverzekeringstelling, inbewaringstelling en gevangenhouding genoemd.
Hieronder gaan we in op de verschillende perioden.
Aanhouding: maximaal 6 uur
Als de politie u arresteert mag zij u maximaal 6 uur vasthouden. (Nachtelijke uren tussen 12 en 9.00 worden niet meegerekend).
De hulpofficier van Justitie beslist of u vastgehouden mag worden.
Inverzekeringstelling: 3 dagen
Als de politie meer tijd nodig heeft voor het onderzoek kan de hulpofficier besluiten u voor maximaal 3 dagen in verzekering te stellen.
Binnen deze periode moet u voorgeleid worden aan de rechter-commissaris.
De Rechter-commissaris toetst of de aanhouding en inverzekeringstelling juist is.
Is het onjuist dan wordt u vrijgelaten.
Is het juist dan kan de inverzekeringstelling verlengt worden met nog eens 3 dagen.
Inbewaringstelling: maximaal 14 dagen
De Officier van Justitie kan aan de Rechter Commissaris vragen u in bewaring te stellen.
Dit kan voor een periode van maximaal 14 dagen.
Bij een inbewaringstelling moet er een zwaarwegende verdenking zijn dat u een strafbaar feit heeft gepleegd.
De inbewaringstelling vindt plaats in het politiebureau of in het Huis van bewaring.
Gevangenhouding: maximaal 90 dagen.
Na 14 dagen eindigt de inbewaringstelling.
Vindt de officier van Justitie dat u langer vast moet zitten dan kan hij een bevel tot gevangenhouding vragen.
Hierover beslist niet de Rechter-commissaris maar de Raadkamer van de Rechtbank.
De Raadkamer bestaat uit 3 rechters.
De inbewaringstelling en gevangenhouding worden samen ook wel de de voorlopige hechtenis genoemd.
Gevangenisstraf
Binnen de termijn van 90 dagen moet uw zaak door de Rechtbank worden behandeld.
Dat hoeft niet altijd een inhoudelijke behandeling zijn.
Het kan ook een zogenaamde pro-forma zitting zijn waarbij de zaak wordt aangehouden en uw gevangenhouding wordt verlengt.
Dit kan echter niet onbeperkt.
Uw zaak moet binnen een redelijke termijn inhoudelijk behandeld worden door de rechter.
Deze kan uiteindelijk een gevangenisstraf opleggen.
Bij een gevangnisstraf wordt u voor een bepaalde tijd opgesloten in een gevangenis.
Ja dat kan.
Uit onderzoek is gebleken dat een combinatie van straf en hulp de beste manier is om terugval in crimineel gedrag te voorkomen.
Justitie wil daarom graag met u afspraken maken over het volgen van hulp om uw verslavingsgedrag onder controle te krijgen.
Een Voorlopige hechtenis mag maximaal 90 dagen duren.
In die periode moet uw zaak voorkomen voor de rechter.
In de eerste 90 dagen zijn 3 perioden te onderscheiden:
- de inverzekeringstelling (maximaal 6 dagen)
- de inbewaringstelling genoemd (maximaal 14 dagen) en
- de ingevangenhouding (maximaal 90 dagen).
De laatste 2 perioden samen wordt voorlopige hechtenis genoemd.
Over de inverzekeringstelling beslist de officier van Justitie, over de inbewaringstelling de Rechter-commissaris en over de ingevangenhouding de Raadkamer.
Schorsing
Tijdens de periode van 90 dagen kan besloten worden tot schorsing.
Meestal zal dit gebeuren na een Voorlichtingsrapportage van de JVz, waarin uw achtergronden worden weergegeven en uw motivatie om hulp te zoeken wordt ingeschat.
Als voorwaarde voor de schorsing wordt dan vaak opgelegd dat u hulp ondergaat en dat u verplicht contact onderhoudt met JVz. De JVz kan in die periode uw motivatie ontwikkelen en toezicht houden op het volgen van hulp.
Houdt u zich niet aan de voorwaarden dan krijgt u alsnog gevangenisstraf.
Veelplegers zijn mensen die veelvuldig strafbare feiten begaan. Vaak zijn het mensen die veel drugs of alcohol gebruiken en/of psychische problemen hebben.
Het gaat meestal om kleine vergrijpen zoals winkeldiefstal, bedreigingen, vernielingen en autokraken.
In Nederland zijn er zo'n 18.000 tot 19.000 veelplegers. Gemiddeld hebben zij meer dan 10 processen-verbaal op hun naam.
De groep veelplegers is verantwoordelijk voor 20% van alle criminaliteit.
De kans op terugval na arrestatie is enorm. 95% valt weer terug in criminaliteit.
Alleen door een goede combinatie van straf en hulp valt de recidivekans te verkleinen. JVz speelt hierin een belangrijke rol.
JVz beheert uw dossiers.
De gegevens zijn alleen toegankelijk voor medewerkers van JVz.
U kunt schriftelijk verzoeken om inzage in uw dossier. Informatie tussen justitiële instellingen onderling mag vrij worden uitgewisseld, maar informatieverstrekking aan derden gebeurt uitsluitend met uw schriftelijke toestemming tenzij er wettelijke redenen zijn om hiervan af te wijken.
Klachtenregeling
JVz moet zich houden aan de gemaakte afspraken.
Als u een klacht heeft, bespreekt u dit eerst met uw reclasseringswerker.
Als dit niet voldoet kunt u zich schriftelijk wenden tot de leidinggevende.
Die neemt zo spoedig mogelijk contact met u op om een afspraak te maken.
Als de klacht blijft bestaan, kunt u een klacht indienen bij:
De Klachtencommissie Reclassering (secretariaat), Postbus 8215, 3503 RE Utrecht.


